Procenten (reeks 2)

Hoofdmenu Eentje per keer 

Reken uit

  1. \(\)De fuif trok vorig jaar 233 bezoekers. Dit jaar zijn het er 15% minder. Hoeveel bedraagt het verschil tussen beide jaren?\(\)
  2. \(\)Vorige week waren er 354 besmettingen, deze week 30% minder. Met hoeveel besmettingen zakken we deze week?\(\)
  3. \(\)De fuif trok vorig jaar 704 bezoekers. Dit jaar zijn het er 5% minder. Hoeveel bedraagt het verschil tussen beide jaren?\(\)
  4. \(\)De fuif trok vorig jaar 804 bezoekers. Dit jaar zijn het er 20% minder. Hoeveel bedraagt het verschil tussen beide jaren?\(\)
  5. \(\)Je wint bij een kansspel 60% bovenop je inzet van € 264. Hoeveel krijg je bovenop je inzet?\(\)
  6. \(\)Je kocht cryptomunten ter waarde van €140. Ze stegen 50% in waarde. Hoeveel bedraagt je winst?\(\)
  7. \(\)Je wint bij een kansspel 10% bovenop je inzet van € 223. Hoeveel krijg je bovenop je inzet?\(\)
  8. \(\)Je krijgt 15% korting op een aankoop van € 582. Hoeveel betaal je minder?\(\)
  9. \(\)De fuif trok vorig jaar 790 bezoekers. Nu zijn het er 30% meer. Hoeveel bezoekers zijn er bij gekomen tegenover vorig jaar?\(\)
  10. \(\)Je wint bij een kansspel 35% bovenop je inzet van € 991. Hoeveel krijg je bovenop je inzet?\(\)
  11. \(\)Je krijgt 70% korting op een aankoop van € 900. Hoeveel betaal je minder?\(\)
  12. \(\)Je kocht cryptomunten ter waarde van €583. Ze stegen 65% in waarde. Hoeveel bedraagt je winst?\(\)

Reken uit

Verbetersleutel

  1. \(233\times 15\%=34{,}95\approx 35\)
  2. \(354\times 30\%=106{,}2\approx 106\)
  3. \(704\times 5\%=35{,}2\approx 35\)
  4. \(804\times 20\%=160{,}8\approx 161\)
  5. \(264\times 60\%=158{,}4\approx 158\)
  6. \(140\times 50\%=70\)
  7. \(223\times 10\%=22{,}3\approx 22\)
  8. \(582\times 15\%=87{,}3\approx 87\)
  9. \(790\times 30\%=237\)
  10. \(991\times 35\%=346{,}85\approx 347\)
  11. \(900\times 70\%=630\)
  12. \(583\times 65\%=378{,}95\approx 379\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-21 10:06:09
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen