Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Wouter heeft 23 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 80 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 56 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 217 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  3. \(\text{Mohamed heeft 55 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 328 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  4. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  5. \(\text{Maxim heeft 60 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 304 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  6. \(\text{Maxim heeft 41 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 312 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  7. \(\text{Wouter heeft 29 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 224 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  8. \(\text{Sarah gaat 5 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 12.5 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  9. \(\text{Mila heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 76 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
  10. \(\text{Loubna gaat 6 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 24 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  11. \(\text{Ayman heeft 33 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 156 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  12. \(\text{Ayman heeft 31 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 124 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Wouter heeft 23 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 80 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 23 = 80 \\ \Leftrightarrow x = 80 + 23 = 103 \\ \text{Wouter had 103 euro}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 56 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 217 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 56 = 217 \\ \Leftrightarrow x = 217 + 56 = 273 \\ \text{Mohamed had 273 euro}\)
  3. \(\text{Mohamed heeft 55 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 328 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 55 = 328 \\ \Leftrightarrow x = 328 + 55 = 383 \\ \text{Mohamed had 383 euro}\)
  4. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 4.x = 16 \\ \Leftrightarrow x = \frac{16}{4} = 4 \\ \text{Nihad legt 4 km af per ronde}\)
  5. \(\text{Maxim heeft 60 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 304 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 60 = 304 \\ \Leftrightarrow x = 304 + 60 = 364 \\ \text{Maxim had 364 euro}\)
  6. \(\text{Maxim heeft 41 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 312 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 41 = 312 \\ \Leftrightarrow x = 312 + 41 = 353 \\ \text{Maxim had 353 euro}\)
  7. \(\text{Wouter heeft 29 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 224 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 29 = 224 \\ \Leftrightarrow x = 224 + 29 = 253 \\ \text{Wouter had 253 euro}\)
  8. \(\text{Sarah gaat 5 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 12.5 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\ 5.x = 12.5 \\ \Leftrightarrow x = \frac{12.5}{5} = 2.5 \\ \text{Sarah legt 2.5 km af per rondje}\)
  9. \(\text{Mila heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 76 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 6.x = 76 \\ \Leftrightarrow x = \frac{76}{6} = 12.67 \\ \text{Mila kan maximaal 12.67 euro uitgeven aan een meter stof}\)
  10. \(\text{Loubna gaat 6 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 24 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\ 6.x = 24 \\ \Leftrightarrow x = \frac{24}{6} = 4 \\ \text{Loubna legt 4 km af per rondje}\)
  11. \(\text{Ayman heeft 33 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 156 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 33 = 156 \\ \Leftrightarrow x = 156 + 33 = 189 \\ \text{Ayman had 189 euro}\)
  12. \(\text{Ayman heeft 31 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 124 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 31 = 124 \\ \Leftrightarrow x = 124 + 31 = 155 \\ \text{Ayman had 155 euro}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-19 10:52:42
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen