Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Froukje heeft 5 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 76 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
  2. \(\text{Ayman heeft 60 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 229 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  3. \(\text{Maxim heeft 53 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 266 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  4. \(\text{Mohamed heeft 30 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 284 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  5. \(\text{Lina heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 60 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
  6. \(\text{Froukje heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 46 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  7. \(\text{Mila heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 84 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  8. \(\text{Sarah gaat 6 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 108 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  9. \(\text{Mohamed heeft 40 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 161 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  10. \(\text{Warinda heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 83 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  11. \(\text{Ayman heeft 23 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 262 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  12. \(\text{Froukje heeft 4 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 50 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Froukje heeft 5 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 76 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 5.x = 76 \\ \Leftrightarrow x = \frac{76}{5} = 15.2 \\ \text{Froukje kan maximaal 15.2 euro uitgeven aan een meter stof}\)
  2. \(\text{Ayman heeft 60 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 229 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 60 = 229 \\ \Leftrightarrow x = 229 + 60 = 289 \\ \text{Ayman had 289 euro}\)
  3. \(\text{Maxim heeft 53 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 266 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 53 = 266 \\ \Leftrightarrow x = 266 + 53 = 319 \\ \text{Maxim had 319 euro}\)
  4. \(\text{Mohamed heeft 30 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 284 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 30 = 284 \\ \Leftrightarrow x = 284 + 30 = 314 \\ \text{Mohamed had 314 euro}\)
  5. \(\text{Lina heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 60 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 6.x = 60 \\ \Leftrightarrow x = \frac{60}{6} = 10 \\ \text{Lina kan maximaal 10 euro uitgeven aan een meter stof}\)
  6. \(\text{Froukje heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 46 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 7.x = 46 \\ \Leftrightarrow x = \frac{46}{7} = 6.57 \\ \text{Froukje kan maximaal 6.57 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  7. \(\text{Mila heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 84 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 3.x = 84 \\ \Leftrightarrow x = \frac{84}{3} = 28 \\ \text{Mila kan maximaal 28 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  8. \(\text{Sarah gaat 6 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 108 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 6.x = 108 \\ \Leftrightarrow x = \frac{108}{6} = 18 \\ \text{Sarah legt 18 km af per tourke}\)
  9. \(\text{Mohamed heeft 40 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 161 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 40 = 161 \\ \Leftrightarrow x = 161 + 40 = 201 \\ \text{Mohamed had 201 euro}\)
  10. \(\text{Warinda heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 83 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 7.x = 83 \\ \Leftrightarrow x = \frac{83}{7} = 11.86 \\ \text{Warinda kan maximaal 11.86 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  11. \(\text{Ayman heeft 23 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 262 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 23 = 262 \\ \Leftrightarrow x = 262 + 23 = 285 \\ \text{Ayman had 285 euro}\)
  12. \(\text{Froukje heeft 4 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 50 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 4.x = 50 \\ \Leftrightarrow x = \frac{50}{4} = 12.5 \\ \text{Froukje kan maximaal 12.5 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-09 16:26:12
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen