Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{Sarah gaat 4 dagen in de week zwemmen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 1.4 km gezwommen.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
- \(\text{Wouter heeft 39 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 91 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
- \(\text{Mohamed heeft 30 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 210 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
- \(\text{Sarah gaat 5 dagen in de week schaatsen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 10 km geschaatst.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
- \(\text{Mila heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 65 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
- \(\text{Wouter heeft 40 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 55 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
- \(\text{Maxim heeft 33 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 327 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
- \(\text{Ayman heeft 39 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 65 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
- \(\text{Wouter heeft 22 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 180 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
- \(\text{Froukje heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 52 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
- \(\text{Froukje heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 41 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
- \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 45 km gefietst.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{Sarah gaat 4 dagen in de week zwemmen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 1.4 km gezwommen.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per baantje} \\
4.x = 1.4 \\
\Leftrightarrow x = \frac{1.4}{4} = 0.35 \\
\text{Sarah legt 0.35 km af per baantje}\)
- \(\text{Wouter heeft 39 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 91 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\
x - 39 = 91 \\
\Leftrightarrow x = 91 + 39 = 130 \\
\text{Wouter had 130 euro}\)
- \(\text{Mohamed heeft 30 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 210 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\
x - 30 = 210 \\
\Leftrightarrow x = 210 + 30 = 240 \\
\text{Mohamed had 240 euro}\)
- \(\text{Sarah gaat 5 dagen in de week schaatsen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 10 km geschaatst.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\
5.x = 10 \\
\Leftrightarrow x = \frac{10}{5} = 2 \\
\text{Sarah legt 2 km af per rondje}\)
- \(\text{Mila heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 65 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\
3.x = 65 \\
\Leftrightarrow x = \frac{65}{3} = 21.67 \\
\text{Mila kan maximaal 21.67 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
- \(\text{Wouter heeft 40 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 55 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\
x - 40 = 55 \\
\Leftrightarrow x = 55 + 40 = 95 \\
\text{Wouter had 95 euro}\)
- \(\text{Maxim heeft 33 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 327 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\
x - 33 = 327 \\
\Leftrightarrow x = 327 + 33 = 360 \\
\text{Maxim had 360 euro}\)
- \(\text{Ayman heeft 39 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 65 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\
x - 39 = 65 \\
\Leftrightarrow x = 65 + 39 = 104 \\
\text{Ayman had 104 euro}\)
- \(\text{Wouter heeft 22 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 180 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\
x - 22 = 180 \\
\Leftrightarrow x = 180 + 22 = 202 \\
\text{Wouter had 202 euro}\)
- \(\text{Froukje heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 52 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\
7.x = 52 \\
\Leftrightarrow x = \frac{52}{7} = 7.43 \\
\text{Froukje kan maximaal 7.43 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
- \(\text{Froukje heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\
\text{Ze heeft een budget van maximaal 41 euro.} \\
\text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\
6.x = 41 \\
\Leftrightarrow x = \frac{41}{6} = 6.83 \\
\text{Froukje kan maximaal 6.83 euro uitgeven aan een meter stof}\)
- \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 45 km gefietst.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\
3.x = 45 \\
\Leftrightarrow x = \frac{45}{3} = 15 \\
\text{Nihad legt 15 km af per tourke}\)