Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Loubna gaat 5 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 25 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  2. \(\text{Maxim heeft 44 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 78 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  3. \(\text{Wouter heeft 50 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 181 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  4. \(\text{Ayman heeft 49 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 194 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  5. \(\text{Mohamed heeft 51 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 229 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  6. \(\text{Sarah gaat 3 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 10.5 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  7. \(\text{Lina heeft 5 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 45 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
  8. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  9. \(\text{Ayman heeft 36 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 175 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  10. \(\text{Lina heeft 6 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 74 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  11. \(\text{Maxim heeft 54 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 117 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  12. \(\text{Loubna gaat 4 dagen in de week zwemmen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 0.8 km gezwommen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Loubna gaat 5 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 25 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 5.x = 25 \\ \Leftrightarrow x = \frac{25}{5} = 5 \\ \text{Loubna legt 5 km af per ronde}\)
  2. \(\text{Maxim heeft 44 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 78 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 44 = 78 \\ \Leftrightarrow x = 78 + 44 = 122 \\ \text{Maxim had 122 euro}\)
  3. \(\text{Wouter heeft 50 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 181 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 50 = 181 \\ \Leftrightarrow x = 181 + 50 = 231 \\ \text{Wouter had 231 euro}\)
  4. \(\text{Ayman heeft 49 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 194 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 49 = 194 \\ \Leftrightarrow x = 194 + 49 = 243 \\ \text{Ayman had 243 euro}\)
  5. \(\text{Mohamed heeft 51 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 229 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 51 = 229 \\ \Leftrightarrow x = 229 + 51 = 280 \\ \text{Mohamed had 280 euro}\)
  6. \(\text{Sarah gaat 3 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 10.5 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\ 3.x = 10.5 \\ \Leftrightarrow x = \frac{10.5}{3} = 3.5 \\ \text{Sarah legt 3.5 km af per rondje}\)
  7. \(\text{Lina heeft 5 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 45 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 5.x = 45 \\ \Leftrightarrow x = \frac{45}{5} = 9 \\ \text{Lina kan maximaal 9 euro uitgeven aan een meter stof}\)
  8. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\ 4.x = 16 \\ \Leftrightarrow x = \frac{16}{4} = 4 \\ \text{Nihad legt 4 km af per rondje}\)
  9. \(\text{Ayman heeft 36 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 175 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 36 = 175 \\ \Leftrightarrow x = 175 + 36 = 211 \\ \text{Ayman had 211 euro}\)
  10. \(\text{Lina heeft 6 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 74 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 6.x = 74 \\ \Leftrightarrow x = \frac{74}{6} = 12.33 \\ \text{Lina kan maximaal 12.33 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  11. \(\text{Maxim heeft 54 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 117 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 54 = 117 \\ \Leftrightarrow x = 117 + 54 = 171 \\ \text{Maxim had 171 euro}\)
  12. \(\text{Loubna gaat 4 dagen in de week zwemmen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 0.8 km gezwommen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per baantje} \\ 4.x = 0.8 \\ \Leftrightarrow x = \frac{0.8}{4} = 0.2 \\ \text{Loubna legt 0.2 km af per baantje}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-01-17 05:41:29
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen