Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Lina heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 69 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 33 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 165 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  3. \(\text{Maxim heeft 59 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 281 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  4. \(\text{Ayman heeft 35 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 90 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  5. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 24 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  6. \(\text{Wouter heeft 46 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 271 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  7. \(\text{Sarah gaat 3 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 9 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  8. \(\text{Ayman heeft 40 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 283 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  9. \(\text{Froukje heeft 5 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 61 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  10. \(\text{Jana gaat 5 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 90 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  11. \(\text{Loubna gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 18 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  12. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 36 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Lina heeft 6 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 69 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 6.x = 69 \\ \Leftrightarrow x = \frac{69}{6} = 11.5 \\ \text{Lina kan maximaal 11.5 euro uitgeven aan een meter stof}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 33 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 165 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 33 = 165 \\ \Leftrightarrow x = 165 + 33 = 198 \\ \text{Mohamed had 198 euro}\)
  3. \(\text{Maxim heeft 59 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 281 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 59 = 281 \\ \Leftrightarrow x = 281 + 59 = 340 \\ \text{Maxim had 340 euro}\)
  4. \(\text{Ayman heeft 35 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 90 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 35 = 90 \\ \Leftrightarrow x = 90 + 35 = 125 \\ \text{Ayman had 125 euro}\)
  5. \(\text{Nihad gaat 4 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 24 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 4.x = 24 \\ \Leftrightarrow x = \frac{24}{4} = 6 \\ \text{Nihad legt 6 km af per ronde}\)
  6. \(\text{Wouter heeft 46 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 271 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 46 = 271 \\ \Leftrightarrow x = 271 + 46 = 317 \\ \text{Wouter had 317 euro}\)
  7. \(\text{Sarah gaat 3 dagen in de week schaatsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 9 km geschaatst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per rondje} \\ 3.x = 9 \\ \Leftrightarrow x = \frac{9}{3} = 3 \\ \text{Sarah legt 3 km af per rondje}\)
  8. \(\text{Ayman heeft 40 euro uitgegeven aan een spelletje voor de PlayStation.} \\ \text{Er is nu nog 283 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 40 = 283 \\ \Leftrightarrow x = 283 + 40 = 323 \\ \text{Ayman had 323 euro}\)
  9. \(\text{Froukje heeft 5 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 61 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 5.x = 61 \\ \Leftrightarrow x = \frac{61}{5} = 12.2 \\ \text{Froukje kan maximaal 12.2 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  10. \(\text{Jana gaat 5 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 90 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 5.x = 90 \\ \Leftrightarrow x = \frac{90}{5} = 18 \\ \text{Jana legt 18 km af per tourke}\)
  11. \(\text{Loubna gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 18 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 3.x = 18 \\ \Leftrightarrow x = \frac{18}{3} = 6 \\ \text{Loubna legt 6 km af per ronde}\)
  12. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 36 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 3.x = 36 \\ \Leftrightarrow x = \frac{36}{3} = 12 \\ \text{Nihad legt 12 km af per tourke}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-28 23:56:35
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen