Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Mila heeft 6 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 58 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  2. \(\text{Lina heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 71 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  3. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 54 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  4. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 18 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  5. \(\text{Mohamed heeft 28 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 149 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  6. \(\text{Wouter heeft 47 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 280 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  7. \(\text{Lina heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 54 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  8. \(\text{Lina heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 50 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  9. \(\text{Lina heeft 7 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 40 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  10. \(\text{Nihad gaat 6 dagen in de week zwemmen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 1.8 km gezwommen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  11. \(\text{Mila heeft 4 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 61 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\)
  12. \(\text{Maxim heeft 26 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 332 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Mila heeft 6 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 58 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 6.x = 58 \\ \Leftrightarrow x = \frac{58}{6} = 9.67 \\ \text{Mila kan maximaal 9.67 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  2. \(\text{Lina heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 71 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 7.x = 71 \\ \Leftrightarrow x = \frac{71}{7} = 10.14 \\ \text{Lina kan maximaal 10.14 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  3. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 54 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 3.x = 54 \\ \Leftrightarrow x = \frac{54}{3} = 18 \\ \text{Nihad legt 18 km af per tourke}\)
  4. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 18 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 3.x = 18 \\ \Leftrightarrow x = \frac{18}{3} = 6 \\ \text{Nihad legt 6 km af per ronde}\)
  5. \(\text{Mohamed heeft 28 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 149 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 28 = 149 \\ \Leftrightarrow x = 149 + 28 = 177 \\ \text{Mohamed had 177 euro}\)
  6. \(\text{Wouter heeft 47 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 280 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 47 = 280 \\ \Leftrightarrow x = 280 + 47 = 327 \\ \text{Wouter had 327 euro}\)
  7. \(\text{Lina heeft 7 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 54 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 7.x = 54 \\ \Leftrightarrow x = \frac{54}{7} = 7.71 \\ \text{Lina kan maximaal 7.71 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  8. \(\text{Lina heeft 3 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 50 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 3.x = 50 \\ \Leftrightarrow x = \frac{50}{3} = 16.67 \\ \text{Lina kan maximaal 16.67 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  9. \(\text{Lina heeft 7 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 40 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 7.x = 40 \\ \Leftrightarrow x = \frac{40}{7} = 5.71 \\ \text{Lina kan maximaal 5.71 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  10. \(\text{Nihad gaat 6 dagen in de week zwemmen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal baantjes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 1.8 km gezwommen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per baantje} \\ 6.x = 1.8 \\ \Leftrightarrow x = \frac{1.8}{6} = 0.3 \\ \text{Nihad legt 0.3 km af per baantje}\)
  11. \(\text{Mila heeft 4 liter frisdrank nodig om mee te nemen naar een feestje.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 61 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de frisdrank per liter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per frisdrank} \\ 4.x = 61 \\ \Leftrightarrow x = \frac{61}{4} = 15.25 \\ \text{Mila kan maximaal 15.25 euro uitgeven aan een liter frisdrank}\)
  12. \(\text{Maxim heeft 26 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 332 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 26 = 332 \\ \Leftrightarrow x = 332 + 26 = 358 \\ \text{Maxim had 358 euro}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-20 08:15:10
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen