Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 30 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 16 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 279. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 92. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 36 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 217. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  11. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 80. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x-4 = 30\Leftrightarrow 2x-4=30 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Xander is 17 jaar}\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=16 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=720 \Leftrightarrow 4x=720 \Leftrightarrow x=180\)
  3. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=10 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
  4. \( 9 x-5=\frac{x}{8}+279 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-40=x+2232 \Leftrightarrow 72x-x=2232+40 \Leftrightarrow 71x=2272 \Leftrightarrow x=32\)
  5. \(x+50 = 92\Leftrightarrow x=92- 50 \Leftrightarrow x = 42\)
  6. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=14 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  8. \(x+x+8 = 36\Leftrightarrow 2x+8=36 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Joran is 14 jaar}\)
  9. \( 5 x-3=\frac{x}{9}+217 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 45x-27=x+1953 \Leftrightarrow 45x-x=1953+27 \Leftrightarrow 44x=1980 \Leftrightarrow x=45\)
  10. \(x=20 - 7 \Leftrightarrow x=13\)
  11. \( 3 x-4=\frac{x}{5}+80 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-20=x+400 \Leftrightarrow 15x-x=400+20 \Leftrightarrow 14x=420 \Leftrightarrow x=30\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=10 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=840 \Leftrightarrow 5x=840 \Leftrightarrow x=168\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-15 14:25:36
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen