Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  2. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  3. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 183. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 364. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 24 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 150. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 16 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 4 jaar ouder. Samen zijn ze 24 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  11. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  2. \(x=40 - 3 \Leftrightarrow x=37\)
  3. \( 6 x-5=\frac{x}{8}+183 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-40=x+1464 \Leftrightarrow 48x-x=1464+40 \Leftrightarrow 47x=1504 \Leftrightarrow x=32\)
  4. \( 9 x-7=\frac{x}{6}+364 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-42=x+2184 \Leftrightarrow 54x-x=2184+42 \Leftrightarrow 53x=2226 \Leftrightarrow x=42\)
  5. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=6 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=378 \Leftrightarrow 2x=378 \Leftrightarrow x=189\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{11}x=24 \overset{\mbox{ .33 }}{ \Leftrightarrow } 11x-3x=792 \Leftrightarrow 8x=792 \Leftrightarrow x=99\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=12 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  8. \( 4 x-5=\frac{x}{8}+150 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-40=x+1200 \Leftrightarrow 32x-x=1200+40 \Leftrightarrow 31x=1240 \Leftrightarrow x=40\)
  9. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=16 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=1232 \Leftrightarrow 4x=1232 \Leftrightarrow x=308\)
  10. \(x+x+4 = 24\Leftrightarrow 2x+4=24 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Ruben is 10 jaar}\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=4 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=16 \Leftrightarrow 1x=16 \Leftrightarrow x=16\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=10 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=140 \Leftrightarrow 5x=140 \Leftrightarrow x=28\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-25 11:13:11
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen