Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een derde van het getal en 50. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 284. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 30. Wat zijn die getallen?\(\)
  5. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 4 jaar ouder. Samen zijn ze 34 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  6. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een derde van het getal en 44. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 156. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 94. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  11. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 2 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 5 x-6=\frac{x}{3}+50 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-18=x+150 \Leftrightarrow 15x-x=150+18 \Leftrightarrow 14x=168 \Leftrightarrow x=12\)
  2. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  3. \( 7 x-3=\frac{x}{6}+284 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-18=x+1704 \Leftrightarrow 42x-x=1704+18 \Leftrightarrow 41x=1722 \Leftrightarrow x=42\)
  4. \(x+x+1+x+2 = 30\Leftrightarrow 3x+3=30 \Leftrightarrow 3x = 27\Leftrightarrow x = 9 \text{ De getallen zijn 9, 10 en 11}\)
  5. \(x+x+4 = 34\Leftrightarrow 2x+4=34 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Sofiane is 15 jaar}\)
  6. \( 3 x-4=\frac{x}{3}+44 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 9x-12=x+132 \Leftrightarrow 9x-x=132+12 \Leftrightarrow 8x=144 \Leftrightarrow x=18\)
  7. \( 8 x-5=\frac{x}{3}+156 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 24x-15=x+468 \Leftrightarrow 24x-x=468+15 \Leftrightarrow 23x=483 \Leftrightarrow x=21\)
  8. \(x+45 = 94\Leftrightarrow x=94- 45 \Leftrightarrow x = 49\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  10. \(x=20 + 3 \Leftrightarrow x=23\)
  11. \(x=25 + 2 \Leftrightarrow x=27\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=6 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=378 \Leftrightarrow 2x=378 \Leftrightarrow x=189\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-05 03:53:47
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen