Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 136. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 51. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 2 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  4. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 8 jaar jonger. Samen zijn ze 26 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  5. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 237. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 216. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 103. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 42. Wat zijn die getallen?\(\)
  10. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 127. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 6 x-5=\frac{x}{8}+136 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-40=x+1088 \Leftrightarrow 48x-x=1088+40 \Leftrightarrow 47x=1128 \Leftrightarrow x=24\)
  2. \(x+30 = 51\Leftrightarrow x=51- 30 \Leftrightarrow x = 21\)
  3. \(x=25 - 2 \Leftrightarrow x=23\)
  4. \(x+x-8 = 26\Leftrightarrow 2x-8=26 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Joran is 17 jaar}\)
  5. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=6 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=240 \Leftrightarrow 3x=240 \Leftrightarrow x=80\)
  6. \( 7 x-9=\frac{x}{6}+237 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-54=x+1422 \Leftrightarrow 42x-x=1422+54 \Leftrightarrow 41x=1476 \Leftrightarrow x=36\)
  7. \( 9 x-4=\frac{x}{5}+216 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-20=x+1080 \Leftrightarrow 45x-x=1080+20 \Leftrightarrow 44x=1100 \Leftrightarrow x=25\)
  8. \( 4 x-5=\frac{x}{7}+103 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 28x-35=x+721 \Leftrightarrow 28x-x=721+35 \Leftrightarrow 27x=756 \Leftrightarrow x=28\)
  9. \(x+x+1+x+2 = 42\Leftrightarrow 3x+3=42 \Leftrightarrow 3x = 39\Leftrightarrow x = 13 \text{ De getallen zijn 13, 14 en 15}\)
  10. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=4 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  11. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
  12. \( 5 x-6=\frac{x}{4}+127 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 20x-24=x+508 \Leftrightarrow 20x-x=508+24 \Leftrightarrow 19x=532 \Leftrightarrow x=28\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-26 10:46:27
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen