Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zesde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 429. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 279. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 66. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een getal vermindert met 35 bekom je -7. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  10. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{6}x-\frac{1}{11}x=10 \overset{\mbox{ .66 }}{ \Leftrightarrow } 11x-6x=660 \Leftrightarrow 5x=660 \Leftrightarrow x=132\)
  2. \( 7 x-5=\frac{x}{9}+429 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-45=x+3861 \Leftrightarrow 63x-x=3861+45 \Leftrightarrow 62x=3906 \Leftrightarrow x=63\)
  3. \( 8 x-5=\frac{x}{9}+279 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 72x-45=x+2511 \Leftrightarrow 72x-x=2511+45 \Leftrightarrow 71x=2556 \Leftrightarrow x=36\)
  4. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=3 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  5. \( 4 x-9=\frac{x}{4}+66 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-36=x+264 \Leftrightarrow 16x-x=264+36 \Leftrightarrow 15x=300 \Leftrightarrow x=20\)
  6. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=5 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=60 \Leftrightarrow 1x=60 \Leftrightarrow x=60\)
  7. \(x-35 = -7\Leftrightarrow x=-7+ 35 \Leftrightarrow x = 28\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=15 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=150 \Leftrightarrow 3x=150 \Leftrightarrow x=50\)
  9. \(x=50 + 7 \Leftrightarrow x=57\)
  10. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=2 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=198 \Leftrightarrow 2x=198 \Leftrightarrow x=99\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=28 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=504 \Leftrightarrow 7x=504 \Leftrightarrow x=72\)
  12. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-09 14:32:15
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen