Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 30 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  4. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 45. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 152. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een derde van het getal en 44. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 71. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 151. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=5 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=70 \Leftrightarrow 5x=70 \Leftrightarrow x=14\)
  2. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{7}x=20 \overset{\mbox{ .21 }}{ \Leftrightarrow } 7x-3x=420 \Leftrightarrow 4x=420 \Leftrightarrow x=105\)
  3. \(x+x-4 = 30\Leftrightarrow 2x-4=30 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Noah is 17 jaar}\)
  4. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=7 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=210 \Leftrightarrow 7x=210 \Leftrightarrow x=30\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 45\Leftrightarrow 3x+3=45 \Leftrightarrow 3x = 42\Leftrightarrow x = 14 \text{ De getallen zijn 14, 15 en 16}\)
  6. \( 6 x-7=\frac{x}{9}+152 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-63=x+1368 \Leftrightarrow 54x-x=1368+63 \Leftrightarrow 53x=1431 \Leftrightarrow x=27\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=12 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=480 \Leftrightarrow 3x=480 \Leftrightarrow x=160\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
  9. \( 3 x-4=\frac{x}{3}+44 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 9x-12=x+132 \Leftrightarrow 9x-x=132+12 \Leftrightarrow 8x=144 \Leftrightarrow x=18\)
  10. \(x+50 = 71\Leftrightarrow x=71- 50 \Leftrightarrow x = 21\)
  11. \( 9 x-8=\frac{x}{6}+151 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-48=x+906 \Leftrightarrow 54x-x=906+48 \Leftrightarrow 53x=954 \Leftrightarrow x=18\)
  12. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-29 19:15:46
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen