Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 7 jaar ouder. Samen zijn ze 41 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  3. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je -2. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 59. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 39. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  7. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 27 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 131. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=15 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
  2. \(x+x+7 = 41\Leftrightarrow 2x+7=41 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Noah is 17 jaar}\)
  3. \(x-20 = -2\Leftrightarrow x=-2+ 20 \Leftrightarrow x = 18\)
  4. \( 3 x-7=\frac{x}{4}+59 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-28=x+236 \Leftrightarrow 12x-x=236+28 \Leftrightarrow 11x=264 \Leftrightarrow x=24\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 39\Leftrightarrow 3x+3=39 \Leftrightarrow 3x = 36\Leftrightarrow x = 12 \text{ De getallen zijn 12, 13 en 14}\)
  6. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{11}x=27 \overset{\mbox{ .22 }}{ \Leftrightarrow } 11x-2x=594 \Leftrightarrow 9x=594 \Leftrightarrow x=66\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=15 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=150 \Leftrightarrow 3x=150 \Leftrightarrow x=50\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=5 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=70 \Leftrightarrow 5x=70 \Leftrightarrow x=14\)
  10. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=2 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=30 \Leftrightarrow 2x=30 \Leftrightarrow x=15\)
  12. \( 6 x-7=\frac{x}{4}+131 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 24x-28=x+524 \Leftrightarrow 24x-x=524+28 \Leftrightarrow 23x=552 \Leftrightarrow x=24\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-17 02:50:27
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen