Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 351. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 139. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 107. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 5 jaar jonger. Samen zijn ze 15 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  8. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 62. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je 5. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 157. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
  2. \( 9 x-4=\frac{x}{8}+351 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-32=x+2808 \Leftrightarrow 72x-x=2808+32 \Leftrightarrow 71x=2840 \Leftrightarrow x=40\)
  3. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=35 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=2100 \Leftrightarrow 7x=2100 \Leftrightarrow x=300\)
  4. \( 7 x-5=\frac{x}{7}+139 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 49x-35=x+973 \Leftrightarrow 49x-x=973+35 \Leftrightarrow 48x=1008 \Leftrightarrow x=21\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  6. \( 8 x-3=\frac{x}{7}+107 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-21=x+749 \Leftrightarrow 56x-x=749+21 \Leftrightarrow 55x=770 \Leftrightarrow x=14\)
  7. \(x+x-5 = 15\Leftrightarrow 2x-5=15 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Noah is 10 jaar}\)
  8. \( 3 x-4=\frac{x}{4}+62 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-16=x+248 \Leftrightarrow 12x-x=248+16 \Leftrightarrow 11x=264 \Leftrightarrow x=24\)
  9. \(x-30 = 5\Leftrightarrow x=5+ 30 \Leftrightarrow x = 35\)
  10. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=35 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  11. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  12. \( 6 x-7=\frac{x}{7}+157 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 42x-49=x+1099 \Leftrightarrow 42x-x=1099+49 \Leftrightarrow 41x=1148 \Leftrightarrow x=28\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-13 04:37:44
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen