Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 58. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een derde van het getal en 75. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 38 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 348. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 432. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 5 jaar jonger. Samen zijn ze 17 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 269. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 42. Wat zijn die getallen?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+30 = 58\Leftrightarrow x=58- 30 \Leftrightarrow x = 28\)
  2. \( 5 x-9=\frac{x}{3}+75 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-27=x+225 \Leftrightarrow 15x-x=225+27 \Leftrightarrow 14x=252 \Leftrightarrow x=18\)
  3. \(x+x+8 = 38\Leftrightarrow 2x+8=38 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Xander is 15 jaar}\)
  4. \( 9 x-7=\frac{x}{8}+348 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-56=x+2784 \Leftrightarrow 72x-x=2784+56 \Leftrightarrow 71x=2840 \Leftrightarrow x=40\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=8 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=120 \Leftrightarrow 2x=120 \Leftrightarrow x=60\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=14 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  7. \( 8 x-9=\frac{x}{8}+432 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-72=x+3456 \Leftrightarrow 64x-x=3456+72 \Leftrightarrow 63x=3528 \Leftrightarrow x=56\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=7 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  9. \(x+x-5 = 17\Leftrightarrow 2x-5=17 \Leftrightarrow 2x = 22\Leftrightarrow x = 11 \text{ Sofiane is 11 jaar}\)
  10. \( 7 x-6=\frac{x}{8}+269 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 56x-48=x+2152 \Leftrightarrow 56x-x=2152+48 \Leftrightarrow 55x=2200 \Leftrightarrow x=40\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=9 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=90 \Leftrightarrow 3x=90 \Leftrightarrow x=30\)
  12. \(x+x+1+x+2 = 42\Leftrightarrow 3x+3=42 \Leftrightarrow 3x = 39\Leftrightarrow x = 13 \text{ De getallen zijn 13, 14 en 15}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-10 16:42:42
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen