Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 98. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 7 jaar jonger. Samen zijn ze 25 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  3. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  5. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 108. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 71. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 111. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 25 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  11. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 3 x-4=\frac{x}{6}+98 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 18x-24=x+588 \Leftrightarrow 18x-x=588+24 \Leftrightarrow 17x=612 \Leftrightarrow x=36\)
  2. \(x+x-7 = 25\Leftrightarrow 2x-7=25 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Sofiane is 16 jaar}\)
  3. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=6 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=378 \Leftrightarrow 2x=378 \Leftrightarrow x=189\)
  4. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  5. \( 5 x-6=\frac{x}{4}+108 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 20x-24=x+432 \Leftrightarrow 20x-x=432+24 \Leftrightarrow 19x=456 \Leftrightarrow x=24\)
  6. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=15 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=1050 \Leftrightarrow 3x=1050 \Leftrightarrow x=350\)
  7. \(x+50 = 71\Leftrightarrow x=71- 50 \Leftrightarrow x = 21\)
  8. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+111 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+555 \Leftrightarrow 30x-x=555+25 \Leftrightarrow 29x=580 \Leftrightarrow x=20\)
  9. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  10. \(x+x+5 = 25\Leftrightarrow 2x+5=25 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Joran is 10 jaar}\)
  11. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
  12. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=20 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=720 \Leftrightarrow 5x=720 \Leftrightarrow x=144\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-14 12:35:40
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen