Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 45. Wat zijn die getallen?\(\)
  2. \(\)als je een getal vermindert met 45 bekom je -3. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 79. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 313. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 76. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 35. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 35 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  11. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+1+x+2 = 45\Leftrightarrow 3x+3=45 \Leftrightarrow 3x = 42\Leftrightarrow x = 14 \text{ De getallen zijn 14, 15 en 16}\)
  2. \(x-45 = -3\Leftrightarrow x=-3+ 45 \Leftrightarrow x = 42\)
  3. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=2 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=30 \Leftrightarrow 2x=30 \Leftrightarrow x=15\)
  4. \(x+30 = 79\Leftrightarrow x=79- 30 \Leftrightarrow x = 49\)
  5. \( 9 x-5=\frac{x}{6}+313 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-30=x+1878 \Leftrightarrow 54x-x=1878+30 \Leftrightarrow 53x=1908 \Leftrightarrow x=36\)
  6. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
  7. \( 3 x-4=\frac{x}{7}+76 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 21x-28=x+532 \Leftrightarrow 21x-x=532+28 \Leftrightarrow 20x=560 \Leftrightarrow x=28\)
  8. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=14 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  9. \( 7 x-5=\frac{x}{3}+35 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 21x-15=x+105 \Leftrightarrow 21x-x=105+15 \Leftrightarrow 20x=120 \Leftrightarrow x=6\)
  10. \(x+x+5 = 35\Leftrightarrow 2x+5=35 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Sofiane is 15 jaar}\)
  11. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=4 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-01 20:53:43
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen