Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 191. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 84. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 53. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een derde van het getal en 46. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 77. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 5 jaar jonger. Samen zijn ze 17 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  11. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een derde van het getal en 32. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=28 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1680 \Leftrightarrow 7x=1680 \Leftrightarrow x=240\)
  2. \( 5 x-4=\frac{x}{8}+191 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 40x-32=x+1528 \Leftrightarrow 40x-x=1528+32 \Leftrightarrow 39x=1560 \Leftrightarrow x=40\)
  3. \( 3 x-8=\frac{x}{8}+84 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 24x-64=x+672 \Leftrightarrow 24x-x=672+64 \Leftrightarrow 23x=736 \Leftrightarrow x=32\)
  4. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+53 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+265 \Leftrightarrow 30x-x=265+25 \Leftrightarrow 29x=290 \Leftrightarrow x=10\)
  5. \( 4 x-9=\frac{x}{3}+46 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 12x-27=x+138 \Leftrightarrow 12x-x=138+27 \Leftrightarrow 11x=165 \Leftrightarrow x=15\)
  6. \(x+35 = 77\Leftrightarrow x=77- 35 \Leftrightarrow x = 42\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=210 \Leftrightarrow 2x=210 \Leftrightarrow x=105\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=5 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=20 \Leftrightarrow 1x=20 \Leftrightarrow x=20\)
  9. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  10. \(x+x-5 = 17\Leftrightarrow 2x-5=17 \Leftrightarrow 2x = 22\Leftrightarrow x = 11 \text{ Wietse is 11 jaar}\)
  11. \( 7 x-8=\frac{x}{3}+32 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 21x-24=x+96 \Leftrightarrow 21x-x=96+24 \Leftrightarrow 20x=120 \Leftrightarrow x=6\)
  12. \(x=50 - 7 \Leftrightarrow x=43\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-14 23:16:11
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen