Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 258. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 135. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 328. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  8. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  9. \(\)Lennert is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 37 jaar. Hoe oud is Lennert ?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 92. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 38. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=20 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=480 \Leftrightarrow 5x=480 \Leftrightarrow x=96\)
  2. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=12 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=840 \Leftrightarrow 3x=840 \Leftrightarrow x=280\)
  3. \(x=40 + 3 \Leftrightarrow x=43\)
  4. \( 9 x-7=\frac{x}{6}+258 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-42=x+1548 \Leftrightarrow 54x-x=1548+42 \Leftrightarrow 53x=1590 \Leftrightarrow x=30\)
  5. \( 6 x-5=\frac{x}{6}+135 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 36x-30=x+810 \Leftrightarrow 36x-x=810+30 \Leftrightarrow 35x=840 \Leftrightarrow x=24\)
  6. \( 7 x-8=\frac{x}{7}+328 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 49x-56=x+2296 \Leftrightarrow 49x-x=2296+56 \Leftrightarrow 48x=2352 \Leftrightarrow x=49\)
  7. \(x=25 - 7 \Leftrightarrow x=18\)
  8. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
  9. \(x+x+5 = 37\Leftrightarrow 2x+5=37 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Lennert is 16 jaar}\)
  10. \(x+50 = 92\Leftrightarrow x=92- 50 \Leftrightarrow x = 42\)
  11. \( 3 x-4=\frac{x}{5}+38 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-20=x+190 \Leftrightarrow 15x-x=190+20 \Leftrightarrow 14x=210 \Leftrightarrow x=15\)
  12. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-18 11:42:31
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen