Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 30. Wat zijn die getallen?\(\)
  2. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 73. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 303. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 4 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  6. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 173. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 438. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 285. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+1+x+2 = 30\Leftrightarrow 3x+3=30 \Leftrightarrow 3x = 27\Leftrightarrow x = 9 \text{ De getallen zijn 9, 10 en 11}\)
  2. \( 3 x-7=\frac{x}{7}+73 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 21x-49=x+511 \Leftrightarrow 21x-x=511+49 \Leftrightarrow 20x=560 \Leftrightarrow x=28\)
  3. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=12 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=480 \Leftrightarrow 3x=480 \Leftrightarrow x=160\)
  4. \( 9 x-5=\frac{x}{5}+303 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-25=x+1515 \Leftrightarrow 45x-x=1515+25 \Leftrightarrow 44x=1540 \Leftrightarrow x=35\)
  5. \(x=45 - 4 \Leftrightarrow x=41\)
  6. \( 5 x-3=\frac{x}{9}+173 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 45x-27=x+1557 \Leftrightarrow 45x-x=1557+27 \Leftrightarrow 44x=1584 \Leftrightarrow x=36\)
  7. \( 8 x-3=\frac{x}{8}+438 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-24=x+3504 \Leftrightarrow 64x-x=3504+24 \Leftrightarrow 63x=3528 \Leftrightarrow x=56\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=9 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=90 \Leftrightarrow 3x=90 \Leftrightarrow x=30\)
  9. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
  10. \( 7 x-3=\frac{x}{7}+285 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 49x-21=x+1995 \Leftrightarrow 49x-x=1995+21 \Leftrightarrow 48x=2016 \Leftrightarrow x=42\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=20 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=280 \Leftrightarrow 5x=280 \Leftrightarrow x=56\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-29 16:16:50
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen