Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 102. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 8. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 28 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  5. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een derde van het getal en 178. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 99. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 154. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  11. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=168 \Leftrightarrow 3x=168 \Leftrightarrow x=56\)
  2. \( 4 x-3=\frac{x}{4}+102 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-12=x+408 \Leftrightarrow 16x-x=408+12 \Leftrightarrow 15x=420 \Leftrightarrow x=28\)
  3. \(x-20 = 8\Leftrightarrow x=8+ 20 \Leftrightarrow x = 28\)
  4. \(x+x-4 = 28\Leftrightarrow 2x-4=28 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Ruben is 16 jaar}\)
  5. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=7 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=210 \Leftrightarrow 7x=210 \Leftrightarrow x=30\)
  7. \( 9 x-4=\frac{x}{3}+178 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 27x-12=x+534 \Leftrightarrow 27x-x=534+12 \Leftrightarrow 26x=546 \Leftrightarrow x=21\)
  8. \( 7 x-3=\frac{x}{5}+99 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-15=x+495 \Leftrightarrow 35x-x=495+15 \Leftrightarrow 34x=510 \Leftrightarrow x=15\)
  9. \( 6 x-5=\frac{x}{9}+154 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-45=x+1386 \Leftrightarrow 54x-x=1386+45 \Leftrightarrow 53x=1431 \Leftrightarrow x=27\)
  10. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=4 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  12. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=1 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-25 03:00:10
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen