Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een derde van het getal en 39. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  3. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  6. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 29 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  7. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 180. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 150. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermindert met 40 bekom je -12. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 212. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 5 x-3=\frac{x}{3}+39 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-9=x+117 \Leftrightarrow 15x-x=117+9 \Leftrightarrow 14x=126 \Leftrightarrow x=9\)
  2. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  3. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=210 \Leftrightarrow 2x=210 \Leftrightarrow x=105\)
  4. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=8 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=616 \Leftrightarrow 4x=616 \Leftrightarrow x=154\)
  5. \(x=50 + 3 \Leftrightarrow x=53\)
  6. \(x+x+5 = 29\Leftrightarrow 2x+5=29 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Ruben is 12 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  8. \( 8 x-9=\frac{x}{8}+180 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-72=x+1440 \Leftrightarrow 64x-x=1440+72 \Leftrightarrow 63x=1512 \Leftrightarrow x=24\)
  9. \( 4 x-5=\frac{x}{8}+150 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-40=x+1200 \Leftrightarrow 32x-x=1200+40 \Leftrightarrow 31x=1240 \Leftrightarrow x=40\)
  10. \(x-40 = -12\Leftrightarrow x=-12+ 40 \Leftrightarrow x = 28\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=1 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=4 \Leftrightarrow 1x=4 \Leftrightarrow x=4\)
  12. \( 9 x-8=\frac{x}{5}+212 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-40=x+1060 \Leftrightarrow 45x-x=1060+40 \Leftrightarrow 44x=1100 \Leftrightarrow x=25\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-02 11:40:43
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen