Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 230. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 7 jaar jonger. Samen zijn ze 13 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  5. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 206. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een getal vermeerdert met 20 bekom je 48. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 59. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 130. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een negende van het getal en 48. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=20 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=480 \Leftrightarrow 5x=480 \Leftrightarrow x=96\)
  2. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=15 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  3. \( 6 x-5=\frac{x}{8}+230 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-40=x+1840 \Leftrightarrow 48x-x=1840+40 \Leftrightarrow 47x=1880 \Leftrightarrow x=40\)
  4. \(x+x-7 = 13\Leftrightarrow 2x-7=13 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Ilias is 10 jaar}\)
  5. \( 9 x-7=\frac{x}{8}+206 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-56=x+1648 \Leftrightarrow 72x-x=1648+56 \Leftrightarrow 71x=1704 \Leftrightarrow x=24\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  7. \(x+20 = 48\Leftrightarrow x=48- 20 \Leftrightarrow x = 28\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=21 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1260 \Leftrightarrow 7x=1260 \Leftrightarrow x=180\)
  9. \( 4 x-3=\frac{x}{8}+59 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-24=x+472 \Leftrightarrow 32x-x=472+24 \Leftrightarrow 31x=496 \Leftrightarrow x=16\)
  10. \( 5 x-6=\frac{x}{7}+130 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 35x-42=x+910 \Leftrightarrow 35x-x=910+42 \Leftrightarrow 34x=952 \Leftrightarrow x=28\)
  11. \( 3 x-4=\frac{x}{9}+48 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 27x-36=x+432 \Leftrightarrow 27x-x=432+36 \Leftrightarrow 26x=468 \Leftrightarrow x=18\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=35 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-30 06:05:58
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen