Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 16 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  6. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 16 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 133. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 156. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je 26. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een getal vermeerdert met 25 bekom je 55. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 422. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{11}x=8 \overset{\mbox{ .33 }}{ \Leftrightarrow } 11x-3x=264 \Leftrightarrow 8x=264 \Leftrightarrow x=33\)
  2. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{7}x=16 \overset{\mbox{ .21 }}{ \Leftrightarrow } 7x-3x=336 \Leftrightarrow 4x=336 \Leftrightarrow x=84\)
  3. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=1 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=4 \Leftrightarrow 1x=4 \Leftrightarrow x=4\)
  4. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{11}x=7 \overset{\mbox{ .44 }}{ \Leftrightarrow } 11x-4x=308 \Leftrightarrow 7x=308 \Leftrightarrow x=44\)
  5. \(x=35 - 6 \Leftrightarrow x=29\)
  6. \(x+x-4 = 16\Leftrightarrow 2x-4=16 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Wietse is 10 jaar}\)
  7. \( 4 x-5=\frac{x}{6}+133 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 24x-30=x+798 \Leftrightarrow 24x-x=798+30 \Leftrightarrow 23x=828 \Leftrightarrow x=36\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=21 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=378 \Leftrightarrow 7x=378 \Leftrightarrow x=54\)
  9. \( 6 x-5=\frac{x}{4}+156 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 24x-20=x+624 \Leftrightarrow 24x-x=624+20 \Leftrightarrow 23x=644 \Leftrightarrow x=28\)
  10. \(x-30 = 26\Leftrightarrow x=26+ 30 \Leftrightarrow x = 56\)
  11. \(x+25 = 55\Leftrightarrow x=55- 25 \Leftrightarrow x = 30\)
  12. \( 9 x-4=\frac{x}{8}+422 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-32=x+3376 \Leftrightarrow 72x-x=3376+32 \Leftrightarrow 71x=3408 \Leftrightarrow x=48\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-09 19:05:07
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen