Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 6 jaar ouder. Samen zijn ze 38 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  2. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 229. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 17 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  5. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 351. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 48. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  9. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 30. Wat zijn die getallen?\(\)
  12. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 78. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+6 = 38\Leftrightarrow 2x+6=38 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Xander is 16 jaar}\)
  2. \( 8 x-5=\frac{x}{5}+229 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 40x-25=x+1145 \Leftrightarrow 40x-x=1145+25 \Leftrightarrow 39x=1170 \Leftrightarrow x=30\)
  3. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=6 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=60 \Leftrightarrow 3x=60 \Leftrightarrow x=20\)
  4. \(x+x-3 = 17\Leftrightarrow 2x-3=17 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Wietse is 10 jaar}\)
  5. \( 9 x-4=\frac{x}{8}+351 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-32=x+2808 \Leftrightarrow 72x-x=2808+32 \Leftrightarrow 71x=2840 \Leftrightarrow x=40\)
  6. \( 3 x-7=\frac{x}{4}+48 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-28=x+192 \Leftrightarrow 12x-x=192+28 \Leftrightarrow 11x=220 \Leftrightarrow x=20\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=14 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  8. \(x=30 + 7 \Leftrightarrow x=37\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  10. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=15 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
  11. \(x+x+1+x+2 = 30\Leftrightarrow 3x+3=30 \Leftrightarrow 3x = 27\Leftrightarrow x = 9 \text{ De getallen zijn 9, 10 en 11}\)
  12. \( 6 x-7=\frac{x}{3}+78 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 18x-21=x+234 \Leftrightarrow 18x-x=234+21 \Leftrightarrow 17x=255 \Leftrightarrow x=15\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-16 15:11:40
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen