Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 4 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  3. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 266. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 61. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 269. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 36 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een getal vermindert met 45 bekom je -31. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een derde van het getal en 48. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=15 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=1260 \Leftrightarrow 5x=1260 \Leftrightarrow x=252\)
  2. \(x=25 + 4 \Leftrightarrow x=29\)
  3. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=20 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=480 \Leftrightarrow 5x=480 \Leftrightarrow x=96\)
  4. \( 8 x-9=\frac{x}{7}+266 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-63=x+1862 \Leftrightarrow 56x-x=1862+63 \Leftrightarrow 55x=1925 \Leftrightarrow x=35\)
  5. \( 4 x-5=\frac{x}{3}+61 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 12x-15=x+183 \Leftrightarrow 12x-x=183+15 \Leftrightarrow 11x=198 \Leftrightarrow x=18\)
  6. \( 5 x-4=\frac{x}{8}+269 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 40x-32=x+2152 \Leftrightarrow 40x-x=2152+32 \Leftrightarrow 39x=2184 \Leftrightarrow x=56\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=28 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1680 \Leftrightarrow 7x=1680 \Leftrightarrow x=240\)
  9. \(x+x+8 = 36\Leftrightarrow 2x+8=36 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Ilias is 14 jaar}\)
  10. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=20 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=900 \Leftrightarrow 4x=900 \Leftrightarrow x=225\)
  11. \(x-45 = -31\Leftrightarrow x=-31+ 45 \Leftrightarrow x = 14\)
  12. \( 9 x-4=\frac{x}{3}+48 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 27x-12=x+144 \Leftrightarrow 27x-x=144+12 \Leftrightarrow 26x=156 \Leftrightarrow x=6\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-17 05:14:03
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen