Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 84. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  3. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 33. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 97. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een derde van het getal en 117. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 16 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 9 x-4=\frac{x}{5}+84 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-20=x+420 \Leftrightarrow 45x-x=420+20 \Leftrightarrow 44x=440 \Leftrightarrow x=10\)
  2. \(x=40 - 7 \Leftrightarrow x=33\)
  3. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=10 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=840 \Leftrightarrow 5x=840 \Leftrightarrow x=168\)
  4. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{11}x=28 \overset{\mbox{ .44 }}{ \Leftrightarrow } 11x-4x=1232 \Leftrightarrow 7x=1232 \Leftrightarrow x=176\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 33\Leftrightarrow 3x+3=33 \Leftrightarrow 3x = 30\Leftrightarrow x = 10 \text{ De getallen zijn 10, 11 en 12}\)
  6. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
  7. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=2 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=126 \Leftrightarrow 2x=126 \Leftrightarrow x=63\)
  8. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=15 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=150 \Leftrightarrow 3x=150 \Leftrightarrow x=50\)
  9. \( 3 x-5=\frac{x}{6}+97 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 18x-30=x+582 \Leftrightarrow 18x-x=582+30 \Leftrightarrow 17x=612 \Leftrightarrow x=36\)
  10. \( 7 x-3=\frac{x}{3}+117 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 21x-9=x+351 \Leftrightarrow 21x-x=351+9 \Leftrightarrow 20x=360 \Leftrightarrow x=18\)
  11. \(x=50 - 7 \Leftrightarrow x=43\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=16 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=1232 \Leftrightarrow 4x=1232 \Leftrightarrow x=308\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-08 02:48:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen