Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 36. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 51. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 86. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 32 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 91. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  12. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 182. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=4 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=396 \Leftrightarrow 2x=396 \Leftrightarrow x=198\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=7 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  3. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=2 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=70 \Leftrightarrow 2x=70 \Leftrightarrow x=35\)
  4. \(x-20 = 36\Leftrightarrow x=36+ 20 \Leftrightarrow x = 56\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 51\Leftrightarrow 3x+3=51 \Leftrightarrow 3x = 48\Leftrightarrow x = 16 \text{ De getallen zijn 16, 17 en 18}\)
  6. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=12 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  8. \(x+30 = 86\Leftrightarrow x=86- 30 \Leftrightarrow x = 56\)
  9. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{11}x=32 \overset{\mbox{ .33 }}{ \Leftrightarrow } 11x-3x=1056 \Leftrightarrow 8x=1056 \Leftrightarrow x=132\)
  10. \( 3 x-7=\frac{x}{5}+91 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-35=x+455 \Leftrightarrow 15x-x=455+35 \Leftrightarrow 14x=490 \Leftrightarrow x=35\)
  11. \(x=50 + 7 \Leftrightarrow x=57\)
  12. \( 4 x-7=\frac{x}{7}+182 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 28x-49=x+1274 \Leftrightarrow 28x-x=1274+49 \Leftrightarrow 27x=1323 \Leftrightarrow x=49\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-08 06:57:01
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen