Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  3. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je 19. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 45. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een achtste van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 45. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 198. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 26. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 79. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=21 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=378 \Leftrightarrow 7x=378 \Leftrightarrow x=54\)
  2. \(x=25 - 6 \Leftrightarrow x=19\)
  3. \(x-30 = 19\Leftrightarrow x=19+ 30 \Leftrightarrow x = 49\)
  4. \( 7 x-9=\frac{x}{4}+45 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 28x-36=x+180 \Leftrightarrow 28x-x=180+36 \Leftrightarrow 27x=216 \Leftrightarrow x=8\)
  5. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=1 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  6. \( \frac{1}{8}x-\frac{1}{11}x=3 \overset{\mbox{ .88 }}{ \Leftrightarrow } 11x-8x=264 \Leftrightarrow 3x=264 \Leftrightarrow x=88\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=4 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=16 \Leftrightarrow 1x=16 \Leftrightarrow x=16\)
  8. \( 3 x-7=\frac{x}{9}+45 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 27x-63=x+405 \Leftrightarrow 27x-x=405+63 \Leftrightarrow 26x=468 \Leftrightarrow x=18\)
  9. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+198 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+990 \Leftrightarrow 30x-x=990+25 \Leftrightarrow 29x=1015 \Leftrightarrow x=35\)
  10. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=2 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=30 \Leftrightarrow 2x=30 \Leftrightarrow x=15\)
  11. \( 4 x-7=\frac{x}{3}+26 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 12x-21=x+78 \Leftrightarrow 12x-x=78+21 \Leftrightarrow 11x=99 \Leftrightarrow x=9\)
  12. \(x+30 = 79\Leftrightarrow x=79- 30 \Leftrightarrow x = 49\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2025-04-04 04:01:38
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen