Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 244. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 63. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 108. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 118. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 17. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een achtste van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  2. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=35 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  3. \( 9 x-4=\frac{x}{7}+244 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 63x-28=x+1708 \Leftrightarrow 63x-x=1708+28 \Leftrightarrow 62x=1736 \Leftrightarrow x=28\)
  4. \(x+35 = 63\Leftrightarrow x=63- 35 \Leftrightarrow x = 28\)
  5. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=12 \Leftrightarrow 2x=12 \Leftrightarrow x=6\)
  6. \(x=25 + 7 \Leftrightarrow x=32\)
  7. \( 8 x-7=\frac{x}{3}+108 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 24x-21=x+324 \Leftrightarrow 24x-x=324+21 \Leftrightarrow 23x=345 \Leftrightarrow x=15\)
  8. \( 6 x-5=\frac{x}{7}+118 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 42x-35=x+826 \Leftrightarrow 42x-x=826+35 \Leftrightarrow 41x=861 \Leftrightarrow x=21\)
  9. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=25 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=2100 \Leftrightarrow 5x=2100 \Leftrightarrow x=420\)
  10. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=15 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=540 \Leftrightarrow 5x=540 \Leftrightarrow x=108\)
  11. \( 4 x-5=\frac{x}{3}+17 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 12x-15=x+51 \Leftrightarrow 12x-x=51+15 \Leftrightarrow 11x=66 \Leftrightarrow x=6\)
  12. \( \frac{1}{8}x-\frac{1}{11}x=6 \overset{\mbox{ .88 }}{ \Leftrightarrow } 11x-8x=528 \Leftrightarrow 3x=528 \Leftrightarrow x=176\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-10 12:25:45
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen