Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  2. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een getal vermindert met 35 bekom je 1. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 53. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 85. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 89. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 81. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  2. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=10 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=140 \Leftrightarrow 5x=140 \Leftrightarrow x=28\)
  3. \(x-35 = 1\Leftrightarrow x=1+ 35 \Leftrightarrow x = 36\)
  4. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=8 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=48 \Leftrightarrow 2x=48 \Leftrightarrow x=24\)
  5. \(x+35 = 53\Leftrightarrow x=53- 35 \Leftrightarrow x = 18\)
  6. \( 3 x-7=\frac{x}{8}+85 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 24x-56=x+680 \Leftrightarrow 24x-x=680+56 \Leftrightarrow 23x=736 \Leftrightarrow x=32\)
  7. \( 8 x-5=\frac{x}{6}+89 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 48x-30=x+534 \Leftrightarrow 48x-x=534+30 \Leftrightarrow 47x=564 \Leftrightarrow x=12\)
  8. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=10 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=840 \Leftrightarrow 5x=840 \Leftrightarrow x=168\)
  9. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=5 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=120 \Leftrightarrow 5x=120 \Leftrightarrow x=24\)
  10. \( 9 x-7=\frac{x}{5}+81 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-35=x+405 \Leftrightarrow 45x-x=405+35 \Leftrightarrow 44x=440 \Leftrightarrow x=10\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=9 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=90 \Leftrightarrow 3x=90 \Leftrightarrow x=30\)
  12. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=8 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=360 \Leftrightarrow 4x=360 \Leftrightarrow x=90\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-15 01:53:29
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen