Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 30. Wat zijn die getallen?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 489. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 130. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 82. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een getal vermeerdert met 25 bekom je 53. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 4 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  9. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je -5. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=14 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=15 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=600 \Leftrightarrow 3x=600 \Leftrightarrow x=200\)
  3. \(x+x+1+x+2 = 30\Leftrightarrow 3x+3=30 \Leftrightarrow 3x = 27\Leftrightarrow x = 9 \text{ De getallen zijn 9, 10 en 11}\)
  4. \( 9 x-8=\frac{x}{8}+489 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-64=x+3912 \Leftrightarrow 72x-x=3912+64 \Leftrightarrow 71x=3976 \Leftrightarrow x=56\)
  5. \( 5 x-6=\frac{x}{7}+130 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 35x-42=x+910 \Leftrightarrow 35x-x=910+42 \Leftrightarrow 34x=952 \Leftrightarrow x=28\)
  6. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+82 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+410 \Leftrightarrow 30x-x=410+25 \Leftrightarrow 29x=435 \Leftrightarrow x=15\)
  7. \(x+25 = 53\Leftrightarrow x=53- 25 \Leftrightarrow x = 28\)
  8. \(x=35 + 4 \Leftrightarrow x=39\)
  9. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=4 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=180 \Leftrightarrow 4x=180 \Leftrightarrow x=45\)
  10. \(x-20 = -5\Leftrightarrow x=-5+ 20 \Leftrightarrow x = 15\)
  11. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=5 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=180 \Leftrightarrow 5x=180 \Leftrightarrow x=36\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=3 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=210 \Leftrightarrow 3x=210 \Leftrightarrow x=70\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-17 03:37:01
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen