Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 211. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 65. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 20 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 202. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 77. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 161. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 33 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  9. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je -2. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 8 x-9=\frac{x}{7}+211 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-63=x+1477 \Leftrightarrow 56x-x=1477+63 \Leftrightarrow 55x=1540 \Leftrightarrow x=28\)
  2. \(x+30 = 65\Leftrightarrow x=65- 30 \Leftrightarrow x = 35\)
  3. \(x+x-4 = 20\Leftrightarrow 2x-4=20 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Noah is 12 jaar}\)
  4. \( 9 x-8=\frac{x}{4}+202 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 36x-32=x+808 \Leftrightarrow 36x-x=808+32 \Leftrightarrow 35x=840 \Leftrightarrow x=24\)
  5. \( 6 x-5=\frac{x}{7}+77 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 42x-35=x+539 \Leftrightarrow 42x-x=539+35 \Leftrightarrow 41x=574 \Leftrightarrow x=14\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{7}x=20 \overset{\mbox{ .21 }}{ \Leftrightarrow } 7x-3x=420 \Leftrightarrow 4x=420 \Leftrightarrow x=105\)
  7. \( 7 x-3=\frac{x}{6}+161 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-18=x+966 \Leftrightarrow 42x-x=966+18 \Leftrightarrow 41x=984 \Leftrightarrow x=24\)
  8. \(x+x+3 = 33\Leftrightarrow 2x+3=33 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Xander is 15 jaar}\)
  9. \(x-30 = -2\Leftrightarrow x=-2+ 30 \Leftrightarrow x = 28\)
  10. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=5 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=20 \Leftrightarrow 1x=20 \Leftrightarrow x=20\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  12. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=2 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=70 \Leftrightarrow 2x=70 \Leftrightarrow x=35\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-15 08:38:47
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen