Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 45. Wat zijn die getallen?\(\)
  3. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 40 bekom je 82. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 4 jaar ouder. Samen zijn ze 32 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 89. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 21. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een achtste van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 166. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=20 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=280 \Leftrightarrow 5x=280 \Leftrightarrow x=56\)
  2. \(x+x+1+x+2 = 45\Leftrightarrow 3x+3=45 \Leftrightarrow 3x = 42\Leftrightarrow x = 14 \text{ De getallen zijn 14, 15 en 16}\)
  3. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  4. \(x+40 = 82\Leftrightarrow x=82- 40 \Leftrightarrow x = 42\)
  5. \(x+x+4 = 32\Leftrightarrow 2x+4=32 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Xander is 14 jaar}\)
  6. \( 6 x-5=\frac{x}{8}+89 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-40=x+712 \Leftrightarrow 48x-x=712+40 \Leftrightarrow 47x=752 \Leftrightarrow x=16\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=2 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=70 \Leftrightarrow 2x=70 \Leftrightarrow x=35\)
  8. \( 4 x-9=\frac{x}{4}+21 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-36=x+84 \Leftrightarrow 16x-x=84+36 \Leftrightarrow 15x=120 \Leftrightarrow x=8\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=12 \Leftrightarrow 2x=12 \Leftrightarrow x=6\)
  10. \( \frac{1}{8}x-\frac{1}{11}x=15 \overset{\mbox{ .88 }}{ \Leftrightarrow } 11x-8x=1320 \Leftrightarrow 3x=1320 \Leftrightarrow x=440\)
  11. \( 5 x-8=\frac{x}{6}+166 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 30x-48=x+996 \Leftrightarrow 30x-x=996+48 \Leftrightarrow 29x=1044 \Leftrightarrow x=36\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-03 23:33:49
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen