Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 15. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 30. Wat zijn die getallen?\(\)
  4. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 196. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  7. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 20 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  8. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 2 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een derde van het getal en 72. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 429. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 6 jaar ouder. Samen zijn ze 26 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  12. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 111. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x-20 = 15\Leftrightarrow x=15+ 20 \Leftrightarrow x = 35\)
  2. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
  3. \(x+x+1+x+2 = 30\Leftrightarrow 3x+3=30 \Leftrightarrow 3x = 27\Leftrightarrow x = 9 \text{ De getallen zijn 9, 10 en 11}\)
  4. \( 5 x-8=\frac{x}{7}+196 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 35x-56=x+1372 \Leftrightarrow 35x-x=1372+56 \Leftrightarrow 34x=1428 \Leftrightarrow x=42\)
  5. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=6 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=60 \Leftrightarrow 3x=60 \Leftrightarrow x=20\)
  6. \(x=40 - 3 \Leftrightarrow x=37\)
  7. \(x+x-4 = 20\Leftrightarrow 2x-4=20 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Joran is 12 jaar}\)
  8. \(x=35 - 2 \Leftrightarrow x=33\)
  9. \( 7 x-8=\frac{x}{3}+72 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 21x-24=x+216 \Leftrightarrow 21x-x=216+24 \Leftrightarrow 20x=240 \Leftrightarrow x=12\)
  10. \( 9 x-5=\frac{x}{7}+429 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 63x-35=x+3003 \Leftrightarrow 63x-x=3003+35 \Leftrightarrow 62x=3038 \Leftrightarrow x=49\)
  11. \(x+x+6 = 26\Leftrightarrow 2x+6=26 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Ruben is 10 jaar}\)
  12. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+111 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+555 \Leftrightarrow 30x-x=555+25 \Leftrightarrow 29x=580 \Leftrightarrow x=20\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-31 02:39:58
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen