Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  2. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 101. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 35 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 493. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 25 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 154. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een achtste van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 2 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=21 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1260 \Leftrightarrow 7x=1260 \Leftrightarrow x=180\)
  3. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=10 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=990 \Leftrightarrow 2x=990 \Leftrightarrow x=495\)
  4. \(x+45 = 101\Leftrightarrow x=101- 45 \Leftrightarrow x = 56\)
  5. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=6 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=240 \Leftrightarrow 3x=240 \Leftrightarrow x=80\)
  6. \(x+x+5 = 35\Leftrightarrow 2x+5=35 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Joran is 15 jaar}\)
  7. \( 9 x-4=\frac{x}{8}+493 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-32=x+3944 \Leftrightarrow 72x-x=3944+32 \Leftrightarrow 71x=3976 \Leftrightarrow x=56\)
  8. \(x+x-3 = 25\Leftrightarrow 2x-3=25 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Xander is 14 jaar}\)
  9. \( 7 x-8=\frac{x}{4}+154 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 28x-32=x+616 \Leftrightarrow 28x-x=616+32 \Leftrightarrow 27x=648 \Leftrightarrow x=24\)
  10. \( \frac{1}{8}x-\frac{1}{11}x=12 \overset{\mbox{ .88 }}{ \Leftrightarrow } 11x-8x=1056 \Leftrightarrow 3x=1056 \Leftrightarrow x=352\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  12. \(x=35 - 2 \Leftrightarrow x=33\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-09-17 06:24:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen