Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 115. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  3. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 282. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 128. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een getal vermeerdert met 25 bekom je 57. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een getal vermindert met 50 bekom je -8. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 31 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  10. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 86. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  12. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 3 x-4=\frac{x}{6}+115 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 18x-24=x+690 \Leftrightarrow 18x-x=690+24 \Leftrightarrow 17x=714 \Leftrightarrow x=42\)
  2. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  3. \( 7 x-5=\frac{x}{6}+282 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-30=x+1692 \Leftrightarrow 42x-x=1692+30 \Leftrightarrow 41x=1722 \Leftrightarrow x=42\)
  4. \( 9 x-4=\frac{x}{5}+128 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-20=x+640 \Leftrightarrow 45x-x=640+20 \Leftrightarrow 44x=660 \Leftrightarrow x=15\)
  5. \(x+25 = 57\Leftrightarrow x=57- 25 \Leftrightarrow x = 32\)
  6. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=7 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=10 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=240 \Leftrightarrow 5x=240 \Leftrightarrow x=48\)
  8. \(x-50 = -8\Leftrightarrow x=-8+ 50 \Leftrightarrow x = 42\)
  9. \(x+x+3 = 31\Leftrightarrow 2x+3=31 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Xander is 14 jaar}\)
  10. \( 5 x-9=\frac{x}{4}+86 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 20x-36=x+344 \Leftrightarrow 20x-x=344+36 \Leftrightarrow 19x=380 \Leftrightarrow x=20\)
  11. \(x=25 - 7 \Leftrightarrow x=18\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=5 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=20 \Leftrightarrow 1x=20 \Leftrightarrow x=20\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-06 05:40:27
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen