Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 7 jaar ouder. Samen zijn ze 41 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  2. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 268. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 197. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 183. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 99. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 8 jaar jonger. Samen zijn ze 24 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  8. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 351. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 90. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermindert met 25 bekom je 11. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+7 = 41\Leftrightarrow 2x+7=41 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Noah is 17 jaar}\)
  2. \( 8 x-5=\frac{x}{5}+268 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 40x-25=x+1340 \Leftrightarrow 40x-x=1340+25 \Leftrightarrow 39x=1365 \Leftrightarrow x=35\)
  3. \( 7 x-8=\frac{x}{6}+197 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-48=x+1182 \Leftrightarrow 42x-x=1182+48 \Leftrightarrow 41x=1230 \Leftrightarrow x=30\)
  4. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
  5. \( 4 x-3=\frac{x}{8}+183 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-24=x+1464 \Leftrightarrow 32x-x=1464+24 \Leftrightarrow 31x=1488 \Leftrightarrow x=48\)
  6. \( 6 x-7=\frac{x}{9}+99 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-63=x+891 \Leftrightarrow 54x-x=891+63 \Leftrightarrow 53x=954 \Leftrightarrow x=18\)
  7. \(x+x-8 = 24\Leftrightarrow 2x-8=24 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Ruben is 16 jaar}\)
  8. \( 9 x-4=\frac{x}{8}+351 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-32=x+2808 \Leftrightarrow 72x-x=2808+32 \Leftrightarrow 71x=2840 \Leftrightarrow x=40\)
  9. \( 3 x-8=\frac{x}{5}+90 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-40=x+450 \Leftrightarrow 15x-x=450+40 \Leftrightarrow 14x=490 \Leftrightarrow x=35\)
  10. \(x-25 = 11\Leftrightarrow x=11+ 25 \Leftrightarrow x = 36\)
  11. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=10 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-05 05:12:43
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen