Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 208. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 30 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 20 bekom je 48. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 157. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 203. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  10. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  12. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 9 x-4=\frac{x}{6}+208 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-24=x+1248 \Leftrightarrow 54x-x=1248+24 \Leftrightarrow 53x=1272 \Leftrightarrow x=24\)
  2. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=35 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  3. \(x+x+8 = 30\Leftrightarrow 2x+8=30 \Leftrightarrow 2x = 22\Leftrightarrow x = 11 \text{ Ilias is 11 jaar}\)
  4. \(x+20 = 48\Leftrightarrow x=48- 20 \Leftrightarrow x = 28\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=20 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=480 \Leftrightarrow 5x=480 \Leftrightarrow x=96\)
  6. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=15 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=600 \Leftrightarrow 3x=600 \Leftrightarrow x=200\)
  7. \( 7 x-5=\frac{x}{4}+157 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 28x-20=x+628 \Leftrightarrow 28x-x=628+20 \Leftrightarrow 27x=648 \Leftrightarrow x=24\)
  8. \( 4 x-7=\frac{x}{9}+203 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 36x-63=x+1827 \Leftrightarrow 36x-x=1827+63 \Leftrightarrow 35x=1890 \Leftrightarrow x=54\)
  9. \(x=40 - 3 \Leftrightarrow x=37\)
  10. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  11. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=5 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=70 \Leftrightarrow 5x=70 \Leftrightarrow x=14\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-11 14:26:46
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen