Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 4 jaar ouder. Samen zijn ze 32 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  3. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  5. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 22. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 53. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  9. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=10 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
  2. \(x+x+4 = 32\Leftrightarrow 2x+4=32 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Wietse is 14 jaar}\)
  3. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=4 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=16 \Leftrightarrow 1x=16 \Leftrightarrow x=16\)
  4. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  5. \(x-20 = 22\Leftrightarrow x=22+ 20 \Leftrightarrow x = 42\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  7. \( 3 x-7=\frac{x}{7}+53 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 21x-49=x+371 \Leftrightarrow 21x-x=371+49 \Leftrightarrow 20x=420 \Leftrightarrow x=21\)
  8. \(x=50 + 3 \Leftrightarrow x=53\)
  9. \(x=30 + 7 \Leftrightarrow x=37\)
  10. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{9}x=28 \overset{\mbox{ .18 }}{ \Leftrightarrow } 9x-2x=504 \Leftrightarrow 7x=504 \Leftrightarrow x=72\)
  11. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=15 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=360 \Leftrightarrow 5x=360 \Leftrightarrow x=72\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-24 11:30:03
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen