Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 59. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 66. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  6. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 33 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 215. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 4 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  10. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een derde van het getal en 24. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 283. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+45 = 59\Leftrightarrow x=59- 45 \Leftrightarrow x = 14\)
  2. \( 4 x-3=\frac{x}{6}+66 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 24x-18=x+396 \Leftrightarrow 24x-x=396+18 \Leftrightarrow 23x=414 \Leftrightarrow x=18\)
  3. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=7 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=420 \Leftrightarrow 7x=420 \Leftrightarrow x=60\)
  4. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  5. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  6. \(x+x+3 = 33\Leftrightarrow 2x+3=33 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Ilias is 15 jaar}\)
  7. \( 8 x-5=\frac{x}{7}+215 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-35=x+1505 \Leftrightarrow 56x-x=1505+35 \Leftrightarrow 55x=1540 \Leftrightarrow x=28\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=4 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=48 \Leftrightarrow 1x=48 \Leftrightarrow x=48\)
  9. \(x=45 - 4 \Leftrightarrow x=41\)
  10. \( 3 x-8=\frac{x}{3}+24 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 9x-24=x+72 \Leftrightarrow 9x-x=72+24 \Leftrightarrow 8x=96 \Leftrightarrow x=12\)
  11. \( 7 x-5=\frac{x}{7}+283 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 49x-35=x+1981 \Leftrightarrow 49x-x=1981+35 \Leftrightarrow 48x=2016 \Leftrightarrow x=42\)
  12. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{11}x=7 \overset{\mbox{ .44 }}{ \Leftrightarrow } 11x-4x=308 \Leftrightarrow 7x=308 \Leftrightarrow x=44\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-21 17:46:36
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen