Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 8 jaar jonger. Samen zijn ze 16 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 50. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  8. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 71. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 71. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x-8 = 16\Leftrightarrow 2x-8=16 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Sofiane is 12 jaar}\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=8 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=360 \Leftrightarrow 4x=360 \Leftrightarrow x=90\)
  3. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=15 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=1260 \Leftrightarrow 5x=1260 \Leftrightarrow x=252\)
  4. \( 4 x-7=\frac{x}{5}+50 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 20x-35=x+250 \Leftrightarrow 20x-x=250+35 \Leftrightarrow 19x=285 \Leftrightarrow x=15\)
  5. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=12 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  6. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=8 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=48 \Leftrightarrow 2x=48 \Leftrightarrow x=24\)
  7. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  8. \(x+50 = 71\Leftrightarrow x=71- 50 \Leftrightarrow x = 21\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  10. \( 9 x-7=\frac{x}{3}+71 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 27x-21=x+213 \Leftrightarrow 27x-x=213+21 \Leftrightarrow 26x=234 \Leftrightarrow x=9\)
  11. \(x=45 + 7 \Leftrightarrow x=52\)
  12. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-01 06:11:44
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen