Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 140. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 61. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 33. Wat zijn die getallen?\(\)
  4. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 93. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 306. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 27 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een getal vermindert met 40 bekom je -16. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 24 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 4 jaar jonger. Samen zijn ze 20 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 6 x-5=\frac{x}{5}+140 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-25=x+700 \Leftrightarrow 30x-x=700+25 \Leftrightarrow 29x=725 \Leftrightarrow x=25\)
  2. \(x+45 = 61\Leftrightarrow x=61- 45 \Leftrightarrow x = 16\)
  3. \(x+x+1+x+2 = 33\Leftrightarrow 3x+3=33 \Leftrightarrow 3x = 30\Leftrightarrow x = 10 \text{ De getallen zijn 10, 11 en 12}\)
  4. \( 7 x-9=\frac{x}{5}+93 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-45=x+465 \Leftrightarrow 35x-x=465+45 \Leftrightarrow 34x=510 \Leftrightarrow x=15\)
  5. \( 8 x-9=\frac{x}{8}+306 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-72=x+2448 \Leftrightarrow 64x-x=2448+72 \Leftrightarrow 63x=2520 \Leftrightarrow x=40\)
  6. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{11}x=27 \overset{\mbox{ .22 }}{ \Leftrightarrow } 11x-2x=594 \Leftrightarrow 9x=594 \Leftrightarrow x=66\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=8 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=48 \Leftrightarrow 2x=48 \Leftrightarrow x=24\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  9. \(x-40 = -16\Leftrightarrow x=-16+ 40 \Leftrightarrow x = 24\)
  10. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=4 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=140 \Leftrightarrow 2x=140 \Leftrightarrow x=70\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{11}x=24 \overset{\mbox{ .33 }}{ \Leftrightarrow } 11x-3x=792 \Leftrightarrow 8x=792 \Leftrightarrow x=99\)
  12. \(x+x-4 = 20\Leftrightarrow 2x-4=20 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Ruben is 12 jaar}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-28 14:27:01
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen