Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een negende van het getal en 472. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  3. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 25 bekom je 31. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 27. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)Lennert is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 27 jaar. Hoe oud is Lennert ?\(\)
  7. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  9. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zesde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je -8. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 9 x-8=\frac{x}{9}+472 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 81x-72=x+4248 \Leftrightarrow 81x-x=4248+72 \Leftrightarrow 80x=4320 \Leftrightarrow x=54\)
  2. \(x=20 - 7 \Leftrightarrow x=13\)
  3. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=168 \Leftrightarrow 3x=168 \Leftrightarrow x=56\)
  4. \(x+25 = 31\Leftrightarrow x=31- 25 \Leftrightarrow x = 6\)
  5. \( 4 x-3=\frac{x}{4}+27 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-12=x+108 \Leftrightarrow 16x-x=108+12 \Leftrightarrow 15x=120 \Leftrightarrow x=8\)
  6. \(x+x-3 = 27\Leftrightarrow 2x-3=27 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Lennert is 15 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=35 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=2100 \Leftrightarrow 7x=2100 \Leftrightarrow x=300\)
  8. \(x=50 + 3 \Leftrightarrow x=53\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=5 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=20 \Leftrightarrow 1x=20 \Leftrightarrow x=20\)
  10. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=4 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=308 \Leftrightarrow 4x=308 \Leftrightarrow x=77\)
  11. \( \frac{1}{6}x-\frac{1}{11}x=5 \overset{\mbox{ .66 }}{ \Leftrightarrow } 11x-6x=330 \Leftrightarrow 5x=330 \Leftrightarrow x=66\)
  12. \(x-20 = -8\Leftrightarrow x=-8+ 20 \Leftrightarrow x = 12\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-03 00:24:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen