Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 42. Wat zijn die getallen?\(\)
  4. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  5. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een negende van het getal en 177. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 87. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 124. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 1. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 18. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  11. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 73. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 171. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{11}x=9 \overset{\mbox{ .22 }}{ \Leftrightarrow } 11x-2x=198 \Leftrightarrow 9x=198 \Leftrightarrow x=22\)
  2. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=20 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=720 \Leftrightarrow 5x=720 \Leftrightarrow x=144\)
  3. \(x+x+1+x+2 = 42\Leftrightarrow 3x+3=42 \Leftrightarrow 3x = 39\Leftrightarrow x = 13 \text{ De getallen zijn 13, 14 en 15}\)
  4. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  5. \( 7 x-9=\frac{x}{9}+177 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-81=x+1593 \Leftrightarrow 63x-x=1593+81 \Leftrightarrow 62x=1674 \Leftrightarrow x=27\)
  6. \( 6 x-5=\frac{x}{4}+87 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 24x-20=x+348 \Leftrightarrow 24x-x=348+20 \Leftrightarrow 23x=368 \Leftrightarrow x=16\)
  7. \( 4 x-9=\frac{x}{5}+124 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 20x-45=x+620 \Leftrightarrow 20x-x=620+45 \Leftrightarrow 19x=665 \Leftrightarrow x=35\)
  8. \(x-20 = 1\Leftrightarrow x=1+ 20 \Leftrightarrow x = 21\)
  9. \( 3 x-4=\frac{x}{4}+18 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-16=x+72 \Leftrightarrow 12x-x=72+16 \Leftrightarrow 11x=88 \Leftrightarrow x=8\)
  10. \(x=35 + 3 \Leftrightarrow x=38\)
  11. \(x+45 = 73\Leftrightarrow x=73- 45 \Leftrightarrow x = 28\)
  12. \( 9 x-4=\frac{x}{4}+171 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 36x-16=x+684 \Leftrightarrow 36x-x=684+16 \Leftrightarrow 35x=700 \Leftrightarrow x=20\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-16 15:33:53
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen