Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  3. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 6 jaar ouder. Samen zijn ze 30 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  4. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 80. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)Lennert is x jaar. Zijn zus is 5 jaar jonger. Samen zijn ze 23 jaar. Hoe oud is Lennert ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 306. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 35. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 57. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=12 \Leftrightarrow 2x=12 \Leftrightarrow x=6\)
  2. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  3. \(x+x+6 = 30\Leftrightarrow 2x+6=30 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Sofiane is 12 jaar}\)
  4. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  5. \( 3 x-4=\frac{x}{5}+80 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-20=x+400 \Leftrightarrow 15x-x=400+20 \Leftrightarrow 14x=420 \Leftrightarrow x=30\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=10 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=240 \Leftrightarrow 5x=240 \Leftrightarrow x=48\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=35 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=1050 \Leftrightarrow 7x=1050 \Leftrightarrow x=150\)
  8. \(x+x-5 = 23\Leftrightarrow 2x-5=23 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Lennert is 14 jaar}\)
  9. \( 8 x-9=\frac{x}{8}+306 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-72=x+2448 \Leftrightarrow 64x-x=2448+72 \Leftrightarrow 63x=2520 \Leftrightarrow x=40\)
  10. \( 5 x-7=\frac{x}{3}+35 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-21=x+105 \Leftrightarrow 15x-x=105+21 \Leftrightarrow 14x=126 \Leftrightarrow x=9\)
  11. \(x+45 = 57\Leftrightarrow x=57- 45 \Leftrightarrow x = 12\)
  12. \(x=50 - 3 \Leftrightarrow x=47\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-19 20:37:34
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen