Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 4 jaar ouder. Samen zijn ze 36 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 79. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 74. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 242. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 65. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 18 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 101. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=8 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=616 \Leftrightarrow 4x=616 \Leftrightarrow x=154\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=14 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
  3. \(x+x+4 = 36\Leftrightarrow 2x+4=36 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Ruben is 16 jaar}\)
  4. \( 3 x-5=\frac{x}{5}+79 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-25=x+395 \Leftrightarrow 15x-x=395+25 \Leftrightarrow 14x=420 \Leftrightarrow x=30\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  6. \( 7 x-8=\frac{x}{6}+74 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-48=x+444 \Leftrightarrow 42x-x=444+48 \Leftrightarrow 41x=492 \Leftrightarrow x=12\)
  7. \( 4 x-3=\frac{x}{9}+242 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 36x-27=x+2178 \Leftrightarrow 36x-x=2178+27 \Leftrightarrow 35x=2205 \Leftrightarrow x=63\)
  8. \(x=45 - 7 \Leftrightarrow x=38\)
  9. \( 5 x-7=\frac{x}{5}+65 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 25x-35=x+325 \Leftrightarrow 25x-x=325+35 \Leftrightarrow 24x=360 \Leftrightarrow x=15\)
  10. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=25 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=900 \Leftrightarrow 5x=900 \Leftrightarrow x=180\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{11}x=18 \overset{\mbox{ .22 }}{ \Leftrightarrow } 11x-2x=396 \Leftrightarrow 9x=396 \Leftrightarrow x=44\)
  12. \( 9 x-4=\frac{x}{4}+101 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 36x-16=x+404 \Leftrightarrow 36x-x=404+16 \Leftrightarrow 35x=420 \Leftrightarrow x=12\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-23 11:53:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen