Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een derde van het getal en 92. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 233. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een getal vermindert met 35 bekom je -27. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 30 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 39 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  8. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  9. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 73. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 5 jaar jonger. Samen zijn ze 23 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  11. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 42. Wat zijn die getallen?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=1 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  2. \( 5 x-6=\frac{x}{3}+92 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-18=x+276 \Leftrightarrow 15x-x=276+18 \Leftrightarrow 14x=294 \Leftrightarrow x=21\)
  3. \( 9 x-7=\frac{x}{9}+233 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 81x-63=x+2097 \Leftrightarrow 81x-x=2097+63 \Leftrightarrow 80x=2160 \Leftrightarrow x=27\)
  4. \(x-35 = -27\Leftrightarrow x=-27+ 35 \Leftrightarrow x = 8\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  6. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{11}x=30 \overset{\mbox{ .55 }}{ \Leftrightarrow } 11x-5x=1650 \Leftrightarrow 6x=1650 \Leftrightarrow x=275\)
  7. \(x+x+5 = 39\Leftrightarrow 2x+5=39 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Xander is 17 jaar}\)
  8. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  9. \(x+45 = 73\Leftrightarrow x=73- 45 \Leftrightarrow x = 28\)
  10. \(x+x-5 = 23\Leftrightarrow 2x-5=23 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Ilias is 14 jaar}\)
  11. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  12. \(x+x+1+x+2 = 42\Leftrightarrow 3x+3=42 \Leftrightarrow 3x = 39\Leftrightarrow x = 13 \text{ De getallen zijn 13, 14 en 15}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-10 15:37:48
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen