Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 27. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  6. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 324. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 261. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een negende van het getal en 236. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  11. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 73. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een getal vermindert met 35 bekom je -27. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=25 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=350 \Leftrightarrow 5x=350 \Leftrightarrow x=70\)
  2. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=10 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=60 \Leftrightarrow 2x=60 \Leftrightarrow x=30\)
  3. \( 3 x-7=\frac{x}{6}+27 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 18x-42=x+162 \Leftrightarrow 18x-x=162+42 \Leftrightarrow 17x=204 \Leftrightarrow x=12\)
  4. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=5 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=20 \Leftrightarrow 1x=20 \Leftrightarrow x=20\)
  5. \(x=25 - 6 \Leftrightarrow x=19\)
  6. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=9 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=90 \Leftrightarrow 3x=90 \Leftrightarrow x=30\)
  7. \( 6 x-5=\frac{x}{8}+324 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-40=x+2592 \Leftrightarrow 48x-x=2592+40 \Leftrightarrow 47x=2632 \Leftrightarrow x=56\)
  8. \( 9 x-4=\frac{x}{6}+261 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-24=x+1566 \Leftrightarrow 54x-x=1566+24 \Leftrightarrow 53x=1590 \Leftrightarrow x=30\)
  9. \( 4 x-9=\frac{x}{9}+236 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 36x-81=x+2124 \Leftrightarrow 36x-x=2124+81 \Leftrightarrow 35x=2205 \Leftrightarrow x=63\)
  10. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  11. \( 5 x-3=\frac{x}{4}+73 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 20x-12=x+292 \Leftrightarrow 20x-x=292+12 \Leftrightarrow 19x=304 \Leftrightarrow x=16\)
  12. \(x-35 = -27\Leftrightarrow x=-27+ 35 \Leftrightarrow x = 8\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-09-23 03:48:15
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen