Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  4. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 14 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een derde van het getal en 19. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een getal vermindert met 35 bekom je -27. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 29 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  11. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 373. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=7 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=210 \Leftrightarrow 7x=210 \Leftrightarrow x=30\)
  2. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=6 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=378 \Leftrightarrow 2x=378 \Leftrightarrow x=189\)
  3. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  4. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{11}x=14 \overset{\mbox{ .44 }}{ \Leftrightarrow } 11x-4x=616 \Leftrightarrow 7x=616 \Leftrightarrow x=88\)
  5. \( 5 x-9=\frac{x}{3}+19 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 15x-27=x+57 \Leftrightarrow 15x-x=57+27 \Leftrightarrow 14x=84 \Leftrightarrow x=6\)
  6. \(x-35 = -27\Leftrightarrow x=-27+ 35 \Leftrightarrow x = 8\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=12 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  8. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=10 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=240 \Leftrightarrow 5x=240 \Leftrightarrow x=48\)
  9. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=15 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=1050 \Leftrightarrow 3x=1050 \Leftrightarrow x=350\)
  10. \(x+x-3 = 29\Leftrightarrow 2x-3=29 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Xander is 16 jaar}\)
  11. \( 8 x-5=\frac{x}{8}+373 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-40=x+2984 \Leftrightarrow 64x-x=2984+40 \Leftrightarrow 63x=3024 \Leftrightarrow x=48\)
  12. \(x=35 + 3 \Leftrightarrow x=38\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-11 12:55:52
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen