Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermeerdert met 20 bekom je 76. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  3. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 270. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 241. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 27 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  7. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 196. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 45. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+20 = 76\Leftrightarrow x=76- 20 \Leftrightarrow x = 56\)
  2. \(x=25 - 6 \Leftrightarrow x=19\)
  3. \( 7 x-5=\frac{x}{8}+270 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 56x-40=x+2160 \Leftrightarrow 56x-x=2160+40 \Leftrightarrow 55x=2200 \Leftrightarrow x=40\)
  4. \( 9 x-7=\frac{x}{7}+241 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 63x-49=x+1687 \Leftrightarrow 63x-x=1687+49 \Leftrightarrow 62x=1736 \Leftrightarrow x=28\)
  5. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=210 \Leftrightarrow 2x=210 \Leftrightarrow x=105\)
  6. \(x+x+3 = 27\Leftrightarrow 2x+3=27 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Joran is 12 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=25 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=350 \Leftrightarrow 5x=350 \Leftrightarrow x=70\)
  8. \( 6 x-7=\frac{x}{5}+196 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 30x-35=x+980 \Leftrightarrow 30x-x=980+35 \Leftrightarrow 29x=1015 \Leftrightarrow x=35\)
  9. \( 4 x-9=\frac{x}{7}+45 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 28x-63=x+315 \Leftrightarrow 28x-x=315+63 \Leftrightarrow 27x=378 \Leftrightarrow x=14\)
  10. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=6 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=240 \Leftrightarrow 3x=240 \Leftrightarrow x=80\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=6 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=36 \Leftrightarrow 2x=36 \Leftrightarrow x=18\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=15 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=150 \Leftrightarrow 3x=150 \Leftrightarrow x=50\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-09-01 10:30:10
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen