Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 101. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een negende van het getal en 426. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 36. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  5. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 149. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 61. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 4 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 29. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 6 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 47. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 8 x-9=\frac{x}{7}+101 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-63=x+707 \Leftrightarrow 56x-x=707+63 \Leftrightarrow 55x=770 \Leftrightarrow x=14\)
  2. \( 7 x-8=\frac{x}{9}+426 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-72=x+3834 \Leftrightarrow 63x-x=3834+72 \Leftrightarrow 62x=3906 \Leftrightarrow x=63\)
  3. \( 4 x-9=\frac{x}{4}+36 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-36=x+144 \Leftrightarrow 16x-x=144+36 \Leftrightarrow 15x=180 \Leftrightarrow x=12\)
  4. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  5. \( 3 x-7=\frac{x}{9}+149 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 27x-63=x+1341 \Leftrightarrow 27x-x=1341+63 \Leftrightarrow 26x=1404 \Leftrightarrow x=54\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=6 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=90 \Leftrightarrow 2x=90 \Leftrightarrow x=45\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=10 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=140 \Leftrightarrow 5x=140 \Leftrightarrow x=28\)
  8. \( 5 x-7=\frac{x}{7}+61 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 35x-49=x+427 \Leftrightarrow 35x-x=427+49 \Leftrightarrow 34x=476 \Leftrightarrow x=14\)
  9. \(x=45 + 4 \Leftrightarrow x=49\)
  10. \(x-20 = 29\Leftrightarrow x=29+ 20 \Leftrightarrow x = 49\)
  11. \(x=25 + 6 \Leftrightarrow x=31\)
  12. \(x+35 = 47\Leftrightarrow x=47- 35 \Leftrightarrow x = 12\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-19 11:52:36
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen