Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je 1. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 56. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 52. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  6. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een negende van het getal en 212. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een derde van het getal en 74. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 160. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 305. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 33 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  11. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 51. Wat zijn die getallen?\(\)
  12. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x-20 = 1\Leftrightarrow x=1+ 20 \Leftrightarrow x = 21\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=21 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1260 \Leftrightarrow 7x=1260 \Leftrightarrow x=180\)
  3. \(x+35 = 56\Leftrightarrow x=56- 35 \Leftrightarrow x = 21\)
  4. \( 4 x-5=\frac{x}{5}+52 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 20x-25=x+260 \Leftrightarrow 20x-x=260+25 \Leftrightarrow 19x=285 \Leftrightarrow x=15\)
  5. \(x=20 + 3 \Leftrightarrow x=23\)
  6. \( 5 x-8=\frac{x}{9}+212 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 45x-72=x+1908 \Leftrightarrow 45x-x=1908+72 \Leftrightarrow 44x=1980 \Leftrightarrow x=45\)
  7. \( 7 x-6=\frac{x}{3}+74 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 21x-18=x+222 \Leftrightarrow 21x-x=222+18 \Leftrightarrow 20x=240 \Leftrightarrow x=12\)
  8. \( 8 x-5=\frac{x}{7}+160 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-35=x+1120 \Leftrightarrow 56x-x=1120+35 \Leftrightarrow 55x=1155 \Leftrightarrow x=21\)
  9. \( 9 x-5=\frac{x}{7}+305 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 63x-35=x+2135 \Leftrightarrow 63x-x=2135+35 \Leftrightarrow 62x=2170 \Leftrightarrow x=35\)
  10. \(x+x+3 = 33\Leftrightarrow 2x+3=33 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Joran is 15 jaar}\)
  11. \(x+x+1+x+2 = 51\Leftrightarrow 3x+3=51 \Leftrightarrow 3x = 48\Leftrightarrow x = 16 \text{ De getallen zijn 16, 17 en 18}\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=6 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=90 \Leftrightarrow 2x=90 \Leftrightarrow x=45\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-27 07:05:56
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen