Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 6 jaar ouder. Samen zijn ze 36 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  3. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 208. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 53. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  8. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 179. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 205. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=20 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=280 \Leftrightarrow 5x=280 \Leftrightarrow x=56\)
  2. \(x+x+6 = 36\Leftrightarrow 2x+6=36 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Wietse is 15 jaar}\)
  3. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  4. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=3 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  5. \( 9 x-4=\frac{x}{6}+208 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-24=x+1248 \Leftrightarrow 54x-x=1248+24 \Leftrightarrow 53x=1272 \Leftrightarrow x=24\)
  6. \(x+45 = 53\Leftrightarrow x=53- 45 \Leftrightarrow x = 8\)
  7. \(x=50 + 7 \Leftrightarrow x=57\)
  8. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=35 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=1050 \Leftrightarrow 7x=1050 \Leftrightarrow x=150\)
  9. \( 8 x-7=\frac{x}{4}+179 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 32x-28=x+716 \Leftrightarrow 32x-x=716+28 \Leftrightarrow 31x=744 \Leftrightarrow x=24\)
  10. \( 6 x-5=\frac{x}{6}+205 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 36x-30=x+1230 \Leftrightarrow 36x-x=1230+30 \Leftrightarrow 35x=1260 \Leftrightarrow x=36\)
  11. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=15 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=540 \Leftrightarrow 5x=540 \Leftrightarrow x=108\)
  12. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=4 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=140 \Leftrightarrow 2x=140 \Leftrightarrow x=70\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-27 15:42:19
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen