Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zesde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 228. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)Noah is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 31 jaar. Hoe oud is Noah ?\(\)
  5. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 120. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 227. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 87. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 92. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een getal vermeerdert met 35 bekom je 51. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{6}x-\frac{1}{11}x=25 \overset{\mbox{ .66 }}{ \Leftrightarrow } 11x-6x=1650 \Leftrightarrow 5x=1650 \Leftrightarrow x=330\)
  2. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  3. \( 6 x-7=\frac{x}{8}+228 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 48x-56=x+1824 \Leftrightarrow 48x-x=1824+56 \Leftrightarrow 47x=1880 \Leftrightarrow x=40\)
  4. \(x+x+3 = 31\Leftrightarrow 2x+3=31 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Noah is 14 jaar}\)
  5. \( 9 x-4=\frac{x}{7}+120 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 63x-28=x+840 \Leftrightarrow 63x-x=840+28 \Leftrightarrow 62x=868 \Leftrightarrow x=14\)
  6. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=15 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=1050 \Leftrightarrow 3x=1050 \Leftrightarrow x=350\)
  7. \( 8 x-7=\frac{x}{5}+227 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 40x-35=x+1135 \Leftrightarrow 40x-x=1135+35 \Leftrightarrow 39x=1170 \Leftrightarrow x=30\)
  8. \( 4 x-5=\frac{x}{6}+87 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 24x-30=x+522 \Leftrightarrow 24x-x=522+30 \Leftrightarrow 23x=552 \Leftrightarrow x=24\)
  9. \( 5 x-4=\frac{x}{5}+92 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 25x-20=x+460 \Leftrightarrow 25x-x=460+20 \Leftrightarrow 24x=480 \Leftrightarrow x=20\)
  10. \(x+35 = 51\Leftrightarrow x=51- 35 \Leftrightarrow x = 16\)
  11. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=15 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=210 \Leftrightarrow 5x=210 \Leftrightarrow x=42\)
  12. \(x=45 + 7 \Leftrightarrow x=52\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-23 00:58:58
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen