Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 279. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 106. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)als je een getal vermindert met 25 bekom je -1. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)Lennert is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 27 jaar. Hoe oud is Lennert ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 72. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 259. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zesde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 8 x-3=\frac{x}{6}+279 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 48x-18=x+1674 \Leftrightarrow 48x-x=1674+18 \Leftrightarrow 47x=1692 \Leftrightarrow x=36\)
  2. \( 4 x-9=\frac{x}{6}+106 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 24x-54=x+636 \Leftrightarrow 24x-x=636+54 \Leftrightarrow 23x=690 \Leftrightarrow x=30\)
  3. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  4. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=8 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=360 \Leftrightarrow 4x=360 \Leftrightarrow x=90\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=18 \Leftrightarrow 1x=18 \Leftrightarrow x=18\)
  6. \(x-25 = -1\Leftrightarrow x=-1+ 25 \Leftrightarrow x = 24\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=3 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=30 \Leftrightarrow 3x=30 \Leftrightarrow x=10\)
  8. \(x+x+3 = 27\Leftrightarrow 2x+3=27 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Lennert is 12 jaar}\)
  9. \( 5 x-6=\frac{x}{8}+72 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 40x-48=x+576 \Leftrightarrow 40x-x=576+48 \Leftrightarrow 39x=624 \Leftrightarrow x=16\)
  10. \( 9 x-5=\frac{x}{5}+259 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 45x-25=x+1295 \Leftrightarrow 45x-x=1295+25 \Leftrightarrow 44x=1320 \Leftrightarrow x=30\)
  11. \( \frac{1}{6}x-\frac{1}{11}x=25 \overset{\mbox{ .66 }}{ \Leftrightarrow } 11x-6x=1650 \Leftrightarrow 5x=1650 \Leftrightarrow x=330\)
  12. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-03 01:52:37
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen