Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 72. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 130. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 6 jaar jonger. Samen zijn ze 26 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 121. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 69. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  8. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 98. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 27. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+30 = 72\Leftrightarrow x=72- 30 \Leftrightarrow x = 42\)
  2. \( 7 x-6=\frac{x}{5}+130 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-30=x+650 \Leftrightarrow 35x-x=650+30 \Leftrightarrow 34x=680 \Leftrightarrow x=20\)
  3. \(x+x-6 = 26\Leftrightarrow 2x-6=26 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Wietse is 16 jaar}\)
  4. \( 8 x-5=\frac{x}{8}+121 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 64x-40=x+968 \Leftrightarrow 64x-x=968+40 \Leftrightarrow 63x=1008 \Leftrightarrow x=16\)
  5. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=21 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=1260 \Leftrightarrow 7x=1260 \Leftrightarrow x=180\)
  6. \( 5 x-3=\frac{x}{5}+69 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 25x-15=x+345 \Leftrightarrow 25x-x=345+15 \Leftrightarrow 24x=360 \Leftrightarrow x=15\)
  7. \(x=25 - 6 \Leftrightarrow x=19\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  9. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=10 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=990 \Leftrightarrow 2x=990 \Leftrightarrow x=495\)
  10. \( 4 x-7=\frac{x}{9}+98 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 36x-63=x+882 \Leftrightarrow 36x-x=882+63 \Leftrightarrow 35x=945 \Leftrightarrow x=27\)
  11. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=168 \Leftrightarrow 3x=168 \Leftrightarrow x=56\)
  12. \( 3 x-5=\frac{x}{3}+27 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 9x-15=x+81 \Leftrightarrow 9x-x=81+15 \Leftrightarrow 8x=96 \Leftrightarrow x=12\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-31 05:05:13
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen