Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  2. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 102. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 17. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 23 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  5. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 63. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een derde van het getal en 29. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 40 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 79. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  2. \( 4 x-3=\frac{x}{4}+102 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 16x-12=x+408 \Leftrightarrow 16x-x=408+12 \Leftrightarrow 15x=420 \Leftrightarrow x=28\)
  3. \( 3 x-7=\frac{x}{3}+17 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 9x-21=x+51 \Leftrightarrow 9x-x=51+21 \Leftrightarrow 8x=72 \Leftrightarrow x=9\)
  4. \(x+x-3 = 23\Leftrightarrow 2x-3=23 \Leftrightarrow 2x = 26\Leftrightarrow x = 13 \text{ Xander is 13 jaar}\)
  5. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{7}x=5 \overset{\mbox{ .14 }}{ \Leftrightarrow } 7x-2x=70 \Leftrightarrow 5x=70 \Leftrightarrow x=14\)
  6. \( 7 x-5=\frac{x}{5}+63 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-25=x+315 \Leftrightarrow 35x-x=315+25 \Leftrightarrow 34x=340 \Leftrightarrow x=10\)
  7. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=6 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=3 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  9. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  10. \( 6 x-5=\frac{x}{3}+29 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 18x-15=x+87 \Leftrightarrow 18x-x=87+15 \Leftrightarrow 17x=102 \Leftrightarrow x=6\)
  11. \(x=40 - 3 \Leftrightarrow x=37\)
  12. \(x+30 = 79\Leftrightarrow x=79- 30 \Leftrightarrow x = 49\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-07 00:46:37
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen