Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  2. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 3 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  3. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 198. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 72. Wat is het getal?\(\)
  7. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  8. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 7 jaar jonger. Samen zijn ze 21 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  10. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een getal vermeerdert met 45 bekom je 80. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  2. \(x=25 + 3 \Leftrightarrow x=28\)
  3. \(x=25 - 3 \Leftrightarrow x=22\)
  4. \( 7 x-6=\frac{x}{5}+198 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-30=x+990 \Leftrightarrow 35x-x=990+30 \Leftrightarrow 34x=1020 \Leftrightarrow x=30\)
  5. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=4 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=24 \Leftrightarrow 1x=24 \Leftrightarrow x=24\)
  6. \( 4 x-9=\frac{x}{7}+72 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 28x-63=x+504 \Leftrightarrow 28x-x=504+63 \Leftrightarrow 27x=567 \Leftrightarrow x=21\)
  7. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=12 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=480 \Leftrightarrow 3x=480 \Leftrightarrow x=160\)
  9. \(x+x-7 = 21\Leftrightarrow 2x-7=21 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Sofiane is 14 jaar}\)
  10. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=20 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=480 \Leftrightarrow 5x=480 \Leftrightarrow x=96\)
  11. \(x+45 = 80\Leftrightarrow x=80- 45 \Leftrightarrow x = 35\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=3 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=210 \Leftrightarrow 3x=210 \Leftrightarrow x=70\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-13 08:22:57
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen