Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 34. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 6 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  4. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 277. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  6. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 27 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  8. \(\)als je een getal vermeerdert met 30 bekom je 65. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 279. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 10 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 5 x-4=\frac{x}{4}+34 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 20x-16=x+136 \Leftrightarrow 20x-x=136+16 \Leftrightarrow 19x=152 \Leftrightarrow x=8\)
  2. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=3 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=210 \Leftrightarrow 3x=210 \Leftrightarrow x=70\)
  3. \(x=25 + 6 \Leftrightarrow x=31\)
  4. \( 9 x-7=\frac{x}{8}+277 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 72x-56=x+2216 \Leftrightarrow 72x-x=2216+56 \Leftrightarrow 71x=2272 \Leftrightarrow x=32\)
  5. \(x=35 - 6 \Leftrightarrow x=29\)
  6. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  7. \(x+x-3 = 27\Leftrightarrow 2x-3=27 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Ruben is 15 jaar}\)
  8. \(x+30 = 65\Leftrightarrow x=65- 30 \Leftrightarrow x = 35\)
  9. \( 7 x-8=\frac{x}{6}+279 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-48=x+1674 \Leftrightarrow 42x-x=1674+48 \Leftrightarrow 41x=1722 \Leftrightarrow x=42\)
  10. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=20 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=720 \Leftrightarrow 5x=720 \Leftrightarrow x=144\)
  11. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=15 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=10 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=630 \Leftrightarrow 2x=630 \Leftrightarrow x=315\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-29 09:16:39
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen