Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 1 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 183. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 7 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een getal vermeerdert met 50 bekom je 78. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 90. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 42. Wat zijn die getallen?\(\)
  7. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 52. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)je betaalt 30 eurocent voor een chocoladereep. De kassierster geeft je 7 eurocent terug. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  9. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 20 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)je betaalt 45 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  12. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 8 jaar jonger. Samen zijn ze 20 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=1 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=4 \Leftrightarrow 1x=4 \Leftrightarrow x=4\)
  2. \( 7 x-3=\frac{x}{9}+183 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-27=x+1647 \Leftrightarrow 63x-x=1647+27 \Leftrightarrow 62x=1674 \Leftrightarrow x=27\)
  3. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=7 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=210 \Leftrightarrow 7x=210 \Leftrightarrow x=30\)
  4. \(x+50 = 78\Leftrightarrow x=78- 50 \Leftrightarrow x = 28\)
  5. \( 5 x-6=\frac{x}{5}+90 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 25x-30=x+450 \Leftrightarrow 25x-x=450+30 \Leftrightarrow 24x=480 \Leftrightarrow x=20\)
  6. \(x+x+1+x+2 = 42\Leftrightarrow 3x+3=42 \Leftrightarrow 3x = 39\Leftrightarrow x = 13 \text{ De getallen zijn 13, 14 en 15}\)
  7. \( 3 x-4=\frac{x}{5}+52 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 15x-20=x+260 \Leftrightarrow 15x-x=260+20 \Leftrightarrow 14x=280 \Leftrightarrow x=20\)
  8. \(x=30 - 7 \Leftrightarrow x=23\)
  9. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{6}x=5 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=30 \Leftrightarrow 1x=30 \Leftrightarrow x=30\)
  10. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=20 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=720 \Leftrightarrow 5x=720 \Leftrightarrow x=144\)
  11. \(x=45 + 7 \Leftrightarrow x=52\)
  12. \(x+x-8 = 20\Leftrightarrow 2x-8=20 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Ilias is 14 jaar}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-20 02:34:00
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen