Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 130. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een zakje chips. De kassierster geeft je 3 eurocent terug. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  4. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 272. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 7 jaar ouder. Samen zijn ze 37 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 366. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 35 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en zes is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 158. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)Wietse is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 17 jaar. Hoe oud is Wietse ?\(\)
  11. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 29. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 4 x-3=\frac{x}{5}+130 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 20x-15=x+650 \Leftrightarrow 20x-x=650+15 \Leftrightarrow 19x=665 \Leftrightarrow x=35\)
  2. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=12 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=120 \Leftrightarrow 3x=120 \Leftrightarrow x=40\)
  3. \(x=25 - 3 \Leftrightarrow x=22\)
  4. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=15 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=1260 \Leftrightarrow 5x=1260 \Leftrightarrow x=252\)
  5. \( 8 x-3=\frac{x}{7}+272 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 56x-21=x+1904 \Leftrightarrow 56x-x=1904+21 \Leftrightarrow 55x=1925 \Leftrightarrow x=35\)
  6. \(x+x+7 = 37\Leftrightarrow 2x+7=37 \Leftrightarrow 2x = 30\Leftrightarrow x = 15 \text{ Ruben is 15 jaar}\)
  7. \( 6 x-5=\frac{x}{9}+366 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-45=x+3294 \Leftrightarrow 54x-x=3294+45 \Leftrightarrow 53x=3339 \Leftrightarrow x=63\)
  8. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{12}x=35 \overset{\mbox{ .60 }}{ \Leftrightarrow } 12x-5x=2100 \Leftrightarrow 7x=2100 \Leftrightarrow x=300\)
  9. \( 7 x-6=\frac{x}{6}+158 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 42x-36=x+948 \Leftrightarrow 42x-x=948+36 \Leftrightarrow 41x=984 \Leftrightarrow x=24\)
  10. \(x+x-3 = 17\Leftrightarrow 2x-3=17 \Leftrightarrow 2x = 20\Leftrightarrow x = 10 \text{ Wietse is 10 jaar}\)
  11. \( 3 x-5=\frac{x}{6}+29 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 18x-30=x+174 \Leftrightarrow 18x-x=174+30 \Leftrightarrow 17x=204 \Leftrightarrow x=12\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{11}x=8 \overset{\mbox{ .77 }}{ \Leftrightarrow } 11x-7x=616 \Leftrightarrow 4x=616 \Leftrightarrow x=154\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-03 19:18:23
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen