Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 2 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  3. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een derde van het getal en 149. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een getal vermindert met 45 bekom je -39. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 36 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  7. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 61. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 6 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  9. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 232. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 133. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 75. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=2 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=30 \Leftrightarrow 2x=30 \Leftrightarrow x=15\)
  2. \(x=35 + 2 \Leftrightarrow x=37\)
  3. \( 9 x-7=\frac{x}{3}+149 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 27x-21=x+447 \Leftrightarrow 27x-x=447+21 \Leftrightarrow 26x=468 \Leftrightarrow x=18\)
  4. \(x-45 = -39\Leftrightarrow x=-39+ 45 \Leftrightarrow x = 6\)
  5. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=2 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=8 \Leftrightarrow 1x=8 \Leftrightarrow x=8\)
  6. \(x+x+8 = 36\Leftrightarrow 2x+8=36 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Joran is 14 jaar}\)
  7. \( 3 x-5=\frac{x}{4}+61 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-20=x+244 \Leftrightarrow 12x-x=244+20 \Leftrightarrow 11x=264 \Leftrightarrow x=24\)
  8. \(x=35 + 6 \Leftrightarrow x=41\)
  9. \( 8 x-3=\frac{x}{6}+232 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 48x-18=x+1392 \Leftrightarrow 48x-x=1392+18 \Leftrightarrow 47x=1410 \Leftrightarrow x=30\)
  10. \( 6 x-5=\frac{x}{4}+133 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 24x-20=x+532 \Leftrightarrow 24x-x=532+20 \Leftrightarrow 23x=552 \Leftrightarrow x=24\)
  11. \( 5 x-3=\frac{x}{8}+75 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 40x-24=x+600 \Leftrightarrow 40x-x=600+24 \Leftrightarrow 39x=624 \Leftrightarrow x=16\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{10}x=9 \overset{\mbox{ .70 }}{ \Leftrightarrow } 10x-7x=630 \Leftrightarrow 3x=630 \Leftrightarrow x=210\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-19 15:44:48
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen