Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 2 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  2. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 36. Wat zijn die getallen?\(\)
  3. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een negende van het getal en 152. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 48. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 315. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 15 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)je betaalt 20 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  10. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 119. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 90. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 28 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x=35 + 2 \Leftrightarrow x=37\)
  2. \(x+x+1+x+2 = 36\Leftrightarrow 3x+3=36 \Leftrightarrow 3x = 33\Leftrightarrow x = 11 \text{ De getallen zijn 11, 12 en 13}\)
  3. \( 6 x-7=\frac{x}{9}+152 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-63=x+1368 \Leftrightarrow 54x-x=1368+63 \Leftrightarrow 53x=1431 \Leftrightarrow x=27\)
  4. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=6 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=210 \Leftrightarrow 2x=210 \Leftrightarrow x=105\)
  5. \( 3 x-7=\frac{x}{4}+48 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 12x-28=x+192 \Leftrightarrow 12x-x=192+28 \Leftrightarrow 11x=220 \Leftrightarrow x=20\)
  6. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=8 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=792 \Leftrightarrow 2x=792 \Leftrightarrow x=396\)
  7. \( 9 x-5=\frac{x}{9}+315 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 81x-45=x+2835 \Leftrightarrow 81x-x=2835+45 \Leftrightarrow 80x=2880 \Leftrightarrow x=36\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{7}x=15 \overset{\mbox{ .28 }}{ \Leftrightarrow } 7x-4x=420 \Leftrightarrow 3x=420 \Leftrightarrow x=140\)
  9. \(x=20 + 7 \Leftrightarrow x=27\)
  10. \( 7 x-5=\frac{x}{9}+119 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-45=x+1071 \Leftrightarrow 63x-x=1071+45 \Leftrightarrow 62x=1116 \Leftrightarrow x=18\)
  11. \( 4 x-3=\frac{x}{8}+90 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-24=x+720 \Leftrightarrow 32x-x=720+24 \Leftrightarrow 31x=744 \Leftrightarrow x=24\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=28 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=840 \Leftrightarrow 7x=840 \Leftrightarrow x=120\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-03 16:55:26
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen