Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het drievoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 111. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 9 . Wat is dat getal? \(\)
  3. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een derde van het getal en 74. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je -9. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een negende van het getal en 363. Wat is het getal?\(\)
  8. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een achtste van het getal en 115. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 5 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een cola, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  11. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 48. Wat zijn die getallen?\(\)
  12. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 3 x-4=\frac{x}{8}+111 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 24x-32=x+888 \Leftrightarrow 24x-x=888+32 \Leftrightarrow 23x=920 \Leftrightarrow x=40\)
  2. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{8}x=9 \overset{\mbox{ .40 }}{ \Leftrightarrow } 8x-5x=360 \Leftrightarrow 3x=360 \Leftrightarrow x=120\)
  3. \( 9 x-4=\frac{x}{3}+74 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 27x-12=x+222 \Leftrightarrow 27x-x=222+12 \Leftrightarrow 26x=234 \Leftrightarrow x=9\)
  4. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{5}x=6 \overset{\mbox{ .15 }}{ \Leftrightarrow } 5x-3x=90 \Leftrightarrow 2x=90 \Leftrightarrow x=45\)
  5. \(x-30 = -9\Leftrightarrow x=-9+ 30 \Leftrightarrow x = 21\)
  6. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=3 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=30 \Leftrightarrow 3x=30 \Leftrightarrow x=10\)
  7. \( 7 x-9=\frac{x}{9}+363 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 63x-81=x+3267 \Leftrightarrow 63x-x=3267+81 \Leftrightarrow 62x=3348 \Leftrightarrow x=54\)
  8. \( 4 x-9=\frac{x}{8}+115 \overset{\mbox{ .8 }}{ \Leftrightarrow } 32x-72=x+920 \Leftrightarrow 32x-x=920+72 \Leftrightarrow 31x=992 \Leftrightarrow x=32\)
  9. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=5 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=60 \Leftrightarrow 1x=60 \Leftrightarrow x=60\)
  10. \(x=50 + 7 \Leftrightarrow x=57\)
  11. \(x+x+1+x+2 = 48\Leftrightarrow 3x+3=48 \Leftrightarrow 3x = 45\Leftrightarrow x = 15 \text{ De getallen zijn 15, 16 en 17}\)
  12. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{6}x=2 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 3x-1x=12 \Leftrightarrow 2x=12 \Leftrightarrow x=6\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-23 00:55:50
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen