Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  2. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 4 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  3. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een derde van het getal en 19. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\) het verschil van het vijfvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 132. Wat is het getal?\(\)
  5. \(\)als je een getal vermindert met 30 bekom je -9. Wat is het getal?\(\)
  6. \(\)Ilias is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 34 jaar. Hoe oud is Ilias ?\(\)
  7. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 423. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)Joran is x jaar. Zijn zus is 3 jaar jonger. Samen zijn ze 29 jaar. Hoe oud is Joran ?\(\)
  10. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 45. Wat zijn die getallen?\(\)
  11. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 66. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 131. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=25 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=2100 \Leftrightarrow 5x=2100 \Leftrightarrow x=420\)
  2. \(x=25 - 4 \Leftrightarrow x=21\)
  3. \( 4 x-3=\frac{x}{3}+19 \overset{\mbox{ .3 }}{ \Leftrightarrow } 12x-9=x+57 \Leftrightarrow 12x-x=57+9 \Leftrightarrow 11x=66 \Leftrightarrow x=6\)
  4. \( 5 x-4=\frac{x}{7}+132 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 35x-28=x+924 \Leftrightarrow 35x-x=924+28 \Leftrightarrow 34x=952 \Leftrightarrow x=28\)
  5. \(x-30 = -9\Leftrightarrow x=-9+ 30 \Leftrightarrow x = 21\)
  6. \(x+x+8 = 34\Leftrightarrow 2x+8=34 \Leftrightarrow 2x = 26\Leftrightarrow x = 13 \text{ Ilias is 13 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  8. \( 8 x-3=\frac{x}{9}+423 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 72x-27=x+3807 \Leftrightarrow 72x-x=3807+27 \Leftrightarrow 71x=3834 \Leftrightarrow x=54\)
  9. \(x+x-3 = 29\Leftrightarrow 2x-3=29 \Leftrightarrow 2x = 32\Leftrightarrow x = 16 \text{ Joran is 16 jaar}\)
  10. \(x+x+1+x+2 = 45\Leftrightarrow 3x+3=45 \Leftrightarrow 3x = 42\Leftrightarrow x = 14 \text{ De getallen zijn 14, 15 en 16}\)
  11. \( 9 x-4=\frac{x}{4}+66 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 36x-16=x+264 \Leftrightarrow 36x-x=264+16 \Leftrightarrow 35x=280 \Leftrightarrow x=8\)
  12. \( 7 x-5=\frac{x}{5}+131 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-25=x+655 \Leftrightarrow 35x-x=655+25 \Leftrightarrow 34x=680 \Leftrightarrow x=20\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-07 19:53:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen