Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\) het verschil van het zevenvoud van een getal en acht is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 128. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het negenvoud van een getal en vier is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 261. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een zesde van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)je betaalt 25 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 6 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  5. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een chocoladereep, maar de kassierster zegt dat je 6 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een chocoladereep ?\(\)
  6. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 5 jaar ouder. Samen zijn ze 31 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  7. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zevende van het getal en 282. Wat is het getal?\(\)
  9. \(\)Xander is x jaar. Zijn zus is 8 jaar jonger. Samen zijn ze 16 jaar. Hoe oud is Xander ?\(\)
  10. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 51. Wat zijn die getallen?\(\)
  11. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en drie is gelijk aan de som van een negende van het getal en 494. Wat is het getal?\(\)
  12. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 8 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \( 7 x-8=\frac{x}{5}+128 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 35x-40=x+640 \Leftrightarrow 35x-x=640+40 \Leftrightarrow 34x=680 \Leftrightarrow x=20\)
  2. \( 9 x-4=\frac{x}{6}+261 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 54x-24=x+1566 \Leftrightarrow 54x-x=1566+24 \Leftrightarrow 53x=1590 \Leftrightarrow x=30\)
  3. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{6}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 3x-2x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
  4. \(x=25 - 6 \Leftrightarrow x=19\)
  5. \(x=35 + 6 \Leftrightarrow x=41\)
  6. \(x+x+5 = 31\Leftrightarrow 2x+5=31 \Leftrightarrow 2x = 26\Leftrightarrow x = 13 \text{ Ruben is 13 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{8}x=25 \overset{\mbox{ .24 }}{ \Leftrightarrow } 8x-3x=600 \Leftrightarrow 5x=600 \Leftrightarrow x=120\)
  8. \( 6 x-5=\frac{x}{7}+282 \overset{\mbox{ .7 }}{ \Leftrightarrow } 42x-35=x+1974 \Leftrightarrow 42x-x=1974+35 \Leftrightarrow 41x=2009 \Leftrightarrow x=49\)
  9. \(x+x-8 = 16\Leftrightarrow 2x-8=16 \Leftrightarrow 2x = 24\Leftrightarrow x = 12 \text{ Xander is 12 jaar}\)
  10. \(x+x+1+x+2 = 51\Leftrightarrow 3x+3=51 \Leftrightarrow 3x = 48\Leftrightarrow x = 16 \text{ De getallen zijn 16, 17 en 18}\)
  11. \( 8 x-3=\frac{x}{9}+494 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 72x-27=x+4446 \Leftrightarrow 72x-x=4446+27 \Leftrightarrow 71x=4473 \Leftrightarrow x=63\)
  12. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{9}x=8 \overset{\mbox{ .63 }}{ \Leftrightarrow } 9x-7x=504 \Leftrightarrow 2x=504 \Leftrightarrow x=252\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-09 09:06:08
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen