Instapvraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

  1. \(\text{Loubna gaat 4 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 72 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 24 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 310 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  3. \(\text{Loubna gaat 6 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 30 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  4. \(\text{Jana gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 54 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  5. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 15 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
  6. \(\text{Lina heeft 4 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 45 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\)
  7. \(\text{Wouter heeft 56 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 231 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  8. \(\text{Ayman heeft 31 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 78 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\)
  9. \(\text{Maxim heeft 26 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 116 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\)
  10. \(\text{Mohamed heeft 43 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 170 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\)
  11. \(\text{Wouter heeft 39 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 70 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\)
  12. \(\text{Warinda heeft 3 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 80 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\)

Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.

Verbetersleutel

  1. \(\text{Loubna gaat 4 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 72 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 4.x = 72 \\ \Leftrightarrow x = \frac{72}{4} = 18 \\ \text{Loubna legt 18 km af per tourke}\)
  2. \(\text{Mohamed heeft 24 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 310 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 24 = 310 \\ \Leftrightarrow x = 310 + 24 = 334 \\ \text{Mohamed had 334 euro}\)
  3. \(\text{Loubna gaat 6 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 30 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 6.x = 30 \\ \Leftrightarrow x = \frac{30}{6} = 5 \\ \text{Loubna legt 5 km af per ronde}\)
  4. \(\text{Jana gaat 3 dagen in de week fietsen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal tourkes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 54 km gefietst.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per tourke} \\ 3.x = 54 \\ \Leftrightarrow x = \frac{54}{3} = 18 \\ \text{Jana legt 18 km af per tourke}\)
  5. \(\text{Nihad gaat 3 dagen in de week lopen.} \\ \text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\ \text{Aan het einde van de week heeft ze 15 km gelopen.} \\ \text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\ 3.x = 15 \\ \Leftrightarrow x = \frac{15}{3} = 5 \\ \text{Nihad legt 5 km af per ronde}\)
  6. \(\text{Lina heeft 4 gram chocolade nodig om chocoladecakes te bakken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 45 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de chocolade per gram maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per chocolade} \\ 4.x = 45 \\ \Leftrightarrow x = \frac{45}{4} = 11.25 \\ \text{Lina kan maximaal 11.25 euro uitgeven aan een gram chocolade}\)
  7. \(\text{Wouter heeft 56 euro uitgegeven aan een spidermanpak.} \\ \text{Er is nu nog 231 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 56 = 231 \\ \Leftrightarrow x = 231 + 56 = 287 \\ \text{Wouter had 287 euro}\)
  8. \(\text{Ayman heeft 31 euro uitgegeven aan een kerstcadeau voor een vriendin.} \\ \text{Er is nu nog 78 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Ayman voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Ayman voor de aankoop} \\ x - 31 = 78 \\ \Leftrightarrow x = 78 + 31 = 109 \\ \text{Ayman had 109 euro}\)
  9. \(\text{Maxim heeft 26 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 116 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Maxim voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Maxim voor de aankoop} \\ x - 26 = 116 \\ \Leftrightarrow x = 116 + 26 = 142 \\ \text{Maxim had 142 euro}\)
  10. \(\text{Mohamed heeft 43 euro uitgegeven aan een nieuwe batterij voor zijn smartphone.} \\ \text{Er is nu nog 170 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Mohamed voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Mohamed voor de aankoop} \\ x - 43 = 170 \\ \Leftrightarrow x = 170 + 43 = 213 \\ \text{Mohamed had 213 euro}\)
  11. \(\text{Wouter heeft 39 euro uitgegeven aan een gouden Pokemonkaart.} \\ \text{Er is nu nog 70 euro over.} \\ \text{Hoeveel geld had Wouter voor de aankoop?}\\ \text{x is de hoeveelheid geld van Wouter voor de aankoop} \\ x - 39 = 70 \\ \Leftrightarrow x = 70 + 39 = 109 \\ \text{Wouter had 109 euro}\)
  12. \(\text{Warinda heeft 3 meter stof nodig om een kleedje te maken.} \\ \text{Ze heeft een budget van maximaal 80 euro.} \\ \text{Hoeveel mag de stof per meter maximaal kosten?}\\ \text{x is maximale kost per stof} \\ 3.x = 80 \\ \Leftrightarrow x = \frac{80}{3} = 26.67 \\ \text{Warinda kan maximaal 26.67 euro uitgeven aan een meter stof}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-26 14:59:29
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen