Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)je betaalt 35 eurocent voor een cola. De kassierster geeft je 2 eurocent terug. Hoeveel kost een cola ?\(\)
  2. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een negende van het getal en 207. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een getal vermeerdert met 40 bekom je 61. Wat is het getal?\(\)
  4. \(\)als je een zevende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 4 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een negende van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  6. \(\)Sofiane is x jaar. Zijn zus is 3 jaar ouder. Samen zijn ze 31 jaar. Hoe oud is Sofiane ?\(\)
  7. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vierde van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\)als je een vijfde van een getal aftrekt van een helft van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)
  10. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en vijf is gelijk aan de som van een zesde van het getal en 324. Wat is het getal?\(\)
  11. \(\)je betaalt 50 eurocent voor een zakje chips, maar de kassierster zegt dat je 7 eurocent tekortkomt. Hoeveel kost een zakje chips ?\(\)
  12. \(\) het verschil van het viervoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een vijfde van het getal en 67. Wat is het getal?\(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x=35 - 2 \Leftrightarrow x=33\)
  2. \( 6 x-5=\frac{x}{9}+207 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 54x-45=x+1863 \Leftrightarrow 54x-x=1863+45 \Leftrightarrow 53x=1908 \Leftrightarrow x=36\)
  3. \(x+40 = 61\Leftrightarrow x=61- 40 \Leftrightarrow x = 21\)
  4. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{7}x=4 \overset{\mbox{ .35 }}{ \Leftrightarrow } 7x-5x=140 \Leftrightarrow 2x=140 \Leftrightarrow x=70\)
  5. \( \frac{1}{9}x-\frac{1}{11}x=6 \overset{\mbox{ .99 }}{ \Leftrightarrow } 11x-9x=594 \Leftrightarrow 2x=594 \Leftrightarrow x=297\)
  6. \(x+x+3 = 31\Leftrightarrow 2x+3=31 \Leftrightarrow 2x = 28\Leftrightarrow x = 14 \text{ Sofiane is 14 jaar}\)
  7. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{4}x=3 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 2x-1x=12 \Leftrightarrow 1x=12 \Leftrightarrow x=12\)
  8. \( \frac{1}{4}x-\frac{1}{9}x=25 \overset{\mbox{ .36 }}{ \Leftrightarrow } 9x-4x=900 \Leftrightarrow 5x=900 \Leftrightarrow x=180\)
  9. \( \frac{1}{2}x-\frac{1}{5}x=3 \overset{\mbox{ .10 }}{ \Leftrightarrow } 5x-2x=30 \Leftrightarrow 3x=30 \Leftrightarrow x=10\)
  10. \( 8 x-5=\frac{x}{6}+324 \overset{\mbox{ .6 }}{ \Leftrightarrow } 48x-30=x+1944 \Leftrightarrow 48x-x=1944+30 \Leftrightarrow 47x=1974 \Leftrightarrow x=42\)
  11. \(x=50 + 7 \Leftrightarrow x=57\)
  12. \( 4 x-9=\frac{x}{5}+67 \overset{\mbox{ .5 }}{ \Leftrightarrow } 20x-45=x+335 \Leftrightarrow 20x-x=335+45 \Leftrightarrow 19x=380 \Leftrightarrow x=20\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-13 02:11:44
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen