\(\)In een school met 405 leerlingen zijn \(\frac{3}{9}\) van de leerlingen jongens. Hiervan zijn er \(\frac{3}{9}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel jongens die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
\(\frac{3}{9}\times\frac{3}{9}\times 405=45\text{ jongens die eten van thuis meenemen}\)