Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
\(\text{Sarah gaat 4 dagen in de week lopen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km gelopen.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\)
\(\text{Sarah gaat 4 dagen in de week lopen.} \\
\text{Ze doet elke keer hetzelfde aantal rondes.} \\
\text{Aan het einde van de week heeft ze 16 km gelopen.} \\
\text{Hoeveel km legt ze af per dag?}\\ \text{x is het aantal km per ronde} \\
4.x = 16 \\
\Leftrightarrow x = \frac{16}{4} = 4 \\
\text{Sarah legt 4 km af per ronde}\)