Reken uit
- \(\)In een doos met 120 prullen zijn \(\frac{2}{5}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 420 stukken snoepgoed zijn \(\frac{4}{6}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{7}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel koekjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 120 prullen zijn \(\frac{3}{4}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 140 stukken snoepgoed zijn \(\frac{2}{5}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{7}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 810 werknemers zijn \(\frac{4}{10}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{4}{9}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel mannen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 180 dozen zijn \(\frac{2}{10}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{6}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 84 werknemers zijn \(\frac{3}{7}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 392 dozen zijn \(\frac{1}{8}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{7}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 54 dozen zijn \(\frac{2}{3}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{3}\) die gedeukt zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 560 dozen zijn \(\frac{6}{10}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{6}{8}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 189 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{3}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{9}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel koekjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 320 werknemers zijn \(\frac{2}{8}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{8}{10}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel mannen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
Reken uit
Verbetersleutel
- \(\frac{2}{5}\times\frac{1}{4}\times 120=12\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
- \(\frac{4}{6}\times\frac{4}{7}\times 420=160\text{ koekjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{3}{4}\times\frac{1}{5}\times 120=18\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
- \(\frac{2}{5}\times\frac{4}{7}\times 140=32\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{4}{10}\times\frac{4}{9}\times 810=144\text{ mannen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{2}{10}\times\frac{4}{6}\times 180=24\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{3}{7}\times\frac{1}{4}\times 84=9\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{1}{8}\times\frac{5}{7}\times 392=35\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{2}{3}\times\frac{1}{3}\times 54=12\text{ kartonnen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{6}{10}\times\frac{6}{8}\times 560=252\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{1}{3}\times\frac{3}{9}\times 189=21\text{ koekjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{2}{8}\times\frac{8}{10}\times 320=64\text{ mannen die minstens 3 talen spreken}\)