Breuken (reeks 1)

Hoofdmenu Eentje per keer 

Reken uit

  1. \(\)In een doos met 192 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{6}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{4}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
  2. \(\)In een doos met 96 prullen zijn \(\frac{3}{4}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{8}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel polsbandjes die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
  3. \(\)In een bedrijf met 140 werknemers zijn \(\frac{3}{4}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{6}{7}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel vrouwen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
  4. \(\)In een vrachtwagen met 210 dozen zijn \(\frac{4}{5}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{6}\) die gedeukt zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
  5. \(\)In een doos met 448 prullen zijn \(\frac{6}{7}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{6}{8}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  6. \(\)In een vrachtwagen met 189 dozen zijn \(\frac{4}{9}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{3}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
  7. \(\)In een vrachtwagen met 378 dozen zijn \(\frac{4}{7}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{6}\) die gebarsten zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  8. \(\)In een vrachtwagen met 72 dozen zijn \(\frac{2}{3}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{6}\) die gebarsten zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  9. \(\)In een school met 720 leerlingen zijn \(\frac{5}{8}\) van de leerlingen jongens. Hiervan zijn er \(\frac{2}{9}\) die met de fiets naar school komen. Hoeveel jongens die met de fiets naar school komen zijn er?\(\)
  10. \(\)In een vrachtwagen met 300 dozen zijn \(\frac{2}{6}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  11. \(\)In een doos met 144 stukken snoepgoed zijn \(\frac{5}{6}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{3}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
  12. \(\)In een doos met 640 prullen zijn \(\frac{7}{10}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{5}{8}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)

Reken uit

Verbetersleutel

  1. \(\frac{1}{6}\times\frac{2}{4}\times 192=16\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
  2. \(\frac{3}{4}\times\frac{2}{8}\times 96=18\text{ polsbandjes die fluoriscerend zijn}\)
  3. \(\frac{3}{4}\times\frac{6}{7}\times 140=90\text{ vrouwen die minstens 3 talen spreken}\)
  4. \(\frac{4}{5}\times\frac{4}{6}\times 210=112\text{ kartonnen doosjes die gedeukt zijn}\)
  5. \(\frac{6}{7}\times\frac{6}{8}\times 448=288\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  6. \(\frac{4}{9}\times\frac{2}{3}\times 189=56\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
  7. \(\frac{4}{7}\times\frac{5}{6}\times 378=180\text{ kartonnen doosjes die gebarsten zijn}\)
  8. \(\frac{2}{3}\times\frac{3}{6}\times 72=24\text{ kartonnen doosjes die gebarsten zijn}\)
  9. \(\frac{5}{8}\times\frac{2}{9}\times 720=100\text{ jongens die met de fiets naar school komen}\)
  10. \(\frac{2}{6}\times\frac{1}{5}\times 300=20\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
  11. \(\frac{5}{6}\times\frac{1}{3}\times 144=40\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
  12. \(\frac{7}{10}\times\frac{5}{8}\times 640=280\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-23 11:46:50
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen