Reken uit
- \(\)In een vrachtwagen met 576 dozen zijn \(\frac{6}{8}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{9}\) die gebarsten zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 72 stukken snoepgoed zijn \(\frac{3}{6}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{4}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel koekjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 150 dozen zijn \(\frac{3}{6}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{5}\) die gedeukt zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 270 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{3}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{10}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een school met 189 leerlingen zijn \(\frac{1}{3}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{7}{9}\) die met de fiets naar school komen. Hoeveel meisjes die met de fiets naar school komen zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 96 prullen zijn \(\frac{2}{4}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{3}{6}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 392 werknemers zijn \(\frac{2}{8}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{4}{7}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel mannen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 360 stukken snoepgoed zijn \(\frac{5}{8}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{5}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel koekjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 48 werknemers zijn \(\frac{3}{4}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{3}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 300 werknemers zijn \(\frac{3}{10}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{4}{5}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel mannen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 144 dozen zijn \(\frac{1}{3}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{6}\) die gedeukt zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 270 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{6}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{9}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel koekjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
Reken uit
Verbetersleutel
- \(\frac{6}{8}\times\frac{4}{9}\times 576=192\text{ kartonnen doosjes die gebarsten zijn}\)
- \(\frac{3}{6}\times\frac{3}{4}\times 72=27\text{ koekjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{3}{6}\times\frac{2}{5}\times 150=30\text{ kartonnen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{1}{3}\times\frac{5}{10}\times 270=45\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{1}{3}\times\frac{7}{9}\times 189=49\text{ meisjes die met de fiets naar school komen}\)
- \(\frac{2}{4}\times\frac{3}{6}\times 96=24\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{2}{8}\times\frac{4}{7}\times 392=56\text{ mannen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{5}{8}\times\frac{4}{5}\times 360=180\text{ koekjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{3}{4}\times\frac{3}{4}\times 48=27\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{3}{10}\times\frac{4}{5}\times 300=72\text{ mannen die minstens 3 talen spreken}\)
- \(\frac{1}{3}\times\frac{2}{6}\times 144=16\text{ kartonnen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{1}{6}\times\frac{3}{9}\times 270=15\text{ koekjes die een ronde vorm hebben}\)