Reken uit
- \(\)In een school met 540 leerlingen zijn \(\frac{4}{9}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{6}\) die met de fiets naar school komen. Hoeveel meisjes die met de fiets naar school komen zijn er?\(\)
- \(\)In een school met 210 leerlingen zijn \(\frac{2}{7}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{3}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel meisjes die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 150 werknemers zijn \(\frac{3}{5}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{3}{5}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 360 prullen zijn \(\frac{6}{8}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{8}{9}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel polsbandjes die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 320 werknemers zijn \(\frac{7}{10}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{7}{8}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 72 prullen zijn \(\frac{5}{8}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{1}{3}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 400 stukken snoepgoed zijn \(\frac{3}{4}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{10}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 360 prullen zijn \(\frac{8}{9}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{2}{4}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 360 stukken snoepgoed zijn \(\frac{7}{9}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{8}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel koekjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 640 dozen zijn \(\frac{6}{8}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{8}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 378 prullen zijn \(\frac{5}{7}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{5}{6}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 567 stukken snoepgoed zijn \(\frac{3}{9}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{7}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
Reken uit
Verbetersleutel
- \(\frac{4}{9}\times\frac{4}{6}\times 540=160\text{ meisjes die met de fiets naar school komen}\)
- \(\frac{2}{7}\times\frac{2}{3}\times 210=40\text{ meisjes die eten van thuis meenemen}\)
- \(\frac{3}{5}\times\frac{3}{5}\times 150=54\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{6}{8}\times\frac{8}{9}\times 360=240\text{ polsbandjes die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{7}{10}\times\frac{7}{8}\times 320=196\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{5}{8}\times\frac{1}{3}\times 72=15\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{3}{4}\times\frac{5}{10}\times 400=150\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{8}{9}\times\frac{2}{4}\times 360=160\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{7}{9}\times\frac{4}{8}\times 360=140\text{ koekjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{6}{8}\times\frac{2}{8}\times 640=120\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{5}{7}\times\frac{5}{6}\times 378=225\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{3}{9}\times\frac{5}{7}\times 567=135\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)