Reken uit
- \(\)In een doos met 320 prullen zijn \(\frac{1}{4}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{8}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 360 dozen zijn \(\frac{2}{6}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{6}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 72 werknemers zijn \(\frac{2}{3}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel mannen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 441 stukken snoepgoed zijn \(\frac{2}{7}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{7}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 216 dozen zijn \(\frac{2}{3}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{8}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een school met 210 leerlingen zijn \(\frac{4}{7}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{6}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel meisjes die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 120 werknemers zijn \(\frac{4}{5}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{3}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel mannen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 216 werknemers zijn \(\frac{1}{8}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{3}{9}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een school met 540 leerlingen zijn \(\frac{1}{9}\) van de leerlingen jongens. Hiervan zijn er \(\frac{1}{6}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel jongens die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 162 prullen zijn \(\frac{2}{3}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{2}{9}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 125 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{5}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 630 stukken snoepgoed zijn \(\frac{3}{7}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{7}{9}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
Reken uit
Verbetersleutel
- \(\frac{1}{4}\times\frac{2}{8}\times 320=20\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
- \(\frac{2}{6}\times\frac{2}{6}\times 360=40\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
- \(\frac{2}{3}\times\frac{1}{4}\times 72=12\text{ mannen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{2}{7}\times\frac{3}{7}\times 441=54\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{2}{3}\times\frac{1}{8}\times 216=18\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
- \(\frac{4}{7}\times\frac{3}{6}\times 210=60\text{ meisjes die eten van thuis meenemen}\)
- \(\frac{4}{5}\times\frac{3}{4}\times 120=72\text{ mannen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{1}{8}\times\frac{3}{9}\times 216=9\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
- \(\frac{1}{9}\times\frac{1}{6}\times 540=10\text{ jongens die eten van thuis meenemen}\)
- \(\frac{2}{3}\times\frac{2}{9}\times 162=24\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
- \(\frac{1}{5}\times\frac{1}{5}\times 125=5\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{3}{7}\times\frac{7}{9}\times 630=210\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)