Breuken (reeks 1)

Hoofdmenu Eentje per keer 

Reken uit

  1. \(\)In een vrachtwagen met 450 dozen zijn \(\frac{3}{9}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  2. \(\)In een bedrijf met 120 werknemers zijn \(\frac{3}{4}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel vrouwen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
  3. \(\)In een doos met 144 prullen zijn \(\frac{2}{4}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{1}{9}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
  4. \(\)In een doos met 420 prullen zijn \(\frac{6}{7}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{10}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  5. \(\)In een school met 486 leerlingen zijn \(\frac{4}{9}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{6}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel meisjes die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
  6. \(\)In een doos met 320 prullen zijn \(\frac{4}{10}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{3}{4}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
  7. \(\)In een doos met 350 stukken snoepgoed zijn \(\frac{2}{10}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{5}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel koekjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
  8. \(\)In een bedrijf met 315 werknemers zijn \(\frac{3}{5}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{5}{9}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel vrouwen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
  9. \(\)In een doos met 560 prullen zijn \(\frac{4}{10}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{6}{8}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
  10. \(\)In een doos met 441 stukken snoepgoed zijn \(\frac{5}{7}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{7}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
  11. \(\)In een vrachtwagen met 216 dozen zijn \(\frac{2}{6}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{8}{9}\) die gebarsten zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  12. \(\)In een doos met 360 prullen zijn \(\frac{5}{9}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{3}{10}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)

Reken uit

Verbetersleutel

  1. \(\frac{3}{9}\times\frac{1}{5}\times 450=30\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
  2. \(\frac{3}{4}\times\frac{1}{5}\times 120=18\text{ vrouwen die minstens 3 talen spreken}\)
  3. \(\frac{2}{4}\times\frac{1}{9}\times 144=8\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
  4. \(\frac{6}{7}\times\frac{4}{10}\times 420=144\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  5. \(\frac{4}{9}\times\frac{5}{6}\times 486=180\text{ meisjes die eten van thuis meenemen}\)
  6. \(\frac{4}{10}\times\frac{3}{4}\times 320=96\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
  7. \(\frac{2}{10}\times\frac{4}{5}\times 350=56\text{ koekjes die een vierkante vorm hebben}\)
  8. \(\frac{3}{5}\times\frac{5}{9}\times 315=105\text{ vrouwen die minstens 3 talen spreken}\)
  9. \(\frac{4}{10}\times\frac{6}{8}\times 560=168\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
  10. \(\frac{5}{7}\times\frac{3}{7}\times 441=135\text{ gele snoepjes die een vierkante vorm hebben}\)
  11. \(\frac{2}{6}\times\frac{8}{9}\times 216=64\text{ kartonnen doosjes die gebarsten zijn}\)
  12. \(\frac{5}{9}\times\frac{3}{10}\times 360=60\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-09-13 17:59:51
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen