Breuken (reeks 1)

Hoofdmenu Eentje per keer 

Reken uit

  1. \(\)In een doos met 180 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{4}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel koekjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
  2. \(\)In een doos met 400 prullen zijn \(\frac{4}{8}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{5}{10}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
  3. \(\)In een bedrijf met 320 werknemers zijn \(\frac{3}{8}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{7}{8}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel mannen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  4. \(\)In een doos met 350 prullen zijn \(\frac{2}{5}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{8}{10}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  5. \(\)In een doos met 147 stukken snoepgoed zijn \(\frac{2}{3}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{7}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
  6. \(\)In een bedrijf met 120 werknemers zijn \(\frac{1}{3}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{2}{8}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  7. \(\)In een doos met 490 prullen zijn \(\frac{5}{7}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{5}{10}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  8. \(\)In een vrachtwagen met 140 dozen zijn \(\frac{4}{7}\) van de dozen kartonnen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die gedeukt zijn. Hoeveel kartonnen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
  9. \(\)In een doos met 400 stukken snoepgoed zijn \(\frac{4}{5}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{8}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
  10. \(\)In een vrachtwagen met 126 dozen zijn \(\frac{1}{6}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{7}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
  11. \(\)In een doos met 224 prullen zijn \(\frac{3}{4}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{3}{7}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
  12. \(\)In een bedrijf met 420 werknemers zijn \(\frac{1}{10}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{4}{6}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel vrouwen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)

Reken uit

Verbetersleutel

  1. \(\frac{1}{4}\times\frac{1}{5}\times 180=9\text{ koekjes die een ronde vorm hebben}\)
  2. \(\frac{4}{8}\times\frac{5}{10}\times 400=100\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
  3. \(\frac{3}{8}\times\frac{7}{8}\times 320=105\text{ mannen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  4. \(\frac{2}{5}\times\frac{8}{10}\times 350=112\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  5. \(\frac{2}{3}\times\frac{5}{7}\times 147=70\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)
  6. \(\frac{1}{3}\times\frac{2}{8}\times 120=10\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  7. \(\frac{5}{7}\times\frac{5}{10}\times 490=175\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  8. \(\frac{4}{7}\times\frac{1}{4}\times 140=20\text{ kartonnen doosjes die gedeukt zijn}\)
  9. \(\frac{4}{5}\times\frac{1}{8}\times 400=40\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)
  10. \(\frac{1}{6}\times\frac{2}{7}\times 126=6\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
  11. \(\frac{3}{4}\times\frac{3}{7}\times 224=72\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
  12. \(\frac{1}{10}\times\frac{4}{6}\times 420=28\text{ vrouwen die minstens 3 talen spreken}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-03 13:27:49
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen