Breuken (reeks 1)

Hoofdmenu Eentje per keer 

Reken uit

  1. \(\)In een bedrijf met 324 werknemers zijn \(\frac{1}{4}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{2}{9}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  2. \(\)In een bedrijf met 108 werknemers zijn \(\frac{1}{9}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  3. \(\)In een doos met 810 prullen zijn \(\frac{4}{10}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{9}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  4. \(\)In een doos met 160 prullen zijn \(\frac{3}{8}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
  5. \(\)In een bedrijf met 240 werknemers zijn \(\frac{3}{10}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{1}{4}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  6. \(\)In een vrachtwagen met 288 dozen zijn \(\frac{3}{6}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{6}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  7. \(\)In een vrachtwagen met 378 dozen zijn \(\frac{6}{7}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{9}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
  8. \(\)In een bedrijf met 216 werknemers zijn \(\frac{1}{4}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{5}{6}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
  9. \(\)In een school met 126 leerlingen zijn \(\frac{4}{7}\) van de leerlingen jongens. Hiervan zijn er \(\frac{1}{6}\) die met de fiets naar school komen. Hoeveel jongens die met de fiets naar school komen zijn er?\(\)
  10. \(\)In een vrachtwagen met 120 dozen zijn \(\frac{4}{5}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{6}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
  11. \(\)In een doos met 560 prullen zijn \(\frac{2}{7}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{2}{8}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
  12. \(\)In een doos met 105 prullen zijn \(\frac{3}{7}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{3}{5}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)

Reken uit

Verbetersleutel

  1. \(\frac{1}{4}\times\frac{2}{9}\times 324=18\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  2. \(\frac{1}{9}\times\frac{1}{4}\times 108=3\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  3. \(\frac{4}{10}\times\frac{2}{9}\times 810=72\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  4. \(\frac{3}{8}\times\frac{1}{4}\times 160=15\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
  5. \(\frac{3}{10}\times\frac{1}{4}\times 240=18\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  6. \(\frac{3}{6}\times\frac{4}{6}\times 288=96\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
  7. \(\frac{6}{7}\times\frac{1}{9}\times 378=36\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
  8. \(\frac{1}{4}\times\frac{5}{6}\times 216=45\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)
  9. \(\frac{4}{7}\times\frac{1}{6}\times 126=12\text{ jongens die met de fiets naar school komen}\)
  10. \(\frac{4}{5}\times\frac{3}{6}\times 120=48\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
  11. \(\frac{2}{7}\times\frac{2}{8}\times 560=40\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
  12. \(\frac{3}{7}\times\frac{3}{5}\times 105=27\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-05 14:46:52
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen