Reken uit
- \(\)In een doos met 360 prullen zijn \(\frac{4}{8}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{4}{5}\) die lekker ruiken. Hoeveel sleutelhangers die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 640 prullen zijn \(\frac{1}{8}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{10}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel polsbandjes die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 128 dozen zijn \(\frac{3}{4}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{4}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een school met 288 leerlingen zijn \(\frac{1}{4}\) van de leerlingen meisjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{8}\) die eten van thuis meenemen. Hoeveel meisjes die eten van thuis meenemen zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 630 dozen zijn \(\frac{9}{10}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{9}\) die gebarsten zijn. Hoeveel metalen doosjes die gebarsten zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 240 stukken snoepgoed zijn \(\frac{1}{3}\) van de stukken snoepgoed gele snoepjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{10}\) die een ronde vorm hebben. Hoeveel gele snoepjes die een ronde vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 900 dozen zijn \(\frac{6}{10}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{2}{10}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een vrachtwagen met 360 dozen zijn \(\frac{4}{9}\) van de dozen metalen doosjes. Hiervan zijn er \(\frac{1}{5}\) die gedeukt zijn. Hoeveel metalen doosjes die gedeukt zijn zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 576 stukken snoepgoed zijn \(\frac{3}{8}\) van de stukken snoepgoed koekjes. Hiervan zijn er \(\frac{4}{9}\) die een vierkante vorm hebben. Hoeveel koekjes die een vierkante vorm hebben zijn er?\(\)
- \(\)In een doos met 126 prullen zijn \(\frac{4}{6}\) van de prullen polsbandjes. Hiervan zijn er \(\frac{3}{7}\) die lekker ruiken. Hoeveel polsbandjes die lekker ruiken zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 150 werknemers zijn \(\frac{2}{5}\) van de werknemers mannen. Hiervan zijn er \(\frac{2}{6}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel mannen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
- \(\)In een bedrijf met 420 werknemers zijn \(\frac{3}{7}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{9}{10}\) die minstens 2 kinderen hebben. Hoeveel vrouwen die minstens 2 kinderen hebben zijn er?\(\)
Reken uit
Verbetersleutel
- \(\frac{4}{8}\times\frac{4}{5}\times 360=144\text{ sleutelhangers die lekker ruiken}\)
- \(\frac{1}{8}\times\frac{2}{10}\times 640=16\text{ polsbandjes die fluoriscerend zijn}\)
- \(\frac{3}{4}\times\frac{2}{4}\times 128=48\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{1}{4}\times\frac{1}{8}\times 288=9\text{ meisjes die eten van thuis meenemen}\)
- \(\frac{9}{10}\times\frac{2}{9}\times 630=126\text{ metalen doosjes die gebarsten zijn}\)
- \(\frac{1}{3}\times\frac{1}{10}\times 240=8\text{ gele snoepjes die een ronde vorm hebben}\)
- \(\frac{6}{10}\times\frac{2}{10}\times 900=108\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{4}{9}\times\frac{1}{5}\times 360=32\text{ metalen doosjes die gedeukt zijn}\)
- \(\frac{3}{8}\times\frac{4}{9}\times 576=96\text{ koekjes die een vierkante vorm hebben}\)
- \(\frac{4}{6}\times\frac{3}{7}\times 126=36\text{ polsbandjes die lekker ruiken}\)
- \(\frac{2}{5}\times\frac{2}{6}\times 150=20\text{ mannen die minstens 3 talen spreken}\)
- \(\frac{3}{7}\times\frac{9}{10}\times 420=162\text{ vrouwen die minstens 2 kinderen hebben}\)