\(\)In een doos met 270 prullen zijn \(\frac{2}{10}\) van de prullen sleutelhangers. Hiervan zijn er \(\frac{2}{3}\) die fluoriscerend zijn. Hoeveel sleutelhangers die fluoriscerend zijn zijn er?\(\)
\(\frac{2}{10}\times\frac{2}{3}\times 270=36\text{ sleutelhangers die fluoriscerend zijn}\)