\(\)In een bedrijf met 180 werknemers zijn \(\frac{3}{5}\) van de werknemers vrouwen. Hiervan zijn er \(\frac{7}{9}\) die minstens 3 talen spreken. Hoeveel vrouwen die minstens 3 talen spreken zijn er?\(\)
\(\frac{3}{5}\times\frac{7}{9}\times 180=84\text{ vrouwen die minstens 3 talen spreken}\)