Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer verlengt 2800 mm en ondervindt een veerkracht van 5{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Sofiane met een kracht van 400 N. Imane trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer (k = 7 N/m) ondervindt een veerkracht van 33{,}6 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nabil met een kracht van 500 N. Rojin trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 94{,}6 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Sofiane met een kracht van 400 N. Robin staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een veer (k = 11 N/m) ondervindt een veerkracht van 94{,}6 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nada met een kracht van 900 N. Roukaya trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Een veer (k = 11 N/m) verlengt 6 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  10. \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 5{,}2 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  11. \(\)Een veer verlengt 2000 mm en ondervindt een veerkracht van 20 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 6{,}2 m en ondervindt een veerkracht van 68{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{5{,}6N}{2{,}8m} = 2 N/m \\ \text{De veerconstante is 2 N/m}\)
  2. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 400 N ; F_{Imane} = 300 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 650 N (o.b.v. schets) }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{33{,}6 N}{7 N/m} = 4{,}8m =480 cm \\ \text{De veer rekt 480 cm uit}\)
  4. \(\rightarrow F_{Nabil} = 500 N ; F_{Rojin} = 400 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 830 N (o.b.v. schets) }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{94{,}6N}{8{,}6 N/kg} = 11 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 11 kg}\)
  6. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 400 N ; F_{Robin} = 600 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 600 N = 1000 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1000 N naar Robin toe}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{94{,}6 N}{11 N/m} = 8{,}6m =86 dm \\ \text{De veer rekt 86 dm uit}\)
  8. \(\rightarrow F_{Nada} = 900 N ; F_{Roukaya} = 400 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1220 N (o.b.v. schets) }\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (11 N/m ) . (0{,}6 m) = 6{,}6N \\ \text{De veerkracht is 6{,}6N}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (5{,}2 m) = 52N \\ \text{De veerkracht is 52N}\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{20N}{2m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{68{,}2N}{6{,}2m} = 11 N/m \\ \text{De veerconstante is 11 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-02 16:54:41
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen