Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 800 N. Rojin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 6 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een veer verlengt 100 cm en ondervindt een veerkracht van 11 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Sofiane met een kracht van 800 N. Bilal staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Bilal met een kracht van 400 N. Zaid trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Rana met een kracht van 300 N. Dina staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een veer (k = 9 N/m) ondervindt een veerkracht van 79{,}2 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 500 N. Ilias trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Een veer (k = 6 N/m) ondervindt een veerkracht van 12{,}6 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  10. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 13 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  11. \(\)Robin en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Robin trekt met een kracht van 300 N, Ilias met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 88 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Robin} = 800 N ; F_{Rojin} = 600 N \uparrow \\F_R = \sqrt{800^2 + 600^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1000 N }\)
  2. \(F_Z = m . g = (6 kg) . (8{,}6 N/kg) = 51{,}6N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 51{,}6N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{11N}{1m} = 11 N/m \\ \text{De veerconstante is 11 N/m}\)
  4. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 800 N ; F_{Bilal} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 800 N + 1000 N = 1800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1800 N naar Bilal toe}\)
  5. \(\rightarrow F_{Bilal} = 400 N ; F_{Zaid} = 900 N \uparrow \\F_R = \sqrt{400^2 + 900^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 984{,}9 N }\)
  6. \(\rightarrow F_{Rana} = 300 N ; F_{Dina} = 500 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 500 N = 800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 800 N naar Dina toe}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{79{,}2 N}{9 N/m} = 8{,}8m =8800 mm \\ \text{De veer rekt 8800 mm uit}\)
  8. \(\rightarrow F_{Farah} = 500 N ; F_{Ilias} = 1000 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1400 N (o.b.v. schets) }\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{12{,}6 N}{6 N/m} = 2{,}1m \\ \text{De veer rekt 2{,}1 m uit}\)
  10. \(F_Z = m . g = (13 kg) . (8{,}6 N/kg) = 111{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 111{,}8N }\)
  11. \(\leftarrow F_{Robin} = 300 N ; F_{Ilias} = 700 N \rightarrow \\F_R = 700 N - 300 N = 400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Ilias toe}\)
  12. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{88N}{11 N/kg} = 8 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 8 kg}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-15 15:25:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen