Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 18 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 500 N. Inaya trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 6 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 11 N/m) verlengt 750 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 154{,}8 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mars (g = 3{,}72 N/kg). \(\)
  7. \(\)Een veer (k = 6 N/m) verlengt 67 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  8. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 366{,}4 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  9. \(\)Een veer (k = 7 N/m) ondervindt een veerkracht van 34{,}3 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  10. \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 8{,}34 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 500 N. Roukaya trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 100 cm en ondervindt een veerkracht van 9 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_Z = m . g = (18 kg) . (8{,}6 N/kg) = 154{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 154{,}8N }\)
  2. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (9{,}05 N/kg) = 90{,}5N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 90{,}5N }\)
  3. \(\rightarrow F_{Robin} = 500 N ; F_{Inaya} = 800 N \uparrow \\F_R = \sqrt{500^2 + 800^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 943{,}4 N }\)
  4. \(F_Z = m . g = (6 kg) . (9{,}05 N/kg) = 54{,}3N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 54{,}3N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (11 N/m ) . (7{,}5 m) = 82{,}5N \\ \text{De veerkracht is 82{,}5N}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{3{,}72 N/kg} = \dfrac{154{,}8 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{154{,}8 N .3{,}72 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 66{,}96N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 66{,}96N }\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (6 N/m ) . (6{,}7 m) = 40{,}2N \\ \text{De veerkracht is 40{,}2N}\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{366{,}4 N}{22{,}9 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{366{,}4 N .9{,}05 N/kg}{22{,}9 N/kg} = 144{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 144{,}8N }\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{34{,}3 N}{7 N/m} = 4{,}9m =4900 mm \\ \text{De veer rekt 4900 mm uit}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{8{,}34 N}{2{,}78 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{8{,}34 N .11 N/kg}{2{,}78 N/kg} = 33N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 33N }\)
  11. \(\rightarrow F_{Robin} = 500 N ; F_{Roukaya} = 900 N \uparrow \\F_R = \sqrt{500^2 + 900^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1029{,}6 N }\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{9N}{1m} = 9 N/m \\ \text{De veerconstante is 9 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-22 19:42:51
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen