Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Farah en Inaya trekken aan weerszijden van een winkelkar. Farah trekt met een kracht van 900 N, Inaya met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Imane met een kracht van 700 N. Dina trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Een veer (k = 5 N/m) verlengt 730 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  5. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 117{,}72 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nada met een kracht van 900 N. Nabil trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een veer (k = 10 N/m) ondervindt een veerkracht van 37 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Zaid en Imane trekken aan weerszijden van een winkelkar. Zaid trekt met een kracht van 1000 N, Imane met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Zaid met een kracht van 1000 N. Imane trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 126{,}7 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Anissa met een kracht van 300 N. Rana trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 6{,}3 m en ondervindt een veerkracht van 81{,}9 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\leftarrow F_{Farah} = 900 N ; F_{Inaya} = 500 N \rightarrow \\F_R = 500 N - 900 N = -400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Farah toe}\)
  2. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (9{,}05 N/kg) = 90{,}5N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 90{,}5N }\)
  3. \(\rightarrow F_{Imane} = 700 N ; F_{Dina} = 300 N \uparrow \\F_R = \sqrt{700^2 + 300^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 761{,}6 N }\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (5 N/m ) . (7{,}3 m) = 36{,}5N \\ \text{De veerkracht is 36{,}5N}\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{117{,}72 N}{9{,}81 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{117{,}72 N .11 N/kg}{9{,}81 N/kg} = 132N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 132N }\)
  6. \(\rightarrow F_{Nada} = 900 N ; F_{Nabil} = 500 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1300 N (o.b.v. schets) }\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{37 N}{10 N/m} = 3{,}7m \\ \text{De veer rekt 3{,}7 m uit}\)
  8. \(\leftarrow F_{Zaid} = 1000 N ; F_{Imane} = 500 N \rightarrow \\F_R = 500 N - 1000 N = -500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Zaid toe}\)
  9. \(\rightarrow F_{Zaid} = 1000 N ; F_{Imane} = 500 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1400 N (o.b.v. schets) }\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{126{,}7 N}{9{,}05 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{126{,}7 N .8{,}6 N/kg}{9{,}05 N/kg} = 120{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 120{,}4N }\)
  11. \(\rightarrow F_{Anissa} = 300 N ; F_{Rana} = 800 N \uparrow \\F_R = \sqrt{300^2 + 800^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 854{,}4 N }\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{81{,}9N}{6{,}3m} = 13 N/m \\ \text{De veerconstante is 13 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-26 07:50:24
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen