Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Zaid met een kracht van 800 N. Nada staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Farah met een kracht van 500 N. Roukaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 13 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  4. \(\)Een veer (k = 5 N/m) ondervindt een veerkracht van 20 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 7 N/m) ondervindt een veerkracht van 60{,}9 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  6. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 15{,}54 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Anissa met een kracht van 400 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Een veer (k = 2 N/m) verlengt 2400 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  9. \(\)Een veer (k = 13 N/m) ondervindt een veerkracht van 11{,}7 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  10. \(\)Een veer (k = 11 N/m) verlengt 290 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  11. \(\)Anissa en Inaya trekken aan weerszijden van een winkelkar. Anissa trekt met een kracht van 1000 N, Inaya met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 320{,}6 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Zaid} = 800 N ; F_{Nada} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 800 N + 1000 N = 1800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1800 N naar Nada toe}\)
  2. \(\rightarrow F_{Farah} = 500 N ; F_{Roukaya} = 700 N \rightarrow \\F_R = 500 N + 700 N = 1200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1200 N naar Roukaya toe}\)
  3. \(F_Z = m . g = (13 kg) . (7{,}77 N/kg) = 101{,}01N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 101{,}01N }\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{20 N}{5 N/m} = 4m =400 cm \\ \text{De veer rekt 400 cm uit}\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{60{,}9 N}{7 N/m} = 8{,}7m =870 cm \\ \text{De veer rekt 870 cm uit}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{15{,}54N}{7{,}77 N/kg} = 2 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 2 kg}\)
  7. \(\rightarrow F_{Anissa} = 400 N ; F_{Inaya} = 900 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 900 N = 1300 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1300 N naar Inaya toe}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (2 N/m ) . (2{,}4 m) = 4{,}8N \\ \text{De veerkracht is 4{,}8N}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{11{,}7 N}{13 N/m} = 0{,}9m =90 cm \\ \text{De veer rekt 90 cm uit}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (11 N/m ) . (2{,}9 m) = 31{,}9N \\ \text{De veerkracht is 31{,}9N}\)
  11. \(\leftarrow F_{Anissa} = 1000 N ; F_{Inaya} = 900 N \rightarrow \\F_R = 900 N - 1000 N = -100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Anissa toe}\)
  12. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{320{,}6 N}{22{,}9 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{320{,}6 N .11 N/kg}{22{,}9 N/kg} = 154N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 154N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-03 07:40:49
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen