Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 21{,}9 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Roukaya met een kracht van 300 N. Robin trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Rana met een kracht van 300 N. Ilias staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Rojin met een kracht van 800 N. Dina trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  6. \(\)Een veer verlengt 220 cm en ondervindt een veerkracht van 4{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  7. \(\)Een veer verlengt 800 cm en ondervindt een veerkracht van 16 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  8. \(\)Een veer (k = 11 N/m) verlengt 6{,}3 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Inaya met een kracht van 800 N. Rojin staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Een veer (k = 9 N/m) ondervindt een veerkracht van 42{,}3 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  11. \(\)Inaya en Bilal trekken aan weerszijden van een winkelkar. Inaya trekt met een kracht van 600 N, Bilal met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer (k = 12 N/m) ondervindt een veerkracht van 39{,}6 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{21{,}9 N}{3 N/m} = 7{,}3m =73 dm \\ \text{De veer rekt 73 dm uit}\)
  2. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 300 N ; F_{Robin} = 900 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1130 N (o.b.v. schets) }\)
  3. \(\rightarrow F_{Rana} = 300 N ; F_{Ilias} = 700 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 700 N = 1000 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1000 N naar Ilias toe}\)
  4. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (9{,}05 N/kg) = 90{,}5N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 90{,}5N }\)
  5. \(\rightarrow F_{Rojin} = 800 N ; F_{Dina} = 500 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1210 N (o.b.v. schets) }\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{4{,}4N}{2{,}2m} = 2 N/m \\ \text{De veerconstante is 2 N/m}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{16N}{8m} = 2 N/m \\ \text{De veerconstante is 2 N/m}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (11 N/m ) . (6{,}3 m) = 69{,}3N \\ \text{De veerkracht is 69{,}3N}\)
  9. \(\rightarrow F_{Inaya} = 800 N ; F_{Rojin} = 400 N \rightarrow \\F_R = 800 N + 400 N = 1200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1200 N naar Rojin toe}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{42{,}3 N}{9 N/m} = 4{,}7m =4700 mm \\ \text{De veer rekt 4700 mm uit}\)
  11. \(\leftarrow F_{Inaya} = 600 N ; F_{Bilal} = 400 N \rightarrow \\F_R = 400 N - 600 N = -200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 200 N naar Inaya toe}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{39{,}6 N}{12 N/m} = 3{,}3m =330 cm \\ \text{De veer rekt 330 cm uit}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-01-19 09:29:26
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen