Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een veer (k = 10 N/m) ondervindt een veerkracht van 74 N.
Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 280 cm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 108{,}6 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 3 N/m) verlengt 800 cm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 14 kg op Neptunus (g = 11 N/kg)? \(\)
- \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 154{,}8 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 900 N.
Robin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 500 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 600 N.
Dina trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 300 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 8 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
- \(\)Een veer (k = 11 N/m) ondervindt een veerkracht van 27{,}5 N.
Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 1{,}5 m
en ondervindt een veerkracht van 19{,}5 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 14{,}1 N.
Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{74 N}{10 N/m} = 7{,}4m =74 dm
\\ \text{De veer rekt 74 dm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (2{,}8 m) = 36{,}4N
\\ \text{De veerkracht is 36{,}4N}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{108{,}6N}{9{,}05 N/kg} = 12 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 12 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (3 N/m ) . (8 m) = 24N
\\ \text{De veerkracht is 24N}\)
- \(F_Z = m . g = (14 kg) . (11 N/kg) = 154N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 154N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{154{,}8 N}{8{,}6 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{154{,}8 N .9{,}05 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 162{,}9N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 162{,}9N }\)
- \(\rightarrow F_{Farah} = 900 N ; F_{Robin} = 500 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{900^2 + 500^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1029{,}6 N }\)
- \(\rightarrow F_{Robin} = 600 N ; F_{Dina} = 300 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{600^2 + 300^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 670{,}8 N }\)
- \(F_Z = m . g = (8 kg) . (8{,}6 N/kg) = 68{,}8N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 68{,}8N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{27{,}5 N}{11 N/m} = 2{,}5m =25 dm
\\ \text{De veer rekt 25 dm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{19{,}5N}{1{,}5m}
= 13 N/m
\\ \text{De veerconstante is 13 N/m}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{14{,}1 N}{3 N/m} = 4{,}7m =470 cm
\\ \text{De veer rekt 470 cm uit}\)