Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Dina met een kracht van 900 N.
Farah trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 700 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 32{,}4 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 59 dm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 9200 mm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 30{,}58 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Dina met een kracht van 700 N.
Inaya trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 300 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Ilias en Imane trekken aan weerszijden van een winkelkar.
Ilias trekt met een kracht van 800 N, Imane met een kracht van 600 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Rana en Roukaya trekken aan weerszijden van een winkelkar.
Rana trekt met een kracht van 700 N, Roukaya met een kracht van 800 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 900 N.
Robin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 1000 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 0{,}6 m .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een veer (k = 10 N/m) ondervindt een veerkracht van 4 N.
Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 3700 mm .
Wat is de veerkracht? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(\rightarrow F_{Dina} = 900 N ; F_{Farah} = 700 N \nearrow
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1480 N (o.b.v. schets) }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{32{,}4N}{1{,}62 N/kg} = 20 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 20 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (5{,}9 m) = 53{,}1N
\\ \text{De veerkracht is 53{,}1N}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (9{,}2 m) = 82{,}8N
\\ \text{De veerkracht is 82{,}8N}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{30{,}58 N}{2{,}78 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{30{,}58 N .11 N/kg}{2{,}78 N/kg} = 121N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 121N }\)
- \(\rightarrow F_{Dina} = 700 N ; F_{Inaya} = 300 N \nearrow
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 940 N (o.b.v. schets) }\)
- \(\leftarrow F_{Ilias} = 800 N ; F_{Imane} = 600 N \rightarrow
\\F_R = 600 N - 800 N = -200 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 200 N naar Ilias toe}\)
- \(\leftarrow F_{Rana} = 700 N ; F_{Roukaya} = 800 N \rightarrow
\\F_R = 800 N - 700 N = 100 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Roukaya toe}\)
- \(\rightarrow F_{Farah} = 900 N ; F_{Robin} = 1000 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{900^2 + 1000^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1345{,}4 N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (0{,}6 m) = 6N
\\ \text{De veerkracht is 6N}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{4 N}{10 N/m} = 0{,}4m =400 mm
\\ \text{De veer rekt 400 mm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (3{,}7 m) = 37N
\\ \text{De veerkracht is 37N}\)