Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Ilias en Zaid trekken aan weerszijden van een winkelkar. Ilias trekt met een kracht van 700 N, Zaid met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 5 kg op Aarde (g = 9{,}81 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een veer (k = 12 N/m) verlengt 5 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  4. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 52{,}08 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 13 N/m) ondervindt een veerkracht van 105{,}3 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  6. \(\)Een veer verlengt 3{,}6 m en ondervindt een veerkracht van 14{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  7. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nabil met een kracht van 1000 N. Ilias trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 183{,}2 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  9. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 146{,}2 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  10. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 18{,}6 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  11. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  12. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 15 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\leftarrow F_{Ilias} = 700 N ; F_{Zaid} = 400 N \rightarrow \\F_R = 400 N - 700 N = -300 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 300 N naar Ilias toe}\)
  2. \(F_Z = m . g = (5 kg) . (9{,}81 N/kg) = 49{,}05N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Aarde is 49{,}05N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (12 N/m ) . (5 m) = 60N \\ \text{De veerkracht is 60N}\)
  4. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{52{,}08 N}{3{,}72 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{52{,}08 N .8{,}6 N/kg}{3{,}72 N/kg} = 120{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 120{,}4N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{105{,}3 N}{13 N/m} = 8{,}1m \\ \text{De veer rekt 8{,}1 m uit}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{14{,}4N}{3{,}6m} = 4 N/m \\ \text{De veerconstante is 4 N/m}\)
  7. \(\rightarrow F_{Nabil} = 1000 N ; F_{Ilias} = 600 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1490 N (o.b.v. schets) }\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{183{,}2N}{22{,}9 N/kg} = 8 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 8 kg}\)
  9. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{146{,}2N}{8{,}6 N/kg} = 17 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 17 kg}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{18{,}6N}{3{,}72 N/kg} = 5 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 5 kg}\)
  11. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (7{,}77 N/kg) = 77{,}7N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 77{,}7N }\)
  12. \(F_Z = m . g = (15 kg) . (8{,}6 N/kg) = 129N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 129N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-19 06:29:09
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen