Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een veer (k = 5 N/m) verlengt 280 cm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 1000 N.
Nabil trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 600 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nada met een kracht van 300 N.
Dina trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 400 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 5{,}8 m .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 33{,}36 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 0{,}9 N.
Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 45 dm
en ondervindt een veerkracht van 22{,}5 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 4700 mm
en ondervindt een veerkracht van 28{,}2 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 147{,}15 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 165 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Dina en Inaya trekken aan weerszijden van een winkelkar.
Dina trekt met een kracht van 400 N, Inaya met een kracht van 900 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 187 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (5 N/m ) . (2{,}8 m) = 14N
\\ \text{De veerkracht is 14N}\)
- \(\rightarrow F_{Robin} = 1000 N ; F_{Nabil} = 600 N \nearrow
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1490 N (o.b.v. schets) }\)
- \(\rightarrow F_{Nada} = 300 N ; F_{Dina} = 400 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{300^2 + 400^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 500 N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (5{,}8 m) = 75{,}4N
\\ \text{De veerkracht is 75{,}4N}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{33{,}36N}{2{,}78 N/kg} = 12 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 12 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{0{,}9 N}{3 N/m} = 0{,}3m =300 mm
\\ \text{De veer rekt 300 mm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{22{,}5N}{4{,}5m}
= 5 N/m
\\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{28{,}2N}{4{,}7m}
= 6 N/m
\\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{147{,}15N}{9{,}81 N/kg} = 15 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 15 kg}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{165N}{11 N/kg} = 15 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 15 kg}\)
- \(\leftarrow F_{Dina} = 400 N ; F_{Inaya} = 900 N \rightarrow
\\F_R = 900 N - 400 N = 500 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Inaya toe}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{187N}{11 N/kg} = 17 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 17 kg}\)