Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een veer (k = 2 N/m) ondervindt een veerkracht van 1{,}8 N.
Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 229 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 162{,}9 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 166{,}77 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 12 N/m) verlengt 1300 mm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Ilias met een kracht van 800 N.
Sofiane staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Ilias en Imane trekken aan weerszijden van een winkelkar.
Ilias trekt met een kracht van 400 N, Imane met een kracht van 1000 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Robin met een kracht van 600 N.
Sofiane staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 1000 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer (k = 8 N/m) verlengt 560 cm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 640 cm
en ondervindt een veerkracht van 51{,}2 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 22 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 5 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{1{,}8 N}{2 N/m} = 0{,}9m =900 mm
\\ \text{De veer rekt 900 mm uit}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{229N}{22{,}9 N/kg} = 10 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 10 kg}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{162{,}9N}{9{,}05 N/kg} = 18 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 18 kg}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{166{,}77N}{9{,}81 N/kg} = 17 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 17 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (12 N/m ) . (1{,}3 m) = 15{,}6N
\\ \text{De veerkracht is 15{,}6N}\)
- \(\rightarrow F_{Ilias} = 800 N ; F_{Sofiane} = 500 N \rightarrow
\\F_R = 800 N + 500 N = 1300 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1300 N naar Sofiane toe}\)
- \(\leftarrow F_{Ilias} = 400 N ; F_{Imane} = 1000 N \rightarrow
\\F_R = 1000 N - 400 N = 600 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 600 N naar Imane toe}\)
- \(\rightarrow F_{Robin} = 600 N ; F_{Sofiane} = 1000 N \rightarrow
\\F_R = 600 N + 1000 N = 1600 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1600 N naar Sofiane toe}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (8 N/m ) . (5{,}6 m) = 44{,}8N
\\ \text{De veerkracht is 44{,}8N}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{51{,}2N}{6{,}4m}
= 8 N/m
\\ \text{De veerconstante is 8 N/m}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{22N}{11 N/kg} = 2 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 2 kg}\)
- \(F_Z = m . g = (5 kg) . (9{,}05 N/kg) = 45{,}25N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 45{,}25N }\)