Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer verlengt 55 dm en ondervindt een veerkracht van 55 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 15 kg op Neptunus (g = 11 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 8{,}8 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  4. \(\)Anissa en Dina trekken aan weerszijden van een winkelkar. Anissa trekt met een kracht van 1000 N, Dina met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 63{,}24 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  6. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 2 kg op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg)? \(\)
  7. \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 25{,}02 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg). \(\)
  8. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 63{,}35 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 770 cm en ondervindt een veerkracht van 92{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 147{,}15 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  11. \(\)Een veer verlengt 46 dm en ondervindt een veerkracht van 9{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  12. \(\)Een veer (k = 7 N/m) verlengt 30 cm . Wat is de veerkracht? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{55N}{5{,}5m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  2. \(F_Z = m . g = (15 kg) . (11 N/kg) = 165N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 165N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (8{,}8 m) = 114{,}4N \\ \text{De veerkracht is 114{,}4N}\)
  4. \(\leftarrow F_{Anissa} = 1000 N ; F_{Dina} = 300 N \rightarrow \\F_R = 300 N - 1000 N = -700 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 700 N naar Anissa toe}\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{63{,}24 N}{3{,}72 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{63{,}24 N .1{,}62 N/kg}{3{,}72 N/kg} = 27{,}54N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 27{,}54N }\)
  6. \(F_Z = m . g = (2 kg) . (22{,}9 N/kg) = 45{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Jupiter is 45{,}8N }\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{22{,}9 N/kg} = \dfrac{25{,}02 N}{2{,}78 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{25{,}02 N .22{,}9 N/kg}{2{,}78 N/kg} = 206{,}1N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Jupiter is 206{,}1N }\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{63{,}35N}{9{,}05 N/kg} = 7 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 7 kg}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{92{,}4N}{7{,}7m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{147{,}15 N}{9{,}81 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{147{,}15 N .8{,}6 N/kg}{9{,}81 N/kg} = 129N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 129N }\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{9{,}2N}{4{,}6m} = 2 N/m \\ \text{De veerconstante is 2 N/m}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (7 N/m ) . (0{,}3 m) = 2{,}1N \\ \text{De veerkracht is 2{,}1N}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-01-31 03:37:46
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen