Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Zaid met een kracht van 500 N. Rana trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Zaid en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Zaid trekt met een kracht van 900 N, Ilias met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer verlengt 8200 mm en ondervindt een veerkracht van 24{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  4. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 1600 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  5. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nabil met een kracht van 400 N. Inaya trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  6. \(\)Inaya en Zaid trekken aan weerszijden van een winkelkar. Inaya trekt met een kracht van 600 N, Zaid met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een veer (k = 7 N/m) ondervindt een veerkracht van 13{,}3 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 50{,}04 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Zaid met een kracht van 300 N. Bilal staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 162{,}9 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Roukaya met een kracht van 700 N. Sofiane staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 3{,}4 m en ondervindt een veerkracht van 40{,}8 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Zaid} = 500 N ; F_{Rana} = 1000 N \uparrow \\F_R = \sqrt{500^2 + 1000^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1118 N }\)
  2. \(\leftarrow F_{Zaid} = 900 N ; F_{Ilias} = 700 N \rightarrow \\F_R = 700 N - 900 N = -200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 200 N naar Zaid toe}\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{24{,}6N}{8{,}2m} = 3 N/m \\ \text{De veerconstante is 3 N/m}\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (1{,}6 m) = 20{,}8N \\ \text{De veerkracht is 20{,}8N}\)
  5. \(\rightarrow F_{Nabil} = 400 N ; F_{Inaya} = 900 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1220 N (o.b.v. schets) }\)
  6. \(\leftarrow F_{Inaya} = 600 N ; F_{Zaid} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 1000 N - 600 N = 400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Zaid toe}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{13{,}3 N}{7 N/m} = 1{,}9m =1900 mm \\ \text{De veer rekt 1900 mm uit}\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{50{,}04 N}{2{,}78 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{50{,}04 N .1{,}62 N/kg}{2{,}78 N/kg} = 29{,}16N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 29{,}16N }\)
  9. \(\rightarrow F_{Zaid} = 300 N ; F_{Bilal} = 500 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 500 N = 800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 800 N naar Bilal toe}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{162{,}9N}{9{,}05 N/kg} = 18 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 18 kg}\)
  11. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 700 N ; F_{Sofiane} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 700 N + 1000 N = 1700 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1700 N naar Sofiane toe}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{40{,}8N}{3{,}4m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-16 05:25:45
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen