Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer verlengt 2 m en ondervindt een veerkracht van 20 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Sofiane met een kracht van 500 N. Rojin trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer (k = 6 N/m) ondervindt een veerkracht van 10{,}8 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Rojin met een kracht van 700 N. Rana trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 44 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Ilias met een kracht van 1000 N. Sofiane trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Farah met een kracht van 300 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 7 kg op Mars (g = 3{,}72 N/kg)? \(\)
  9. \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 22{,}2 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  10. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 4 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  11. \(\)Een veer (k = 7 N/m) verlengt 1 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  12. \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 22{,}5 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{20N}{2m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  2. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 500 N ; F_{Rojin} = 800 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1210 N (o.b.v. schets) }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{10{,}8 N}{6 N/m} = 1{,}8m =18 dm \\ \text{De veer rekt 18 dm uit}\)
  4. \(\rightarrow F_{Rojin} = 700 N ; F_{Rana} = 400 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1020 N (o.b.v. schets) }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{44 N}{11 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{44 N .9{,}05 N/kg}{11 N/kg} = 36{,}2N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 36{,}2N }\)
  6. \(\rightarrow F_{Ilias} = 1000 N ; F_{Sofiane} = 400 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1310 N (o.b.v. schets) }\)
  7. \(\rightarrow F_{Farah} = 300 N ; F_{Inaya} = 700 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 700 N = 1000 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1000 N naar Inaya toe}\)
  8. \(F_Z = m . g = (7 kg) . (3{,}72 N/kg) = 26{,}04N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 26{,}04N }\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{22{,}2 N}{3 N/m} = 7{,}4m \\ \text{De veer rekt 7{,}4 m uit}\)
  10. \(F_Z = m . g = (4 kg) . (8{,}6 N/kg) = 34{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 34{,}4N }\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (7 N/m ) . (0{,}1 m) = 0{,}7N \\ \text{De veerkracht is 0{,}7N}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{22{,}5 N}{3 N/m} = 7{,}5m =75 dm \\ \text{De veer rekt 75 dm uit}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-11-07 12:31:41
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen