Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer verlengt 8{,}7 m en ondervindt een veerkracht van 113{,}1 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  2. \(\)Bilal en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Bilal trekt met een kracht van 300 N, Ilias met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 690 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  4. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 7{,}44 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Aarde (g = 9{,}81 N/kg). \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 11 N/m) verlengt 4100 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Ilias met een kracht van 500 N. Bilal trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 172 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  8. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 81{,}45 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mars (g = 3{,}72 N/kg). \(\)
  9. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 16{,}2 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Uranus (g = 7{,}77 N/kg). \(\)
  10. \(\)Een veer verlengt 27 dm en ondervindt een veerkracht van 16{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  11. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 135{,}75 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 980 cm en ondervindt een veerkracht van 29{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{113{,}1N}{8{,}7m} = 13 N/m \\ \text{De veerconstante is 13 N/m}\)
  2. \(\leftarrow F_{Bilal} = 300 N ; F_{Ilias} = 800 N \rightarrow \\F_R = 800 N - 300 N = 500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Ilias toe}\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (6{,}9 m) = 69N \\ \text{De veerkracht is 69N}\)
  4. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}81 N/kg} = \dfrac{7{,}44 N}{3{,}72 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{7{,}44 N .9{,}81 N/kg}{3{,}72 N/kg} = 19{,}62N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Aarde is 19{,}62N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (11 N/m ) . (4{,}1 m) = 45{,}1N \\ \text{De veerkracht is 45{,}1N}\)
  6. \(\rightarrow F_{Ilias} = 500 N ; F_{Bilal} = 600 N \uparrow \\F_R = \sqrt{500^2 + 600^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 781 N }\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{172 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{172 N .1{,}62 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 32{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 32{,}4N }\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{3{,}72 N/kg} = \dfrac{81{,}45 N}{9{,}05 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{81{,}45 N .3{,}72 N/kg}{9{,}05 N/kg} = 33{,}48N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 33{,}48N }\)
  9. \(m = \dfrac{F_Z}{7{,}77 N/kg} = \dfrac{16{,}2 N}{1{,}62 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{16{,}2 N .7{,}77 N/kg}{1{,}62 N/kg} = 77{,}7N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 77{,}7N }\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{16{,}2N}{2{,}7m} = 6 N/m \\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
  11. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{135{,}75N}{9{,}05 N/kg} = 15 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 15 kg}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{29{,}4N}{9{,}8m} = 3 N/m \\ \text{De veerconstante is 3 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-01 03:05:16
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen