Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 4 N/m) verlengt 46 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Zaid met een kracht van 400 N. Robin staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Imane met een kracht van 1000 N. Farah trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Neptunus (g = 11 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 117{,}65 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  6. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 72{,}4 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 25{,}8 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  8. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 300 N. Roukaya trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 1500 mm en ondervindt een veerkracht van 9 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Een veer verlengt 200 cm en ondervindt een veerkracht van 14 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Nabil met een kracht van 900 N. Nada staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 6 kg op Neptunus (g = 11 N/kg)? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (4 N/m ) . (4{,}6 m) = 18{,}4N \\ \text{De veerkracht is 18{,}4N}\)
  2. \(\rightarrow F_{Zaid} = 400 N ; F_{Robin} = 500 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 500 N = 900 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 900 N naar Robin toe}\)
  3. \(\rightarrow F_{Imane} = 1000 N ; F_{Farah} = 900 N \uparrow \\F_R = \sqrt{1000^2 + 900^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1345{,}4 N }\)
  4. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (11 N/kg) = 110N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 110N }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{117{,}65 N}{9{,}05 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{117{,}65 N .8{,}6 N/kg}{9{,}05 N/kg} = 111{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 111{,}8N }\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{72{,}4N}{9{,}05 N/kg} = 8 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 8 kg}\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{25{,}8 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{25{,}8 N .9{,}05 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 27{,}15N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 27{,}15N }\)
  8. \(\rightarrow F_{Robin} = 300 N ; F_{Roukaya} = 800 N \uparrow \\F_R = \sqrt{300^2 + 800^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 854{,}4 N }\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{9N}{1{,}5m} = 6 N/m \\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{14N}{2m} = 7 N/m \\ \text{De veerconstante is 7 N/m}\)
  11. \(\rightarrow F_{Nabil} = 900 N ; F_{Nada} = 700 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 700 N = 1600 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1600 N naar Nada toe}\)
  12. \(F_Z = m . g = (6 kg) . (11 N/kg) = 66N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 66N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-06-13 22:14:50
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen