Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 8 N/m) ondervindt een veerkracht van 17{,}6 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Inaya met een kracht van 400 N. Nada trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer (k = 8 N/m) ondervindt een veerkracht van 68{,}8 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  4. \(\)Een veer (k = 12 N/m) verlengt 4{,}9 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  5. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 36{,}2 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
  6. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 98{,}1 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Een veer (k = 5 N/m) ondervindt een veerkracht van 4 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 12{,}96 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  9. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 14 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  10. \(\)Een veer verlengt 7{,}4 m en ondervindt een veerkracht van 59{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  11. \(\)Een veer (k = 5 N/m) ondervindt een veerkracht van 10{,}5 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  12. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 6{,}48 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{17{,}6 N}{8 N/m} = 2{,}2m =2200 mm \\ \text{De veer rekt 2200 mm uit}\)
  2. \(\rightarrow F_{Inaya} = 400 N ; F_{Nada} = 800 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1120 N (o.b.v. schets) }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{68{,}8 N}{8 N/m} = 8{,}6m =86 dm \\ \text{De veer rekt 86 dm uit}\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (12 N/m ) . (4{,}9 m) = 58{,}8N \\ \text{De veerkracht is 58{,}8N}\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{36{,}2 N}{9{,}05 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{36{,}2 N .2{,}78 N/kg}{9{,}05 N/kg} = 11{,}12N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 11{,}12N }\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{98{,}1N}{9{,}81 N/kg} = 10 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 10 kg}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{4 N}{5 N/m} = 0{,}8m =8 dm \\ \text{De veer rekt 8 dm uit}\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{12{,}96 N}{1{,}62 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{12{,}96 N .11 N/kg}{1{,}62 N/kg} = 88N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 88N }\)
  9. \(F_Z = m . g = (14 kg) . (7{,}77 N/kg) = 108{,}78N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 108{,}78N }\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{59{,}2N}{7{,}4m} = 8 N/m \\ \text{De veerconstante is 8 N/m}\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{10{,}5 N}{5 N/m} = 2{,}1m \\ \text{De veer rekt 2{,}1 m uit}\)
  12. \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{6{,}48 N}{1{,}62 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{6{,}48 N .2{,}78 N/kg}{1{,}62 N/kg} = 11{,}12N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 11{,}12N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-13 10:55:30
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen