Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 2 N/m) ondervindt een veerkracht van 6{,}8 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  2. \(\)Een veer verlengt 4{,}4 m en ondervindt een veerkracht van 48{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Roukaya met een kracht van 600 N. Nada trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Sofiane met een kracht van 300 N. Rana trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 12 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  6. \(\)Een veer (k = 6 N/m) ondervindt een veerkracht van 48{,}6 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  7. \(\)Bilal en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Bilal trekt met een kracht van 400 N, Ilias met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Een veer (k = 5 N/m) verlengt 860 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  9. \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 3 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  10. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 58{,}86 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  11. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 435{,}1 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Robin met een kracht van 400 N. Zaid trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{6{,}8 N}{2 N/m} = 3{,}4m =3400 mm \\ \text{De veer rekt 3400 mm uit}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{48{,}4N}{4{,}4m} = 11 N/m \\ \text{De veerconstante is 11 N/m}\)
  3. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 600 N ; F_{Nada} = 500 N \uparrow \\F_R = \sqrt{600^2 + 500^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 781 N }\)
  4. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 300 N ; F_{Rana} = 400 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 650 N (o.b.v. schets) }\)
  5. \(F_Z = m . g = (12 kg) . (9{,}05 N/kg) = 108{,}6N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 108{,}6N }\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{48{,}6 N}{6 N/m} = 8{,}1m =810 cm \\ \text{De veer rekt 810 cm uit}\)
  7. \(\leftarrow F_{Bilal} = 400 N ; F_{Ilias} = 700 N \rightarrow \\F_R = 700 N - 400 N = 300 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 300 N naar Ilias toe}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (5 N/m ) . (8{,}6 m) = 43N \\ \text{De veerkracht is 43N}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (0{,}3 m) = 2{,}7N \\ \text{De veerkracht is 2{,}7N}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{58{,}86N}{9{,}81 N/kg} = 6 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 6 kg}\)
  11. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{435{,}1N}{22{,}9 N/kg} = 19 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 19 kg}\)
  12. \(\rightarrow F_{Robin} = 400 N ; F_{Zaid} = 700 N \uparrow \\F_R = \sqrt{400^2 + 700^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 806{,}2 N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-24 04:18:19
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen