Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Rana met een kracht van 600 N.
Nabil trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 1000 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 300 N.
Rojin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 1000 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer verlengt 5{,}8 m
en ondervindt een veerkracht van 52{,}2 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 40 dm
en ondervindt een veerkracht van 24 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Anissa met een kracht van 400 N.
Rojin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 700 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 25{,}92 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 8 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
- \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 127{,}53 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
- \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 49{,}05 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 72{,}4 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
- \(\)Een veer (k = 4 N/m) ondervindt een veerkracht van 38{,}8 N.
Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(\rightarrow F_{Rana} = 600 N ; F_{Nabil} = 1000 N \nearrow
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1490 N (o.b.v. schets) }\)
- \(\rightarrow F_{Farah} = 300 N ; F_{Rojin} = 1000 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{300^2 + 1000^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1044 N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{52{,}2N}{5{,}8m}
= 9 N/m
\\ \text{De veerconstante is 9 N/m}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{24N}{4m}
= 6 N/m
\\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
- \(\rightarrow F_{Anissa} = 400 N ; F_{Rojin} = 700 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{400^2 + 700^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 806{,}2 N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{25{,}92N}{1{,}62 N/kg} = 16 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 16 kg}\)
- \(F_Z = m . g = (8 kg) . (9{,}05 N/kg) = 72{,}4N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 72{,}4N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{127{,}53 N}{9{,}81 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{127{,}53 N .2{,}78 N/kg}{9{,}81 N/kg} = 36{,}14N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 36{,}14N }\)
- \(F_Z = m . g = (10 kg) . (8{,}6 N/kg) = 86N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 86N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{49{,}05N}{9{,}81 N/kg} = 5 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 5 kg}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{72{,}4 N}{9{,}05 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{72{,}4 N .1{,}62 N/kg}{9{,}05 N/kg} = 12{,}96N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 12{,}96N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{38{,}8 N}{4 N/m} = 9{,}7m =970 cm
\\ \text{De veer rekt 970 cm uit}\)