Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 7800 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  2. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 129 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  3. \(\)Een veer (k = 10 N/m) ondervindt een veerkracht van 63 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  4. \(\)Een veer (k = 2 N/m) ondervindt een veerkracht van 2{,}2 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  5. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Rojin met een kracht van 300 N. Anissa staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  6. \(\)Een veer (k = 4 N/m) verlengt 100 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  7. \(\)Een veer verlengt 440 cm en ondervindt een veerkracht van 30{,}8 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  8. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 20 kg op de maan (g = 1{,}62 N/kg)? \(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Anissa met een kracht van 1000 N. Imane trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Een veer (k = 8 N/m) verlengt 3800 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Nada met een kracht van 500 N. Robin staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer (k = 4 N/m) verlengt 1{,}2 m . Wat is de veerkracht? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (7{,}8 m) = 78N \\ \text{De veerkracht is 78N}\)
  2. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{129 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{129 N .9{,}05 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 135{,}75N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 135{,}75N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{63 N}{10 N/m} = 6{,}3m =630 cm \\ \text{De veer rekt 630 cm uit}\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{2{,}2 N}{2 N/m} = 1{,}1m \\ \text{De veer rekt 1{,}1 m uit}\)
  5. \(\rightarrow F_{Rojin} = 300 N ; F_{Anissa} = 400 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 400 N = 700 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 700 N naar Anissa toe}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (4 N/m ) . (1 m) = 4N \\ \text{De veerkracht is 4N}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{30{,}8N}{4{,}4m} = 7 N/m \\ \text{De veerconstante is 7 N/m}\)
  8. \(F_Z = m . g = (20 kg) . (1{,}62 N/kg) = 32{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 32{,}4N }\)
  9. \(\rightarrow F_{Anissa} = 1000 N ; F_{Imane} = 900 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1760 N (o.b.v. schets) }\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (8 N/m ) . (3{,}8 m) = 30{,}4N \\ \text{De veerkracht is 30{,}4N}\)
  11. \(\rightarrow F_{Nada} = 500 N ; F_{Robin} = 300 N \rightarrow \\F_R = 500 N + 300 N = 800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 800 N naar Robin toe}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (4 N/m ) . (1{,}2 m) = 4{,}8N \\ \text{De veerkracht is 4{,}8N}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-16 13:20:48
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen