Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Rana met een kracht van 1000 N. Anissa staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Een veer verlengt 2100 mm en ondervindt een veerkracht van 10{,}5 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  3. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 10 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  4. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 156{,}96 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  5. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 17{,}82 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  6. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 26{,}04 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 22{,}32 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  8. \(\)Een veer verlengt 9{,}1 m en ondervindt een veerkracht van 109{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 7500 mm en ondervindt een veerkracht van 67{,}5 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Een veer verlengt 1{,}1 m en ondervindt een veerkracht van 5{,}5 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 600 N. Zaid trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Bilal met een kracht van 300 N. Roukaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Rana} = 1000 N ; F_{Anissa} = 600 N \rightarrow \\F_R = 1000 N + 600 N = 1600 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1600 N naar Anissa toe}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{10{,}5N}{2{,}1m} = 5 N/m \\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
  3. \(F_Z = m . g = (10 kg) . (7{,}77 N/kg) = 77{,}7N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 77{,}7N }\)
  4. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{156{,}96N}{9{,}81 N/kg} = 16 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 16 kg}\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{17{,}82N}{1{,}62 N/kg} = 11 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 11 kg}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{26{,}04N}{3{,}72 N/kg} = 7 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 7 kg}\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{22{,}32N}{3{,}72 N/kg} = 6 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 6 kg}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{109{,}2N}{9{,}1m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{67{,}5N}{7{,}5m} = 9 N/m \\ \text{De veerconstante is 9 N/m}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{5{,}5N}{1{,}1m} = 5 N/m \\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
  11. \(\rightarrow F_{Farah} = 600 N ; F_{Zaid} = 1000 N \uparrow \\F_R = \sqrt{600^2 + 1000^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1166{,}2 N }\)
  12. \(\rightarrow F_{Bilal} = 300 N ; F_{Roukaya} = 600 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 600 N = 900 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 900 N naar Roukaya toe}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-26 01:56:55
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen