Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Roukaya met een kracht van 300 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 5 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 108{,}78 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 2 kg op Mars (g = 3{,}72 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 107{,}91 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  6. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 101{,}01 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Aarde (g = 9{,}81 N/kg). \(\)
  7. \(\)Een veer verlengt 8{,}6 m en ondervindt een veerkracht van 86 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  8. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 2 kg op de maan (g = 1{,}62 N/kg)? \(\)
  9. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 114{,}5 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mars (g = 3{,}72 N/kg). \(\)
  10. \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 52 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  11. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 5400 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Farah met een kracht van 500 N. Zaid staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 300 N ; F_{Inaya} = 400 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 400 N = 700 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 700 N naar Inaya toe}\)
  2. \(F_Z = m . g = (5 kg) . (9{,}05 N/kg) = 45{,}25N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 45{,}25N }\)
  3. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{108{,}78 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{108{,}78 N .1{,}62 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 22{,}68N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 22{,}68N }\)
  4. \(F_Z = m . g = (2 kg) . (3{,}72 N/kg) = 7{,}44N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 7{,}44N }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{107{,}91 N}{9{,}81 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{107{,}91 N .11 N/kg}{9{,}81 N/kg} = 121N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 121N }\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}81 N/kg} = \dfrac{101{,}01 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{101{,}01 N .9{,}81 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 127{,}53N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Aarde is 127{,}53N }\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{86N}{8{,}6m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  8. \(F_Z = m . g = (2 kg) . (1{,}62 N/kg) = 3{,}24N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 3{,}24N }\)
  9. \(m = \dfrac{F_Z}{3{,}72 N/kg} = \dfrac{114{,}5 N}{22{,}9 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{114{,}5 N .3{,}72 N/kg}{22{,}9 N/kg} = 18{,}6N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 18{,}6N }\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (5{,}2 m) = 46{,}8N \\ \text{De veerkracht is 46{,}8N}\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (5{,}4 m) = 70{,}2N \\ \text{De veerkracht is 70{,}2N}\)
  12. \(\rightarrow F_{Farah} = 500 N ; F_{Zaid} = 900 N \rightarrow \\F_R = 500 N + 900 N = 1400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1400 N naar Zaid toe}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-27 10:37:31
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen