Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 9 N/m) ondervindt een veerkracht van 55{,}8 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Dina met een kracht van 1000 N. Anissa trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Een veer verlengt 2{,}4 m en ondervindt een veerkracht van 7{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  4. \(\)Imane en Farah trekken aan weerszijden van een winkelkar. Imane trekt met een kracht van 400 N, Farah met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 3{,}3 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 176 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  7. \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 22{,}5 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Een veer verlengt 8{,}7 m en ondervindt een veerkracht van 104{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Bilal met een kracht van 400 N. Imane staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 3 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  11. \(\)Inaya en Sofiane trekken aan weerszijden van een winkelkar. Inaya trekt met een kracht van 400 N, Sofiane met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 17 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{55{,}8 N}{9 N/m} = 6{,}2m =62 dm \\ \text{De veer rekt 62 dm uit}\)
  2. \(\rightarrow F_{Dina} = 1000 N ; F_{Anissa} = 500 N \uparrow \\F_R = \sqrt{1000^2 + 500^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1118 N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{7{,}2N}{2{,}4m} = 3 N/m \\ \text{De veerconstante is 3 N/m}\)
  4. \(\leftarrow F_{Imane} = 400 N ; F_{Farah} = 500 N \rightarrow \\F_R = 500 N - 400 N = 100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Farah toe}\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (3{,}3 m) = 42{,}9N \\ \text{De veerkracht is 42{,}9N}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{176 N}{11 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{176 N .8{,}6 N/kg}{11 N/kg} = 137{,}6N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 137{,}6N }\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{22{,}5 N}{3 N/m} = 7{,}5m =750 cm \\ \text{De veer rekt 750 cm uit}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{104{,}4N}{8{,}7m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
  9. \(\rightarrow F_{Bilal} = 400 N ; F_{Imane} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 1000 N = 1400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1400 N naar Imane toe}\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (3 m) = 39N \\ \text{De veerkracht is 39N}\)
  11. \(\leftarrow F_{Inaya} = 400 N ; F_{Sofiane} = 900 N \rightarrow \\F_R = 900 N - 400 N = 500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Sofiane toe}\)
  12. \(F_Z = m . g = (17 kg) . (9{,}05 N/kg) = 153{,}85N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 153{,}85N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-31 03:10:54
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen