Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 8 kg op de maan (g = 1{,}62 N/kg)? \(\)
  2. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 229 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  3. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 9 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Zaid met een kracht van 600 N. Dina trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 530 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Sofiane met een kracht van 700 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 187 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  8. \(\)Een veer (k = 3 N/m) ondervindt een veerkracht van 5{,}4 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  9. \(\)Een veer (k = 2 N/m) ondervindt een veerkracht van 13{,}6 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  10. \(\)Sofiane en Dina trekken aan weerszijden van een winkelkar. Sofiane trekt met een kracht van 500 N, Dina met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  11. \(\)Een veer verlengt 8300 mm en ondervindt een veerkracht van 58{,}1 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  12. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 11 kg op de maan (g = 1{,}62 N/kg)? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_Z = m . g = (8 kg) . (1{,}62 N/kg) = 12{,}96N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 12{,}96N }\)
  2. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{229N}{22{,}9 N/kg} = 10 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 10 kg}\)
  3. \(F_Z = m . g = (9 kg) . (7{,}77 N/kg) = 69{,}93N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 69{,}93N }\)
  4. \(\rightarrow F_{Zaid} = 600 N ; F_{Dina} = 700 N \uparrow \\F_R = \sqrt{600^2 + 700^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 922 N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (5{,}3 m) = 47{,}7N \\ \text{De veerkracht is 47{,}7N}\)
  6. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 700 N ; F_{Inaya} = 900 N \rightarrow \\F_R = 700 N + 900 N = 1600 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1600 N naar Inaya toe}\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{187 N}{11 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{187 N .9{,}05 N/kg}{11 N/kg} = 153{,}85N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 153{,}85N }\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{5{,}4 N}{3 N/m} = 1{,}8m =18 dm \\ \text{De veer rekt 18 dm uit}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{13{,}6 N}{2 N/m} = 6{,}8m =680 cm \\ \text{De veer rekt 680 cm uit}\)
  10. \(\leftarrow F_{Sofiane} = 500 N ; F_{Dina} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 1000 N - 500 N = 500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Dina toe}\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{58{,}1N}{8{,}3m} = 7 N/m \\ \text{De veerconstante is 7 N/m}\)
  12. \(F_Z = m . g = (11 kg) . (1{,}62 N/kg) = 17{,}82N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 17{,}82N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-09-14 21:55:30
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen