Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 16 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  2. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 129 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Inaya met een kracht van 800 N. Bilal staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 17 kg op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 8 N/m) verlengt 75 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Een veer (k = 8 N/m) verlengt 41 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  7. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Sofiane met een kracht van 300 N. Anissa staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Imane met een kracht van 400 N. Robin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Nada en Robin trekken aan weerszijden van een winkelkar. Nada trekt met een kracht van 900 N, Robin met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Ilias met een kracht van 500 N. Zaid trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  11. \(\)Een veer (k = 10 N/m) ondervindt een veerkracht van 60 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  12. \(\)Inaya en Bilal trekken aan weerszijden van een winkelkar. Inaya trekt met een kracht van 400 N, Bilal met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_Z = m . g = (16 kg) . (7{,}77 N/kg) = 124{,}32N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 124{,}32N }\)
  2. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{129 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{129 N .11 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 165N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 165N }\)
  3. \(\rightarrow F_{Inaya} = 800 N ; F_{Bilal} = 300 N \rightarrow \\F_R = 800 N + 300 N = 1100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1100 N naar Bilal toe}\)
  4. \(F_Z = m . g = (17 kg) . (2{,}78 N/kg) = 47{,}26N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 47{,}26N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (8 N/m ) . (7{,}5 m) = 60N \\ \text{De veerkracht is 60N}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (8 N/m ) . (4{,}1 m) = 32{,}8N \\ \text{De veerkracht is 32{,}8N}\)
  7. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 300 N ; F_{Anissa} = 600 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 600 N = 900 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 900 N naar Anissa toe}\)
  8. \(\rightarrow F_{Imane} = 400 N ; F_{Robin} = 600 N \uparrow \\F_R = \sqrt{400^2 + 600^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 721{,}1 N }\)
  9. \(\leftarrow F_{Nada} = 900 N ; F_{Robin} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 1000 N - 900 N = 100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Robin toe}\)
  10. \(\rightarrow F_{Ilias} = 500 N ; F_{Zaid} = 600 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1020 N (o.b.v. schets) }\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{60 N}{10 N/m} = 6m \\ \text{De veer rekt 6 m uit}\)
  12. \(\leftarrow F_{Inaya} = 400 N ; F_{Bilal} = 800 N \rightarrow \\F_R = 800 N - 400 N = 400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Bilal toe}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-10 10:49:56
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen