Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 7 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
- \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 103{,}2 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mars (g = 3{,}72 N/kg). \(\)
- \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 45{,}8 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 1{,}4 m .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 840 cm
en ondervindt een veerkracht van 42 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een veer verlengt 5700 mm
en ondervindt een veerkracht van 57 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 68{,}7 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
- \(\)Een veer verlengt 3{,}2 m
en ondervindt een veerkracht van 22{,}4 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 33{,}36 N.
Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nabil met een kracht van 1000 N.
Robin trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 600 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer (k = 5 N/m) ondervindt een veerkracht van 13{,}5 N.
Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
- \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 20 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(F_Z = m . g = (7 kg) . (7{,}77 N/kg) = 54{,}39N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 54{,}39N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{3{,}72 N/kg} = \dfrac{103{,}2 N}{8{,}6 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{103{,}2 N .3{,}72 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 44{,}64N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 44{,}64N }\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{45{,}8N}{22{,}9 N/kg} = 2 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 2 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (1{,}4 m) = 14N
\\ \text{De veerkracht is 14N}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{42N}{8{,}4m}
= 5 N/m
\\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{57N}{5{,}7m}
= 10 N/m
\\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{68{,}7 N}{22{,}9 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{68{,}7 N .2{,}78 N/kg}{22{,}9 N/kg} = 8{,}34N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 8{,}34N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{22{,}4N}{3{,}2m}
= 7 N/m
\\ \text{De veerconstante is 7 N/m}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{33{,}36 N}{2{,}78 N/kg}
\\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{33{,}36 N .8{,}6 N/kg}{2{,}78 N/kg} = 103{,}2N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 103{,}2N }\)
- \(\rightarrow F_{Nabil} = 1000 N ; F_{Robin} = 600 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{1000^2 + 600^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1166{,}2 N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{13{,}5 N}{5 N/m} = 2{,}7m
\\ \text{De veer rekt 2{,}7 m uit}\)
- \(F_Z = m . g = (20 kg) . (8{,}6 N/kg) = 172N
\\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 172N }\)