Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 5 N/m) ondervindt een veerkracht van 6 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  2. \(\)Een veer (k = 11 N/m) ondervindt een veerkracht van 27{,}5 N. Hoeveel cm rekt zij uit? \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Nada met een kracht van 300 N. Farah staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 15 kg op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg)? \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 13 N/m) ondervindt een veerkracht van 104 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  6. \(\)Een veer verlengt 280 cm en ondervindt een veerkracht van 33{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  7. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 19 kg op Neptunus (g = 11 N/kg)? \(\)
  8. \(\)Een veer (k = 13 N/m) ondervindt een veerkracht van 124{,}8 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 36 dm en ondervindt een veerkracht van 10{,}8 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 20 kg op Uranus (g = 7{,}77 N/kg)? \(\)
  11. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Bilal met een kracht van 400 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 20 kg op Mars (g = 3{,}72 N/kg)? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{6 N}{5 N/m} = 1{,}2m =12 dm \\ \text{De veer rekt 12 dm uit}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{27{,}5 N}{11 N/m} = 2{,}5m =250 cm \\ \text{De veer rekt 250 cm uit}\)
  3. \(\rightarrow F_{Nada} = 300 N ; F_{Farah} = 900 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 900 N = 1200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1200 N naar Farah toe}\)
  4. \(F_Z = m . g = (15 kg) . (2{,}78 N/kg) = 41{,}7N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 41{,}7N }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{104 N}{13 N/m} = 8m =80 dm \\ \text{De veer rekt 80 dm uit}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{33{,}6N}{2{,}8m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
  7. \(F_Z = m . g = (19 kg) . (11 N/kg) = 209N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 209N }\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{124{,}8 N}{13 N/m} = 9{,}6m \\ \text{De veer rekt 9{,}6 m uit}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{10{,}8N}{3{,}6m} = 3 N/m \\ \text{De veerconstante is 3 N/m}\)
  10. \(F_Z = m . g = (20 kg) . (7{,}77 N/kg) = 155{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Uranus is 155{,}4N }\)
  11. \(\rightarrow F_{Bilal} = 400 N ; F_{Inaya} = 600 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 600 N = 1000 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1000 N naar Inaya toe}\)
  12. \(F_Z = m . g = (20 kg) . (3{,}72 N/kg) = 74{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mars is 74{,}4N }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-23 10:59:49
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen