Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Zaid met een kracht van 300 N. Roukaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 16 kg op Aarde (g = 9{,}81 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Inaya met een kracht van 400 N. Nada trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Een veer (k = 7 N/m) verlengt 63 dm . Wat is de veerkracht? \(\)
  5. \(\)Op Neptunus (g = 11 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 77 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
  6. \(\)Een veer (k = 12 N/m) verlengt 7{,}7 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  7. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 48{,}36 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  8. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Nada met een kracht van 300 N. Farah trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Ilias met een kracht van 1000 N. Rojin staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 22{,}32 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  11. \(\)Een veer (k = 8 N/m) ondervindt een veerkracht van 76 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  12. \(\)Een veer (k = 4 N/m) ondervindt een veerkracht van 23{,}2 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\rightarrow F_{Zaid} = 300 N ; F_{Roukaya} = 500 N \rightarrow \\F_R = 300 N + 500 N = 800 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 800 N naar Roukaya toe}\)
  2. \(F_Z = m . g = (16 kg) . (9{,}81 N/kg) = 156{,}96N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Aarde is 156{,}96N }\)
  3. \(\rightarrow F_{Inaya} = 400 N ; F_{Nada} = 300 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 650 N (o.b.v. schets) }\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (7 N/m ) . (6{,}3 m) = 44{,}1N \\ \text{De veerkracht is 44{,}1N}\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{77 N}{11 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{77 N .2{,}78 N/kg}{11 N/kg} = 19{,}46N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 19{,}46N }\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (12 N/m ) . (7{,}7 m) = 92{,}4N \\ \text{De veerkracht is 92{,}4N}\)
  7. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{48{,}36 N}{3{,}72 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{48{,}36 N .1{,}62 N/kg}{3{,}72 N/kg} = 21{,}06N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 21{,}06N }\)
  8. \(\rightarrow F_{Nada} = 300 N ; F_{Farah} = 1000 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1230 N (o.b.v. schets) }\)
  9. \(\rightarrow F_{Ilias} = 1000 N ; F_{Rojin} = 600 N \rightarrow \\F_R = 1000 N + 600 N = 1600 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1600 N naar Rojin toe}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{22{,}32N}{3{,}72 N/kg} = 6 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 6 kg}\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{76 N}{8 N/m} = 9{,}5m =95 dm \\ \text{De veer rekt 95 dm uit}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{23{,}2 N}{4 N/m} = 5{,}8m =58 dm \\ \text{De veer rekt 58 dm uit}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-07 15:16:12
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen