Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer (k = 5 N/m) verlengt 30 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  2. \(\)Een veer (k = 10 N/m) verlengt 1 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  3. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 274{,}8 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op de maan (g = 1{,}62 N/kg). \(\)
  4. \(\)Een veer (k = 11 N/m) ondervindt een veerkracht van 74{,}8 N. Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 7 N/m) verlengt 8{,}9 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 45{,}25 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Een veer (k = 12 N/m) ondervindt een veerkracht van 8{,}4 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Een veer (k = 13 N/m) verlengt 6800 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 5 m en ondervindt een veerkracht van 25 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Roukaya met een kracht van 800 N. Rana trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  11. \(\)Een veer verlengt 9400 mm en ondervindt een veerkracht van 75{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 5800 mm en ondervindt een veerkracht van 40{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (5 N/m ) . (0{,}3 m) = 1{,}5N \\ \text{De veerkracht is 1{,}5N}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (10 N/m ) . (1 m) = 10N \\ \text{De veerkracht is 10N}\)
  3. \(m = \dfrac{F_Z}{1{,}62 N/kg} = \dfrac{274{,}8 N}{22{,}9 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{274{,}8 N .1{,}62 N/kg}{22{,}9 N/kg} = 19{,}44N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op de maan is 19{,}44N }\)
  4. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{74{,}8 N}{11 N/m} = 6{,}8m =6800 mm \\ \text{De veer rekt 6800 mm uit}\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (7 N/m ) . (8{,}9 m) = 62{,}3N \\ \text{De veerkracht is 62{,}3N}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{45{,}25N}{9{,}05 N/kg} = 5 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 5 kg}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{8{,}4 N}{12 N/m} = 0{,}7m =7 dm \\ \text{De veer rekt 7 dm uit}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (13 N/m ) . (6{,}8 m) = 88{,}4N \\ \text{De veerkracht is 88{,}4N}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{25N}{5m} = 5 N/m \\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
  10. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 800 N ; F_{Rana} = 300 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1030 N (o.b.v. schets) }\)
  11. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{75{,}2N}{9{,}4m} = 8 N/m \\ \text{De veerconstante is 8 N/m}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{40{,}6N}{5{,}8m} = 7 N/m \\ \text{De veerconstante is 7 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-22 08:39:06
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen