Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 6{,}48 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Inaya met een kracht van 900 N. Nada staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 139{,}86 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg). \(\)
  4. \(\)Op Mars (g = 3{,}72 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 29{,}76 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  5. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 116{,}55 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  6. \(\)Op de maan (g = 1{,}62 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 30{,}78 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  7. \(\)Een veer (k = 6 N/m) verlengt 910 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  8. \(\)Op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 5{,}56 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 34 dm en ondervindt een veerkracht van 17 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 116{,}55 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
  11. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 72{,}4 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Inaya met een kracht van 700 N. Nabil trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{6{,}48N}{1{,}62 N/kg} = 4 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 4 kg}\)
  2. \(\rightarrow F_{Inaya} = 900 N ; F_{Nada} = 400 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 400 N = 1300 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1300 N naar Nada toe}\)
  3. \(m = \dfrac{F_Z}{9{,}05 N/kg} = \dfrac{139{,}86 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{139{,}86 N .9{,}05 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 162{,}9N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 162{,}9N }\)
  4. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{29{,}76 N}{3{,}72 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{29{,}76 N .11 N/kg}{3{,}72 N/kg} = 88N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 88N }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{116{,}55N}{7{,}77 N/kg} = 15 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 15 kg}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{30{,}78 N}{1{,}62 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{30{,}78 N .11 N/kg}{1{,}62 N/kg} = 209N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 209N }\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (6 N/m ) . (9{,}1 m) = 54{,}6N \\ \text{De veerkracht is 54{,}6N}\)
  8. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{5{,}56N}{2{,}78 N/kg} = 2 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 2 kg}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{17N}{3{,}4m} = 5 N/m \\ \text{De veerconstante is 5 N/m}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{116{,}55 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{116{,}55 N .2{,}78 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 41{,}7N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 41{,}7N }\)
  11. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{72{,}4N}{9{,}05 N/kg} = 8 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 8 kg}\)
  12. \(\rightarrow F_{Inaya} = 700 N ; F_{Nabil} = 900 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1480 N (o.b.v. schets) }\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-16 03:38:24
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen