Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 81{,}45 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  2. \(\)Een veer (k = 5 N/m) verlengt 2{,}4 m . Wat is de veerkracht? \(\)
  3. \(\)Een veer (k = 8 N/m) ondervindt een veerkracht van 59{,}2 N. Hoeveel m rekt zij uit? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Rojin met een kracht van 400 N. Zaid trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 72{,}4 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  6. \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 9100 mm . Wat is de veerkracht? \(\)
  7. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Sofiane met een kracht van 900 N. Ilias staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 600 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Een veer verlengt 5100 mm en ondervindt een veerkracht van 20{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  9. \(\)Een veer verlengt 91 dm en ondervindt een veerkracht van 54{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  10. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 17{,}2 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Neptunus (g = 11 N/kg). \(\)
  11. \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 251{,}9 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Imane met een kracht van 900 N. Roukaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{81{,}45N}{9{,}05 N/kg} = 9 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 9 kg}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (5 N/m ) . (2{,}4 m) = 12N \\ \text{De veerkracht is 12N}\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{59{,}2 N}{8 N/m} = 7{,}4m \\ \text{De veer rekt 7{,}4 m uit}\)
  4. \(\rightarrow F_{Rojin} = 400 N ; F_{Zaid} = 800 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1120 N (o.b.v. schets) }\)
  5. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{72{,}4N}{9{,}05 N/kg} = 8 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 8 kg}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (9{,}1 m) = 81{,}9N \\ \text{De veerkracht is 81{,}9N}\)
  7. \(\rightarrow F_{Sofiane} = 900 N ; F_{Ilias} = 600 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 600 N = 1500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1500 N naar Ilias toe}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{20{,}4N}{5{,}1m} = 4 N/m \\ \text{De veerconstante is 4 N/m}\)
  9. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{54{,}6N}{9{,}1m} = 6 N/m \\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{11 N/kg} = \dfrac{17{,}2 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{17{,}2 N .11 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 22N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Neptunus is 22N }\)
  11. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{251{,}9N}{22{,}9 N/kg} = 11 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 11 kg}\)
  12. \(\rightarrow F_{Imane} = 900 N ; F_{Roukaya} = 800 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 800 N = 1700 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1700 N naar Roukaya toe}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-01-19 16:15:11
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen