Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
- \(\)Een veer (k = 4 N/m) ondervindt een veerkracht van 38{,}8 N.
Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer (k = 3 N/m) verlengt 9{,}6 m .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een veer (k = 7 N/m) ondervindt een veerkracht van 11{,}9 N.
Hoeveel mm rekt zij uit? \(\)
- \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 1100 mm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 160{,}3 N.
Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
- \(\)Een veer (k = 3 N/m) verlengt 380 cm .
Wat is de veerkracht? \(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Sofiane met een kracht van 900 N.
Inaya trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 500 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Bilal met een kracht van 600 N.
Nada trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 400 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Rana en Anissa trekken aan weerszijden van een winkelkar.
Rana trekt met een kracht van 1000 N, Anissa met een kracht van 800 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Zaid met een kracht van 400 N.
Dina trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 600 N.
Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
- \(\)Een veer verlengt 5100 mm
en ondervindt een veerkracht van 66{,}3 N.
Wat is de veerconstante? \(\)
- \(\)Een veer (k = 9 N/m) verlengt 4500 mm .
Wat is de veerkracht? \(\)
Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken
Verbetersleutel
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{38{,}8 N}{4 N/m} = 9{,}7m =97 dm
\\ \text{De veer rekt 97 dm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (3 N/m ) . (9{,}6 m) = 28{,}8N
\\ \text{De veerkracht is 28{,}8N}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{11{,}9 N}{7 N/m} = 1{,}7m =1700 mm
\\ \text{De veer rekt 1700 mm uit}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (1{,}1 m) = 9{,}9N
\\ \text{De veerkracht is 9{,}9N}\)
- \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{160{,}3N}{22{,}9 N/kg} = 7 kg
\\ \text{De massa van het voorwerp is 7 kg}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (3 N/m ) . (3{,}8 m) = 11{,}4N
\\ \text{De veerkracht is 11{,}4N}\)
- \(\rightarrow F_{Sofiane} = 900 N ; F_{Inaya} = 500 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{900^2 + 500^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1029{,}6 N }\)
- \(\rightarrow F_{Bilal} = 600 N ; F_{Nada} = 400 N \nearrow
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 930 N (o.b.v. schets) }\)
- \(\leftarrow F_{Rana} = 1000 N ; F_{Anissa} = 800 N \rightarrow
\\F_R = 800 N - 1000 N = -200 N
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 200 N naar Rana toe}\)
- \(\rightarrow F_{Zaid} = 400 N ; F_{Dina} = 600 N \uparrow
\\F_R = \sqrt{400^2 + 600^2} N \text{(Pythagoras)}
\\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 721{,}1 N }\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{66{,}3N}{5{,}1m}
= 13 N/m
\\ \text{De veerconstante is 13 N/m}\)
- \(F_V = k . \Delta l
\\ \Leftrightarrow F_V = (9 N/m ) . (4{,}5 m) = 40{,}5N
\\ \text{De veerkracht is 40{,}5N}\)