Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 69{,}93 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Venus (g = 8{,}6 N/kg). \(\)
  2. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 20 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  3. \(\)Een veer verlengt 200 mm en ondervindt een veerkracht van 0{,}8 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Anissa met een kracht van 700 N. Zaid trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Imane met een kracht van 900 N. Anissa staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 400 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  6. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 137{,}34 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  7. \(\)Rojin en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Rojin trekt met een kracht van 600 N, Ilias met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Een veer (k = 2 N/m) verlengt 250 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  9. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 9 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  10. \(\)Op Venus (g = 8{,}6 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 163{,}4 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg). \(\)
  11. \(\)Robin en Anissa trekken aan weerszijden van een winkelkar. Robin trekt met een kracht van 1000 N, Anissa met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 0{,}1 m en ondervindt een veerkracht van 1{,}2 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(m = \dfrac{F_Z}{8{,}6 N/kg} = \dfrac{69{,}93 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{69{,}93 N .8{,}6 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 77{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 77{,}4N }\)
  2. \(F_Z = m . g = (20 kg) . (9{,}05 N/kg) = 181N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 181N }\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{0{,}8N}{0{,}2m} = 4 N/m \\ \text{De veerconstante is 4 N/m}\)
  4. \(\rightarrow F_{Anissa} = 700 N ; F_{Zaid} = 900 N \uparrow \\F_R = \sqrt{700^2 + 900^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 1140{,}2 N }\)
  5. \(\rightarrow F_{Imane} = 900 N ; F_{Anissa} = 400 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 400 N = 1300 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1300 N naar Anissa toe}\)
  6. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{137{,}34N}{9{,}81 N/kg} = 14 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 14 kg}\)
  7. \(\leftarrow F_{Rojin} = 600 N ; F_{Ilias} = 500 N \rightarrow \\F_R = 500 N - 600 N = -100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Rojin toe}\)
  8. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (2 N/m ) . (2{,}5 m) = 5N \\ \text{De veerkracht is 5N}\)
  9. \(F_Z = m . g = (9 kg) . (8{,}6 N/kg) = 77{,}4N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 77{,}4N }\)
  10. \(m = \dfrac{F_Z}{22{,}9 N/kg} = \dfrac{163{,}4 N}{8{,}6 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{163{,}4 N .22{,}9 N/kg}{8{,}6 N/kg} = 435{,}1N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Jupiter is 435{,}1N }\)
  11. \(\leftarrow F_{Robin} = 1000 N ; F_{Anissa} = 500 N \rightarrow \\F_R = 500 N - 1000 N = -500 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 500 N naar Robin toe}\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{1{,}2N}{0{,}1m} = 12 N/m \\ \text{De veerconstante is 12 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-03-23 08:55:24
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen