Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Inaya en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Inaya trekt met een kracht van 800 N, Ilias met een kracht van 900 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  2. \(\)Een veer verlengt 91 dm en ondervindt een veerkracht van 36{,}4 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  3. \(\)Een veer verlengt 3{,}6 m en ondervindt een veerkracht van 21{,}6 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  4. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 900 N. Rojin trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  5. \(\)Een veer verlengt 71 dm en ondervindt een veerkracht van 78{,}1 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  6. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Farah met een kracht van 900 N. Inaya staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  7. \(\)Een veer (k = 11 N/m) ondervindt een veerkracht van 13{,}2 N. Hoeveel dm rekt zij uit? \(\)
  8. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 17 kg op Saturnus (g = 9{,}05 N/kg)? \(\)
  9. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Farah met een kracht van 600 N. Rana trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  10. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Rojin met een kracht van 600 N. Anissa trekt onder een hoek van 90° met een kracht van 500 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  11. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 7 kg op Venus (g = 8{,}6 N/kg)? \(\)
  12. \(\)Een winkelkar wordt geduwd door Roukaya met een kracht van 400 N. Imane staat aan de andere kant van de kar en trekt met een kracht van 800 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(\leftarrow F_{Inaya} = 800 N ; F_{Ilias} = 900 N \rightarrow \\F_R = 900 N - 800 N = 100 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 100 N naar Ilias toe}\)
  2. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{36{,}4N}{9{,}1m} = 4 N/m \\ \text{De veerconstante is 4 N/m}\)
  3. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{21{,}6N}{3{,}6m} = 6 N/m \\ \text{De veerconstante is 6 N/m}\)
  4. \(\rightarrow F_{Farah} = 900 N ; F_{Rojin} = 500 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1300 N (o.b.v. schets) }\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{78{,}1N}{7{,}1m} = 11 N/m \\ \text{De veerconstante is 11 N/m}\)
  6. \(\rightarrow F_{Farah} = 900 N ; F_{Inaya} = 500 N \rightarrow \\F_R = 900 N + 500 N = 1400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1400 N naar Inaya toe}\)
  7. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow \Delta l = \dfrac{13{,}2 N}{11 N/m} = 1{,}2m =12 dm \\ \text{De veer rekt 12 dm uit}\)
  8. \(F_Z = m . g = (17 kg) . (9{,}05 N/kg) = 153{,}85N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Saturnus is 153{,}85N }\)
  9. \(\rightarrow F_{Farah} = 600 N ; F_{Rana} = 1000 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 1490 N (o.b.v. schets) }\)
  10. \(\rightarrow F_{Rojin} = 600 N ; F_{Anissa} = 500 N \uparrow \\F_R = \sqrt{600^2 + 500^2} N \text{(Pythagoras)} \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van (afgerond) 781 N }\)
  11. \(F_Z = m . g = (7 kg) . (8{,}6 N/kg) = 60{,}2N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Venus is 60{,}2N }\)
  12. \(\rightarrow F_{Roukaya} = 400 N ; F_{Imane} = 800 N \rightarrow \\F_R = 400 N + 800 N = 1200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 1200 N naar Imane toe}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-04-14 18:07:07
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen