Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 140,4 km/h voor een duur van 0,695 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  2. \(\)Kaoutar legde een afstand van 92,475 km af aan een constante snelheid van 90 km/h . Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  3. \(\)Amal legde een afstand van 46,953 km af aan een constante snelheid van 47 m/s. Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  4. \(\)Amal legde een afstand van 17,55 km af aan een constante snelheid van 140,4 km/h . Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  5. \(\)Kaoutar legde een afstand van 18,873 km af aan een constante snelheid van 9 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  6. \(\)Noah legde een afstand van 35,802 km af in 0,585 h . Hoe snel reed Noah?\(\)
  7. \(\)Zoë legde een afstand van 34542 m af aan een constante snelheid van 38 m/s. Hoe lang deed Zoë hier over?\(\)
  8. \(\)Amal rijdt aan een constante snelheid van 140,4 km/h voor een duur van 1755 s. Hoe ver rijdt Amal?\(\)
  9. \(\)Noah rijdt aan een constante snelheid van 108 km/h voor een duur van 0,205 h . Hoe ver rijdt Noah?\(\)
  10. \(\)Sofiane legde een afstand van 51,597 km af in 2457 s. Hoe snel reed Sofiane?\(\)
  11. \(\)Kaoutar legde een afstand van 102,24 km af in 2556 s. Hoe snel reed Kaoutar?\(\)
  12. \(\)Kaoutar legde een afstand van 85,068 km af aan een constante snelheid van 34 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=140,4 km/h \\ t&=0,695 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 140,4 . 0,695 km \\ \Leftrightarrow s &= 97,578km\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\s&=92,475 km \\ v&=90 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{92,475}{90} h \\ \Leftrightarrow t &= 1,0275h\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\s&=46,953 km \\ v&=47 m/s \\ t&=? \\s &= 46,953 km \rightarrow s = 46953 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{46953}{47} s \\ \Leftrightarrow t &= 999s\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\s&=17,55 km \\ v&=140,4 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{17,55}{140,4} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,125h\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=18,873 km \\ v&=9 m/s \\ t&=? \\s &= 18,873 km \rightarrow s = 18873 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{18873}{9} s \\ \Leftrightarrow t &= 2097s\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\s&=35,802 km \\ t&=0,585 h \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{35,802}{0,585} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 61,2km/h\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\s&=34542 m \\ v&=38 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{34542}{38} s \\ \Leftrightarrow t &= 909s\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\v&=140,4 km/h \\ t&=1755 s \\ s&=? \\v &= 140,4 km/h \rightarrow v = 39 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 39 . 1755 m \\ \Leftrightarrow s &= 68445m\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\v&=108 km/h \\ t&=0,205 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 108 . 0,205 km \\ \Leftrightarrow s &= 22,14km\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\s&=51,597 km \\ t&=2457 s \\ v&=? \\s &= 51,597 km \rightarrow s = 51597 m \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{51597}{2457} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 21m/s\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=102,24 km \\ t&=2556 s \\ v&=? \\s &= 102,24 km \rightarrow s = 102240 m \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{102240}{2556} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 40m/s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\s&=85,068 km \\ v&=34 m/s \\ t&=? \\s &= 85,068 km \rightarrow s = 85068 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{85068}{34} s \\ \Leftrightarrow t &= 2502s\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-11-08 13:17:42
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen