Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Zoë rijdt aan een constante snelheid van 158,4 km/h voor een duur van 909 s. Hoe ver rijdt Zoë?\(\)
  2. \(\)Amal legde een afstand van 79200 m af aan een constante snelheid van 144 km/h . Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  3. \(\)Amal rijdt aan een constante snelheid van 50 m/s voor een duur van 1755 s. Hoe ver rijdt Amal?\(\)
  4. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 151,2 km/h voor een duur van 3150 s. Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  5. \(\)Ilias rijdt aan een constante snelheid van 41 m/s voor een duur van 0,475 h . Hoe ver rijdt Ilias?\(\)
  6. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 21,6 km/h voor een duur van 0,74 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  7. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 176,4 km/h voor een duur van 3231 s. Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  8. \(\)Kaoutar legde een afstand van 45936 m af aan een constante snelheid van 29 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  9. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 79,2 km/h voor een duur van 0,4175 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  10. \(\)Kaoutar legde een afstand van 87849 m af aan een constante snelheid van 154,8 km/h . Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  11. \(\)Zoë legde een afstand van 55,35 km af in 1107 s. Hoe snel reed Zoë?\(\)
  12. \(\)Wietse legde een afstand van 24120 m af aan een constante snelheid van 8 m/s. Hoe lang deed Wietse hier over?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=158,4 km/h \\ t&=909 s \\ s&=? \\v &= 158,4 km/h \rightarrow v = 44 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 44 . 909 m \\ \Leftrightarrow s &= 39996m\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\s&=79200 m \\ v&=144 km/h \\ t&=? \\s &= 79200 m \rightarrow s = 79,2 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{79,2}{144} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,55h\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\v&=50 m/s \\ t&=1755 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 50 . 1755 m \\ \Leftrightarrow s &= 87750m\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\v&=151,2 km/h \\ t&=3150 s \\ s&=? \\v &= 151,2 km/h \rightarrow v = 42 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 42 . 3150 m \\ \Leftrightarrow s &= 132300m\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\v&=41 m/s \\ t&=0,475 h \\ s&=? \\v &= 41 m/s \rightarrow v = 147,6 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 147,6 . 0,475 km \\ \Leftrightarrow s &= 70,11km\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\v&=21,6 km/h \\ t&=0,74 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 21,6 . 0,74 km \\ \Leftrightarrow s &= 15,984km\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\v&=176,4 km/h \\ t&=3231 s \\ s&=? \\v &= 176,4 km/h \rightarrow v = 49 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 49 . 3231 m \\ \Leftrightarrow s &= 158319m\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\s&=45936 m \\ v&=29 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{45936}{29} s \\ \Leftrightarrow t &= 1584s\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\v&=79,2 km/h \\ t&=0,4175 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 79,2 . 0,4175 km \\ \Leftrightarrow s &= 33,066km\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\s&=87849 m \\ v&=154,8 km/h \\ t&=? \\s &= 87849 m \rightarrow s = 87,849 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{87,849}{154,8} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,5675h\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=55,35 km \\ t&=1107 s \\ v&=? \\s &= 55,35 km \rightarrow s = 55350 m \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{55350}{1107} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 50m/s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\s&=24120 m \\ v&=8 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{24120}{8} s \\ \Leftrightarrow t &= 3015s\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-05-03 08:23:54
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen