Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Noah legde een afstand van 3,276 km af in 0,13 h . Hoe snel reed Noah?\(\)
  2. \(\)Noah rijdt aan een constante snelheid van 158,4 km/h voor een duur van 0,9375 h . Hoe ver rijdt Noah?\(\)
  3. \(\)Kaoutar legde een afstand van 45,036 km af aan een constante snelheid van 64,8 km/h . Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  4. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 104,4 km/h voor een duur van 0,3175 h . Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  5. \(\)Ilias legde een afstand van 50,76 km af aan een constante snelheid van 20 m/s. Hoe lang deed Ilias hier over?\(\)
  6. \(\)Noah legde een afstand van 112,608 km af aan een constante snelheid van 165,6 km/h . Hoe lang deed Noah hier over?\(\)
  7. \(\)Laura rijdt aan een constante snelheid van 111,6 km/h voor een duur van 2700 s. Hoe ver rijdt Laura?\(\)
  8. \(\)Wietse legde een afstand van 48654 m af aan een constante snelheid van 122,4 km/h . Hoe lang deed Wietse hier over?\(\)
  9. \(\)Noah rijdt aan een constante snelheid van 151,2 km/h voor een duur van 0,9525 h . Hoe ver rijdt Noah?\(\)
  10. \(\)Ilias legde een afstand van 19,809 km af aan een constante snelheid van 111,6 km/h . Hoe lang deed Ilias hier over?\(\)
  11. \(\)Amal legde een afstand van 3,24 km af aan een constante snelheid van 10 m/s. Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  12. \(\)Laura legde een afstand van 122,436 km af in 0,895 h . Hoe snel reed Laura?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\s&=3,276 km \\ t&=0,13 h \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{3,276}{0,13} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 25,2km/h\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\v&=158,4 km/h \\ t&=0,9375 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 158,4 . 0,9375 km \\ \Leftrightarrow s &= 148,5km\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\s&=45,036 km \\ v&=64,8 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{45,036}{64,8} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,695h\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\v&=104,4 km/h \\ t&=0,3175 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 104,4 . 0,3175 km \\ \Leftrightarrow s &= 33,147km\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=50,76 km \\ v&=20 m/s \\ t&=? \\s &= 50,76 km \rightarrow s = 50760 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{50760}{20} s \\ \Leftrightarrow t &= 2538s\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\s&=112,608 km \\ v&=165,6 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{112,608}{165,6} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,68h\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\v&=111,6 km/h \\ t&=2700 s \\ s&=? \\v &= 111,6 km/h \rightarrow v = 31 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 31 . 2700 m \\ \Leftrightarrow s &= 83700m\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\s&=48654 m \\ v&=122,4 km/h \\ t&=? \\s &= 48654 m \rightarrow s = 48,654 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{48,654}{122,4} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,3975h\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\v&=151,2 km/h \\ t&=0,9525 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 151,2 . 0,9525 km \\ \Leftrightarrow s &= 144,018km\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\s&=19,809 km \\ v&=111,6 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{19,809}{111,6} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,1775h\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=3,24 km \\ v&=10 m/s \\ t&=? \\s &= 3,24 km \rightarrow s = 3240 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{3240}{10} s \\ \Leftrightarrow t &= 324s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\s&=122,436 km \\ t&=0,895 h \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{122,436}{0,895} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 136,8km/h\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-29 01:37:14
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen