Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Amal rijdt aan een constante snelheid van 30 m/s voor een duur van 918 s. Hoe ver rijdt Amal?\(\)
  2. \(\)Amal legde een afstand van 94500 m af aan een constante snelheid van 100,8 km/h . Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  3. \(\)Laura legde een afstand van 74250 m af aan een constante snelheid van 79,2 km/h . Hoe lang deed Laura hier over?\(\)
  4. \(\)Wietse legde een afstand van 56,16 km af in 0,78 h . Hoe snel reed Wietse?\(\)
  5. \(\)Ilias legde een afstand van 34830 m af in 0,3225 h . Hoe snel reed Ilias?\(\)
  6. \(\)Wietse legde een afstand van 105084 m af in 3753 s. Hoe snel reed Wietse?\(\)
  7. \(\)Zoë legde een afstand van 32,4 km af aan een constante snelheid van 64,8 km/h . Hoe lang deed Zoë hier over?\(\)
  8. \(\)Laura rijdt aan een constante snelheid van 5 m/s voor een duur van 0,4925 h . Hoe ver rijdt Laura?\(\)
  9. \(\)Noah rijdt aan een constante snelheid van 41 m/s voor een duur van 2637 s. Hoe ver rijdt Noah?\(\)
  10. \(\)Kaoutar legde een afstand van 32445 m af in 0,2575 h . Hoe snel reed Kaoutar?\(\)
  11. \(\)Noah legde een afstand van 1899 m af in 1899 s. Hoe snel reed Noah?\(\)
  12. \(\)Zoë rijdt aan een constante snelheid van 48 m/s voor een duur van 135 s. Hoe ver rijdt Zoë?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=30 m/s \\ t&=918 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 30 . 918 m \\ \Leftrightarrow s &= 27540m\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\s&=94500 m \\ v&=100,8 km/h \\ t&=? \\s &= 94500 m \rightarrow s = 94,5 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{94,5}{100,8} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,9375h\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\s&=74250 m \\ v&=79,2 km/h \\ t&=? \\s &= 74250 m \rightarrow s = 74,25 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{74,25}{79,2} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,9375h\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\s&=56,16 km \\ t&=0,78 h \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{56,16}{0,78} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 72km/h\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=34830 m \\ t&=0,3225 h \\ v&=? \\s &= 34830 m \rightarrow s = 34,83 km \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{34,83}{0,3225} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 108km/h\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\s&=105084 m \\ t&=3753 s \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{105084}{3753} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 28m/s\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\s&=32,4 km \\ v&=64,8 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{32,4}{64,8} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,5h\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\v&=5 m/s \\ t&=0,4925 h \\ s&=? \\v &= 5 m/s \rightarrow v = 18 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 18 . 0,4925 km \\ \Leftrightarrow s &= 8,865km\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\v&=41 m/s \\ t&=2637 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 41 . 2637 m \\ \Leftrightarrow s &= 108117m\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\s&=32445 m \\ t&=0,2575 h \\ v&=? \\s &= 32445 m \rightarrow s = 32,445 km \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{32,445}{0,2575} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 126km/h\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=1899 m \\ t&=1899 s \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{1899}{1899} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 1m/s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\v&=48 m/s \\ t&=135 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 48 . 135 m \\ \Leftrightarrow s &= 6480m\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-08-30 11:12:11
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen