Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Sofiane rijdt aan een constante snelheid van 32 m/s voor een duur van 1665 s. Hoe ver rijdt Sofiane?\(\)
  2. \(\)Laura legde een afstand van 50,112 km af aan een constante snelheid van 29 m/s. Hoe lang deed Laura hier over?\(\)
  3. \(\)Amal legde een afstand van 18360 m af aan een constante snelheid van 144 km/h . Hoe lang deed Amal hier over?\(\)
  4. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 8 m/s voor een duur van 0,9025 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  5. \(\)Zoë legde een afstand van 41,499 km af in 0,3975 h . Hoe snel reed Zoë?\(\)
  6. \(\)Sofiane legde een afstand van 54,963 km af aan een constante snelheid van 111,6 km/h . Hoe lang deed Sofiane hier over?\(\)
  7. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 108 km/h voor een duur van 1656 s. Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  8. \(\)Sofiane rijdt aan een constante snelheid van 3,6 km/h voor een duur van 2961 s. Hoe ver rijdt Sofiane?\(\)
  9. \(\)Noah legde een afstand van 7,236 km af aan een constante snelheid van 7,2 km/h . Hoe lang deed Noah hier over?\(\)
  10. \(\)Kaoutar legde een afstand van 23,166 km af aan een constante snelheid van 22 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  11. \(\)Amal legde een afstand van 154026 m af in 3582 s. Hoe snel reed Amal?\(\)
  12. \(\)Zoë rijdt aan een constante snelheid van 3 m/s voor een duur van 0,105 h . Hoe ver rijdt Zoë?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=32 m/s \\ t&=1665 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 32 . 1665 m \\ \Leftrightarrow s &= 53280m\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\s&=50,112 km \\ v&=29 m/s \\ t&=? \\s &= 50,112 km \rightarrow s = 50112 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{50112}{29} s \\ \Leftrightarrow t &= 1728s\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\s&=18360 m \\ v&=144 km/h \\ t&=? \\s &= 18360 m \rightarrow s = 18,36 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{18,36}{144} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,1275h\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\v&=8 m/s \\ t&=0,9025 h \\ s&=? \\v &= 8 m/s \rightarrow v = 28,8 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 28,8 . 0,9025 km \\ \Leftrightarrow s &= 25,992km\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=41,499 km \\ t&=0,3975 h \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{41,499}{0,3975} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 104,4km/h\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\s&=54,963 km \\ v&=111,6 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{54,963}{111,6} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,4925h\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\v&=108 km/h \\ t&=1656 s \\ s&=? \\v &= 108 km/h \rightarrow v = 30 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 30 . 1656 m \\ \Leftrightarrow s &= 49680m\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\v&=3,6 km/h \\ t&=2961 s \\ s&=? \\v &= 3,6 km/h \rightarrow v = 1 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 1 . 2961 m \\ \Leftrightarrow s &= 2961m\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\s&=7,236 km \\ v&=7,2 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{7,236}{7,2} h \\ \Leftrightarrow t &= 1,005h\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\s&=23,166 km \\ v&=22 m/s \\ t&=? \\s &= 23,166 km \rightarrow s = 23166 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{23166}{22} s \\ \Leftrightarrow t &= 1053s\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=154026 m \\ t&=3582 s \\ v&=? \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{154026}{3582} m/s \\ \Leftrightarrow v &= 43m/s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\v&=3 m/s \\ t&=0,105 h \\ s&=? \\v &= 3 m/s \rightarrow v = 10,8 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 10,8 . 0,105 km \\ \Leftrightarrow s &= 1,134km\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-11-06 18:44:28
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen