Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Amal rijdt aan een constante snelheid van 36 km/h voor een duur van 2934 s. Hoe ver rijdt Amal?\(\)
  2. \(\)Laura rijdt aan een constante snelheid van 118,8 km/h voor een duur van 0,315 h . Hoe ver rijdt Laura?\(\)
  3. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 25,2 km/h voor een duur van 0,21 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  4. \(\)Kaoutar legde een afstand van 2,052 km af aan een constante snelheid van 6 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  5. \(\)Laura legde een afstand van 14283 m af aan een constante snelheid van 23 m/s. Hoe lang deed Laura hier over?\(\)
  6. \(\)Zoë rijdt aan een constante snelheid van 33 m/s voor een duur van 3051 s. Hoe ver rijdt Zoë?\(\)
  7. \(\)Kaoutar rijdt aan een constante snelheid van 165,6 km/h voor een duur van 0,6875 h . Hoe ver rijdt Kaoutar?\(\)
  8. \(\)Noah legde een afstand van 26,496 km af aan een constante snelheid van 115,2 km/h . Hoe lang deed Noah hier over?\(\)
  9. \(\)Noah rijdt aan een constante snelheid van 18 km/h voor een duur van 3276 s. Hoe ver rijdt Noah?\(\)
  10. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 133,2 km/h voor een duur van 0,095 h . Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  11. \(\)Laura legde een afstand van 82,404 km af aan een constante snelheid van 42 m/s. Hoe lang deed Laura hier over?\(\)
  12. \(\)Laura legde een afstand van 1215 m af aan een constante snelheid van 1 m/s. Hoe lang deed Laura hier over?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=36 km/h \\ t&=2934 s \\ s&=? \\v &= 36 km/h \rightarrow v = 10 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 10 . 2934 m \\ \Leftrightarrow s &= 29340m\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\v&=118,8 km/h \\ t&=0,315 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 118,8 . 0,315 km \\ \Leftrightarrow s &= 37,422km\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\v&=25,2 km/h \\ t&=0,21 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 25,2 . 0,21 km \\ \Leftrightarrow s &= 5,292km\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\s&=2,052 km \\ v&=6 m/s \\ t&=? \\s &= 2,052 km \rightarrow s = 2052 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{2052}{6} s \\ \Leftrightarrow t &= 342s\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=14283 m \\ v&=23 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{14283}{23} s \\ \Leftrightarrow t &= 621s\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\v&=33 m/s \\ t&=3051 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 33 . 3051 m \\ \Leftrightarrow s &= 100683m\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\v&=165,6 km/h \\ t&=0,6875 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 165,6 . 0,6875 km \\ \Leftrightarrow s &= 113,85km\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\s&=26,496 km \\ v&=115,2 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{26,496}{115,2} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,23h\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\v&=18 km/h \\ t&=3276 s \\ s&=? \\v &= 18 km/h \rightarrow v = 5 m/s \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 5 . 3276 m \\ \Leftrightarrow s &= 16380m\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\v&=133,2 km/h \\ t&=0,095 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 133,2 . 0,095 km \\ \Leftrightarrow s &= 12,654km\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=82,404 km \\ v&=42 m/s \\ t&=? \\s &= 82,404 km \rightarrow s = 82404 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{82404}{42} s \\ \Leftrightarrow t &= 1962s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\s&=1215 m \\ v&=1 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{1215}{1} s \\ \Leftrightarrow t &= 1215s\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-10-30 15:51:13
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen