Snelheid

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

  1. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 28 m/s voor een duur van 0,135 h . Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  2. \(\)Wietse rijdt aan een constante snelheid van 14 m/s voor een duur van 1170 s. Hoe ver rijdt Wietse?\(\)
  3. \(\)Laura legde een afstand van 93852 m af aan een constante snelheid van 44 m/s. Hoe lang deed Laura hier over?\(\)
  4. \(\)Ilias rijdt aan een constante snelheid van 72 km/h voor een duur van 0,485 h . Hoe ver rijdt Ilias?\(\)
  5. \(\)Ilias legde een afstand van 81,252 km af aan een constante snelheid van 133,2 km/h . Hoe lang deed Ilias hier over?\(\)
  6. \(\)Sofiane rijdt aan een constante snelheid van 44 m/s voor een duur van 0,055 h . Hoe ver rijdt Sofiane?\(\)
  7. \(\)Kaoutar legde een afstand van 51,354 km af aan een constante snelheid van 18 m/s. Hoe lang deed Kaoutar hier over?\(\)
  8. \(\)Laura rijdt aan een constante snelheid van 18 m/s voor een duur van 0,6 h . Hoe ver rijdt Laura?\(\)
  9. \(\)Sofiane legde een afstand van 49590 m af aan een constante snelheid van 68,4 km/h . Hoe lang deed Sofiane hier over?\(\)
  10. \(\)Amal rijdt aan een constante snelheid van 9 m/s voor een duur van 3366 s. Hoe ver rijdt Amal?\(\)
  11. \(\)Zoë legde een afstand van 92,7 km af aan een constante snelheid van 25 m/s. Hoe lang deed Zoë hier over?\(\)
  12. \(\)Noah legde een afstand van 94248 m af in 0,595 h . Hoe snel reed Noah?\(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal

Verbetersleutel

  1. \(\begin{align}----&---- \\v&=28 m/s \\ t&=0,135 h \\ s&=? \\v &= 28 m/s \rightarrow v = 100,8 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 100,8 . 0,135 km \\ \Leftrightarrow s &= 13,608km\end{align}\)
  2. \(\begin{align}----&---- \\v&=14 m/s \\ t&=1170 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 14 . 1170 m \\ \Leftrightarrow s &= 16380m\end{align}\)
  3. \(\begin{align}----&---- \\s&=93852 m \\ v&=44 m/s \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{93852}{44} s \\ \Leftrightarrow t &= 2133s\end{align}\)
  4. \(\begin{align}----&---- \\v&=72 km/h \\ t&=0,485 h \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 72 . 0,485 km \\ \Leftrightarrow s &= 34,92km\end{align}\)
  5. \(\begin{align}----&---- \\s&=81,252 km \\ v&=133,2 km/h \\ t&=? \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{81,252}{133,2} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,61h\end{align}\)
  6. \(\begin{align}----&---- \\v&=44 m/s \\ t&=0,055 h \\ s&=? \\v &= 44 m/s \rightarrow v = 158,4 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 158,4 . 0,055 km \\ \Leftrightarrow s &= 8,712km\end{align}\)
  7. \(\begin{align}----&---- \\s&=51,354 km \\ v&=18 m/s \\ t&=? \\s &= 51,354 km \rightarrow s = 51354 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{51354}{18} s \\ \Leftrightarrow t &= 2853s\end{align}\)
  8. \(\begin{align}----&---- \\v&=18 m/s \\ t&=0,6 h \\ s&=? \\v &= 18 m/s \rightarrow v = 64,8 km/h \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 64,8 . 0,6 km \\ \Leftrightarrow s &= 38,88km\end{align}\)
  9. \(\begin{align}----&---- \\s&=49590 m \\ v&=68,4 km/h \\ t&=? \\s &= 49590 m \rightarrow s = 49,59 km \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{49,59}{68,4} h \\ \Leftrightarrow t &= 0,725h\end{align}\)
  10. \(\begin{align}----&---- \\v&=9 m/s \\ t&=3366 s \\ s&=? \\s &= v . t \\ \Leftrightarrow s &= 9 . 3366 m \\ \Leftrightarrow s &= 30294m\end{align}\)
  11. \(\begin{align}----&---- \\s&=92,7 km \\ v&=25 m/s \\ t&=? \\s &= 92,7 km \rightarrow s = 92700 m \\t &= \frac{s}{v} \\ \Leftrightarrow t &= \frac{92700}{25} s \\ \Leftrightarrow t &= 3708s\end{align}\)
  12. \(\begin{align}----&---- \\s&=94248 m \\ t&=0,595 h \\ v&=? \\s &= 94248 m \rightarrow s = 94,248 km \\v &= \frac{s}{t} \\ \Leftrightarrow v &= \frac{94,248}{0,595} km/h \\ \Leftrightarrow v &= 158,4km/h\end{align}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-02-03 16:40:41
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen