Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 22 meter in de grond. }\\\text{Een achtste van de pijler staat in het water.} \\\text{ 6 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 1 meter in de grond. }\\\text{Een vierde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 5 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
- \(\text{ Mohamed vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vijfde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een zesde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 76 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Nada vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een derde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 15 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Warinda vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een zesde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 28 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Tibo vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 15 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Ayman vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vijfde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 14 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 3 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 12 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 25 meter in de grond. }\\\text{Een achtste van de pijler staat in het water.} \\\text{ 3 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
- \(\text{ Lina vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 25 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 1 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 9 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 5 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 5 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 22 meter in de grond. }\\\text{Een achtste van de pijler staat in het water.} \\\text{ 6 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 22 + \frac{ 1}{ 8}.x + 6 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 8}.x + 28 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 8}.x - x = -28 \\
\Leftrightarrow \frac{-7}{ 8}.x = -28 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 8}{-7}\left(-28\right) = 32 \\
\text{De lengte van de pijler is 32 m}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 1 meter in de grond. }\\\text{Een vierde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 5 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 1 + \frac{ 1}{ 4}.x + 5 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 4}.x + 6 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 4}.x - x = -6 \\
\Leftrightarrow \frac{-3}{ 4}.x = -6 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 4}{-3}\left(-6\right) = 8 \\
\text{De lengte van de pijler is 8 m}\)
- \(\text{ Mohamed vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vijfde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een zesde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 76 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 5}.x + \frac{1}{ 6}.x + 76 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 5}.x + \frac{1}{ 6}.x - x = -76 \\
\Leftrightarrow \frac{ 6 + 5 - 30}{ 30} . x = -76 \\
\Leftrightarrow \frac{-19}{30} . x = -76 \\
\Leftrightarrow x = -76.\left( \frac{30}{-19} \right) = 120 \\
\text{De enquête bevatte 120 vragen}
\)
- \(\text{ Nada vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een derde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 15 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 4}.x + \frac{1}{ 3}.x + 15 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 4}.x + \frac{1}{ 3}.x - x = -15 \\
\Leftrightarrow \frac{ 3 + 4 - 12}{ 12} . x = -15 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{12} . x = -15 \\
\Leftrightarrow x = -15.\left( \frac{12}{-5} \right) = 36 \\
\text{De enquête bevatte 36 vragen}
\)
- \(\text{ Warinda vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een zesde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 28 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 4}.x + \frac{1}{ 6}.x + 28 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 4}.x + \frac{1}{ 6}.x - x = -28 \\
\Leftrightarrow \frac{ 6 + 4 - 24}{ 24} . x = -28 \\
\Leftrightarrow \frac{-14}{24} . x = -28 \\
\Leftrightarrow x = -28.\left( \frac{24}{-14} \right) = 48 \\
\text{De enquête bevatte 48 vragen}
\)
- \(\text{ Tibo vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 15 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 4}.x + 15 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 4}.x - x = -15 \\
\Leftrightarrow \frac{ 4 + 3 - 12}{ 12} . x = -15 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{12} . x = -15 \\
\Leftrightarrow x = -15.\left( \frac{12}{-5} \right) = 36 \\
\text{De enquête bevatte 36 vragen}
\)
- \(\text{ Ayman vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vijfde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 14 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 5}.x + 14 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 5}.x - x = -14 \\
\Leftrightarrow \frac{ 5 + 3 - 15}{ 15} . x = -14 \\
\Leftrightarrow \frac{-7}{15} . x = -14 \\
\Leftrightarrow x = -14.\left( \frac{15}{-7} \right) = 30 \\
\text{De enquête bevatte 30 vragen}
\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 3 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 12 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 3 + \frac{ 1}{ 6}.x + 12 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x + 15 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x - x = -15 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{ 6}.x = -15 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 6}{-5}\left(-15\right) = 18 \\
\text{De lengte van de pijler is 18 m}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 25 meter in de grond. }\\\text{Een achtste van de pijler staat in het water.} \\\text{ 3 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 25 + \frac{ 1}{ 8}.x + 3 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 8}.x + 28 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 8}.x - x = -28 \\
\Leftrightarrow \frac{-7}{ 8}.x = -28 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 8}{-7}\left(-28\right) = 32 \\
\text{De lengte van de pijler is 32 m}\)
- \(\text{ Lina vult een enquête in. }\\
\text{De eerste dag vult ze een derde in.} \\
\text{De tweede dag vult ze een vierde in.} \\
\text{De derde (en laatste) dag vult ze de resterende 25 vragen in.}\\
\text{Hoeveel vragen bevatte de enquête in het totaal?}\\\text{x is het totaal aantal vragen van de enquête} \\
\color{red}{\frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 4}.x + 25 = x} \\
\Leftrightarrow \frac{1}{ 3}.x + \frac{1}{ 4}.x - x = -25 \\
\Leftrightarrow \frac{ 4 + 3 - 12}{ 12} . x = -25 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{12} . x = -25 \\
\Leftrightarrow x = -25.\left( \frac{12}{-5} \right) = 60 \\
\text{De enquête bevatte 60 vragen}
\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 1 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 9 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 1 + \frac{ 1}{ 6}.x + 9 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x + 10 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x - x = -10 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{ 6}.x = -10 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 6}{-5}\left(-10\right) = 12 \\
\text{De lengte van de pijler is 12 m}\)
- \(\text{ Een pijler van een brug zit 5 meter in de grond. }\\\text{Een zesde van de pijler staat in het water.} \\\text{ 5 meter steekt boven het water uit.}\\
\text{ Wat is de lengte van de pijler?}\\\text{x is de lengte van de pijler} \\
\color{red}{ 5 + \frac{ 1}{ 6}.x + 5 = x }\\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x + 10 = x \\
\Leftrightarrow \frac{ 1}{ 6}.x - x = -10 \\
\Leftrightarrow \frac{-5}{ 6}.x = -10 \\
\Leftrightarrow x = \frac{ 6}{-5}\left(-10\right) = 12 \\
\text{De lengte van de pijler is 12 m}\)