Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 16 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 10 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 12 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 10 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 15 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 4 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 14 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 12 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1520 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 33 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 53855 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1303 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 38113 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 10 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 13 gasten zitten, dan zijn er 70 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1495 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 26 euro en 32 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 43502 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1482 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 34 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 54003 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 6 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 11 gasten zitten, dan zijn er 94 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 5 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 9 gasten zitten, dan zijn er 128 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 7 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 119 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 12 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 17 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 12 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 16 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 9.x+4 = 10.x -16 } \\
\Leftrightarrow 9.x - 10.x = -16 - 4\\
\Leftrightarrow -x = -20\\
\Leftrightarrow x = 20 \\
\text{Er staan 20 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 10 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 12 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 10 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1198 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 15 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 4 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 14 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 12 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1174 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1520 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 33 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 53855 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 33 euro }\\
\text{ 1520 - x is het aantal kaarten van 38 euro }\\
\color{red}{ 33.x+38.(1520 - x)=53855 }\\
\Leftrightarrow 33.x+38.1520-38.x=53855 \\
\Leftrightarrow -5.x+57760=53855 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3905 \\
\Leftrightarrow x=-3905.\frac{1}{-5} = 781 \\
\text{Er zijn 781 kaarten van 33 euro en 739 kaarten van 38 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1303 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 38113 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 27 euro }\\
\text{ 1303 - x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\color{red}{ 27.x+31.(1303 - x)=38113 }\\
\Leftrightarrow 27.x+31.1303-31.x=38113 \\
\Leftrightarrow -4.x+40393=38113 \\
\Leftrightarrow -4.x=-2280 \\
\Leftrightarrow x=-2280.\frac{1}{-4} = 570 \\
\text{Er zijn 570 kaarten van 27 euro en 733 kaarten van 31 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 10 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 13 gasten zitten, dan zijn er 70 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 11.x+10 = 13.x -70 } \\
\Leftrightarrow 11.x - 13.x = -70 - 10\\
\Leftrightarrow -2x = -80\\
\Leftrightarrow x = 40 \\
\text{Er staan 40 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1495 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 26 euro en 32 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 43502 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 26 euro }\\
\text{ 1495 - x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\color{red}{ 26.x+32.(1495 - x)=43502 }\\
\Leftrightarrow 26.x+32.1495-32.x=43502 \\
\Leftrightarrow -6.x+47840=43502 \\
\Leftrightarrow -6.x=-4338 \\
\Leftrightarrow x=-4338.\frac{1}{-6} = 723 \\
\text{Er zijn 723 kaarten van 26 euro en 772 kaarten van 32 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1482 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 34 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 54003 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 34 euro }\\
\text{ 1482 - x is het aantal kaarten van 39 euro }\\
\color{red}{ 34.x+39.(1482 - x)=54003 }\\
\Leftrightarrow 34.x+39.1482-39.x=54003 \\
\Leftrightarrow -5.x+57798=54003 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3795 \\
\Leftrightarrow x=-3795.\frac{1}{-5} = 759 \\
\text{Er zijn 759 kaarten van 34 euro en 723 kaarten van 39 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 6 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 11 gasten zitten, dan zijn er 94 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 9.x+6 = 11.x -94 } \\
\Leftrightarrow 9.x - 11.x = -94 - 6\\
\Leftrightarrow -2x = -100\\
\Leftrightarrow x = 50 \\
\text{Er staan 50 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 5 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 9 gasten zitten, dan zijn er 128 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 5.x+4 = 9.x -128 } \\
\Leftrightarrow 5.x - 9.x = -128 - 4\\
\Leftrightarrow -4x = -132\\
\Leftrightarrow x = 33 \\
\text{Er staan 33 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 7 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 119 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 7.x+4 = 10.x -119 } \\
\Leftrightarrow 7.x - 10.x = -119 - 4\\
\Leftrightarrow -3x = -123\\
\Leftrightarrow x = 41 \\
\text{Er staan 41 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 12 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 17 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 12 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1848 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)