Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 8 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 195 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1034 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 25 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 28928 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 9 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 32 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 10 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 50 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 10 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 67 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1460 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 48390 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 5 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 1 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 14 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1380 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 31 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 45910 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 15 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 1 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 8 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1445 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 32 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42255 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1394 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 34 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 51166 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1384 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 33 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42662 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 8 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 195 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 8.x+5 = 12.x -195 } \\
\Leftrightarrow 8.x - 12.x = -195 - 5\\
\Leftrightarrow -4x = -200\\
\Leftrightarrow x = 50 \\
\text{Er staan 50 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1034 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 25 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 28928 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 25 euro }\\
\text{ 1034 - x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\color{red}{ 25.x+31.(1034 - x)=28928 }\\
\Leftrightarrow 25.x+31.1034-31.x=28928 \\
\Leftrightarrow -6.x+32054=28928 \\
\Leftrightarrow -6.x=-3126 \\
\Leftrightarrow x=-3126.\frac{1}{-6} = 521 \\
\text{Er zijn 521 kaarten van 25 euro en 513 kaarten van 31 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 9 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 32 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 11.x+9 = 12.x -32 } \\
\Leftrightarrow 11.x - 12.x = -32 - 9\\
\Leftrightarrow -x = -41\\
\Leftrightarrow x = 41 \\
\text{Er staan 41 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 10 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 50 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 10.x+4 = 12.x -50 } \\
\Leftrightarrow 10.x - 12.x = -50 - 4\\
\Leftrightarrow -2x = -54\\
\Leftrightarrow x = 27 \\
\text{Er staan 27 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 10 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 12 gasten zitten, dan zijn er 67 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 10.x+5 = 12.x -67 } \\
\Leftrightarrow 10.x - 12.x = -67 - 5\\
\Leftrightarrow -2x = -72\\
\Leftrightarrow x = 36 \\
\text{Er staan 36 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1460 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 48390 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 28 euro }\\
\text{ 1460 - x is het aantal kaarten van 38 euro }\\
\color{red}{ 28.x+38.(1460 - x)=48390 }\\
\Leftrightarrow 28.x+38.1460-38.x=48390 \\
\Leftrightarrow -10.x+55480=48390 \\
\Leftrightarrow -10.x=-7090 \\
\Leftrightarrow x=-7090.\frac{1}{-10} = 709 \\
\text{Er zijn 709 kaarten van 28 euro en 751 kaarten van 38 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 5 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 1 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 14 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 421 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1380 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 31 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 45910 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\text{ 1380 - x is het aantal kaarten van 36 euro }\\
\color{red}{ 31.x+36.(1380 - x)=45910 }\\
\Leftrightarrow 31.x+36.1380-36.x=45910 \\
\Leftrightarrow -5.x+49680=45910 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3770 \\
\Leftrightarrow x=-3770.\frac{1}{-5} = 754 \\
\text{Er zijn 754 kaarten van 31 euro en 626 kaarten van 36 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 15 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 1 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 8 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 481 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1445 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 32 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42255 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 27 euro }\\
\text{ 1445 - x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\color{red}{ 27.x+32.(1445 - x)=42255 }\\
\Leftrightarrow 27.x+32.1445-32.x=42255 \\
\Leftrightarrow -5.x+46240=42255 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3985 \\
\Leftrightarrow x=-3985.\frac{1}{-5} = 797 \\
\text{Er zijn 797 kaarten van 27 euro en 648 kaarten van 32 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1394 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 34 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 51166 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 34 euro }\\
\text{ 1394 - x is het aantal kaarten van 39 euro }\\
\color{red}{ 34.x+39.(1394 - x)=51166 }\\
\Leftrightarrow 34.x+39.1394-39.x=51166 \\
\Leftrightarrow -5.x+54366=51166 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3200 \\
\Leftrightarrow x=-3200.\frac{1}{-5} = 640 \\
\text{Er zijn 640 kaarten van 34 euro en 754 kaarten van 39 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1384 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 33 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42662 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 28 euro }\\
\text{ 1384 - x is het aantal kaarten van 33 euro }\\
\color{red}{ 28.x+33.(1384 - x)=42662 }\\
\Leftrightarrow 28.x+33.1384-33.x=42662 \\
\Leftrightarrow -5.x+45672=42662 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3010 \\
\Leftrightarrow x=-3010.\frac{1}{-5} = 602 \\
\text{Er zijn 602 kaarten van 28 euro en 782 kaarten van 33 euro.}
\)