Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1261 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 40 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 45808 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1253 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 30 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42494 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 19 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 6 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 8 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 16 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 12 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 19 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 18 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1421 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 22 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 38219 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1110 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 21 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 28600 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 13 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 9 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 9 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1452 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 38 euro en 46 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 60872 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1241 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 39 euro en 43 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 50575 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1263 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 33 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 37113 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1457 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 35 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 53056 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 13 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 13 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 10 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1261 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 40 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 45808 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\text{ 1261 - x is het aantal kaarten van 40 euro }\\
\color{red}{ 32.x+40.(1261 - x)=45808 }\\
\Leftrightarrow 32.x+40.1261-40.x=45808 \\
\Leftrightarrow -8.x+50440=45808 \\
\Leftrightarrow -8.x=-4632 \\
\Leftrightarrow x=-4632.\frac{1}{-8} = 579 \\
\text{Er zijn 579 kaarten van 32 euro en 682 kaarten van 40 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1253 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 30 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42494 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 30 euro }\\
\text{ 1253 - x is het aantal kaarten van 38 euro }\\
\color{red}{ 30.x+38.(1253 - x)=42494 }\\
\Leftrightarrow 30.x+38.1253-38.x=42494 \\
\Leftrightarrow -8.x+47614=42494 \\
\Leftrightarrow -8.x=-5120 \\
\Leftrightarrow x=-5120.\frac{1}{-8} = 640 \\
\text{Er zijn 640 kaarten van 30 euro en 613 kaarten van 38 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 19 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 6 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 8 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1165 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 16 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 12 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 19 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 18 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1804 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1421 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 22 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 38219 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 22 euro }\\
\text{ 1421 - x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\color{red}{ 22.x+31.(1421 - x)=38219 }\\
\Leftrightarrow 22.x+31.1421-31.x=38219 \\
\Leftrightarrow -9.x+44051=38219 \\
\Leftrightarrow -9.x=-5832 \\
\Leftrightarrow x=-5832.\frac{1}{-9} = 648 \\
\text{Er zijn 648 kaarten van 22 euro en 773 kaarten van 31 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1110 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 21 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 28600 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 21 euro }\\
\text{ 1110 - x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\color{red}{ 21.x+31.(1110 - x)=28600 }\\
\Leftrightarrow 21.x+31.1110-31.x=28600 \\
\Leftrightarrow -10.x+34410=28600 \\
\Leftrightarrow -10.x=-5810 \\
\Leftrightarrow x=-5810.\frac{1}{-10} = 581 \\
\text{Er zijn 581 kaarten van 21 euro en 529 kaarten van 31 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 13 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 9 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 9 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 581 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1452 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 38 euro en 46 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 60872 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 38 euro }\\
\text{ 1452 - x is het aantal kaarten van 46 euro }\\
\color{red}{ 38.x+46.(1452 - x)=60872 }\\
\Leftrightarrow 38.x+46.1452-46.x=60872 \\
\Leftrightarrow -8.x+66792=60872 \\
\Leftrightarrow -8.x=-5920 \\
\Leftrightarrow x=-5920.\frac{1}{-8} = 740 \\
\text{Er zijn 740 kaarten van 38 euro en 712 kaarten van 46 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1241 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 39 euro en 43 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 50575 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 39 euro }\\
\text{ 1241 - x is het aantal kaarten van 43 euro }\\
\color{red}{ 39.x+43.(1241 - x)=50575 }\\
\Leftrightarrow 39.x+43.1241-43.x=50575 \\
\Leftrightarrow -4.x+53363=50575 \\
\Leftrightarrow -4.x=-2788 \\
\Leftrightarrow x=-2788.\frac{1}{-4} = 697 \\
\text{Er zijn 697 kaarten van 39 euro en 544 kaarten van 43 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1263 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 27 euro en 33 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 37113 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 27 euro }\\
\text{ 1263 - x is het aantal kaarten van 33 euro }\\
\color{red}{ 27.x+33.(1263 - x)=37113 }\\
\Leftrightarrow 27.x+33.1263-33.x=37113 \\
\Leftrightarrow -6.x+41679=37113 \\
\Leftrightarrow -6.x=-4566 \\
\Leftrightarrow x=-4566.\frac{1}{-6} = 761 \\
\text{Er zijn 761 kaarten van 27 euro en 502 kaarten van 33 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1457 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 35 euro en 38 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 53056 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 35 euro }\\
\text{ 1457 - x is het aantal kaarten van 38 euro }\\
\color{red}{ 35.x+38.(1457 - x)=53056 }\\
\Leftrightarrow 35.x+38.1457-38.x=53056 \\
\Leftrightarrow -3.x+55366=53056 \\
\Leftrightarrow -3.x=-2310 \\
\Leftrightarrow x=-2310.\frac{1}{-3} = 770 \\
\text{Er zijn 770 kaarten van 35 euro en 687 kaarten van 38 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 13 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 13 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 10 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1921 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)