Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 15 gasten zitten, dan zijn er 195 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1132 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 42 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 41454 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1278 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 29 euro en 34 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 40197 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 14 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 8 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 5 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 3 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1305 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 40 euro en 50 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 59190 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1144 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 40997 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1391 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 37 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 44330 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 6 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1261 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 24 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 35353 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 5 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 2 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 6 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 4 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1486 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 36 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 55704 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 11 gasten zitten, dan zijn er 45 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 11 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 15 gasten zitten, dan zijn er 195 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 11.x+5 = 15.x -195 } \\
\Leftrightarrow 11.x - 15.x = -195 - 5\\
\Leftrightarrow -4x = -200\\
\Leftrightarrow x = 50 \\
\text{Er staan 50 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1132 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 42 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 41454 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\text{ 1132 - x is het aantal kaarten van 42 euro }\\
\color{red}{ 32.x+42.(1132 - x)=41454 }\\
\Leftrightarrow 32.x+42.1132-42.x=41454 \\
\Leftrightarrow -10.x+47544=41454 \\
\Leftrightarrow -10.x=-6090 \\
\Leftrightarrow x=-6090.\frac{1}{-10} = 609 \\
\text{Er zijn 609 kaarten van 32 euro en 523 kaarten van 42 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1278 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 29 euro en 34 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 40197 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 29 euro }\\
\text{ 1278 - x is het aantal kaarten van 34 euro }\\
\color{red}{ 29.x+34.(1278 - x)=40197 }\\
\Leftrightarrow 29.x+34.1278-34.x=40197 \\
\Leftrightarrow -5.x+43452=40197 \\
\Leftrightarrow -5.x=-3255 \\
\Leftrightarrow x=-3255.\frac{1}{-5} = 651 \\
\text{Er zijn 651 kaarten van 29 euro en 627 kaarten van 34 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 14 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 8 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 5 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 3 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1058 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1305 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 40 euro en 50 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 59190 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 40 euro }\\
\text{ 1305 - x is het aantal kaarten van 50 euro }\\
\color{red}{ 40.x+50.(1305 - x)=59190 }\\
\Leftrightarrow 40.x+50.1305-50.x=59190 \\
\Leftrightarrow -10.x+65250=59190 \\
\Leftrightarrow -10.x=-6060 \\
\Leftrightarrow x=-6060.\frac{1}{-10} = 606 \\
\text{Er zijn 606 kaarten van 40 euro en 699 kaarten van 50 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1144 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 40997 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\text{ 1144 - x is het aantal kaarten van 39 euro }\\
\color{red}{ 32.x+39.(1144 - x)=40997 }\\
\Leftrightarrow 32.x+39.1144-39.x=40997 \\
\Leftrightarrow -7.x+44616=40997 \\
\Leftrightarrow -7.x=-3619 \\
\Leftrightarrow x=-3619.\frac{1}{-7} = 517 \\
\text{Er zijn 517 kaarten van 32 euro en 627 kaarten van 39 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1391 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 28 euro en 37 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 44330 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 28 euro }\\
\text{ 1391 - x is het aantal kaarten van 37 euro }\\
\color{red}{ 28.x+37.(1391 - x)=44330 }\\
\Leftrightarrow 28.x+37.1391-37.x=44330 \\
\Leftrightarrow -9.x+51467=44330 \\
\Leftrightarrow -9.x=-7137 \\
\Leftrightarrow x=-7137.\frac{1}{-9} = 793 \\
\text{Er zijn 793 kaarten van 28 euro en 598 kaarten van 37 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 18 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 6 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 5 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 654 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1261 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 24 euro en 31 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 35353 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 24 euro }\\
\text{ 1261 - x is het aantal kaarten van 31 euro }\\
\color{red}{ 24.x+31.(1261 - x)=35353 }\\
\Leftrightarrow 24.x+31.1261-31.x=35353 \\
\Leftrightarrow -7.x+39091=35353 \\
\Leftrightarrow -7.x=-3738 \\
\Leftrightarrow x=-3738.\frac{1}{-7} = 534 \\
\text{Er zijn 534 kaarten van 24 euro en 727 kaarten van 31 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 5 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 2 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 6 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 4 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 652 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1486 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 36 euro en 39 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 55704 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 36 euro }\\
\text{ 1486 - x is het aantal kaarten van 39 euro }\\
\color{red}{ 36.x+39.(1486 - x)=55704 }\\
\Leftrightarrow 36.x+39.1486-39.x=55704 \\
\Leftrightarrow -3.x+57954=55704 \\
\Leftrightarrow -3.x=-2250 \\
\Leftrightarrow x=-2250.\frac{1}{-3} = 750 \\
\text{Er zijn 750 kaarten van 36 euro en 736 kaarten van 39 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 9 gasten zitten, dan hebben 5 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 11 gasten zitten, dan zijn er 45 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 9.x+5 = 11.x -45 } \\
\Leftrightarrow 9.x - 11.x = -45 - 5\\
\Leftrightarrow -2x = -50\\
\Leftrightarrow x = 25 \\
\text{Er staan 25 tafels in de feestzaal.}
\)