Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1475 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 30 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 48552 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 8 gasten zitten, dan hebben 6 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 94 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1244 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42008 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 6 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 0 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 0 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1472 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 23 euro en 26 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 36154 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1385 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 35 euro en 44 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 54973 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 5 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 8 gasten zitten, dan zijn er 62 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1298 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 43980 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 10 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 6 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 7 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 9 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 12 gasten zitten, dan hebben 11 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 14 gasten zitten, dan zijn er 43 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 12 gasten zitten, dan hebben 11 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 15 gasten zitten, dan zijn er 64 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1475 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 30 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 48552 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 30 euro }\\
\text{ 1475 - x is het aantal kaarten van 36 euro }\\
\color{red}{ 30.x+36.(1475 - x)=48552 }\\
\Leftrightarrow 30.x+36.1475-36.x=48552 \\
\Leftrightarrow -6.x+53100=48552 \\
\Leftrightarrow -6.x=-4548 \\
\Leftrightarrow x=-4548.\frac{1}{-6} = 758 \\
\text{Er zijn 758 kaarten van 30 euro en 717 kaarten van 36 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 8 gasten zitten, dan hebben 6 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 10 gasten zitten, dan zijn er 94 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 8.x+6 = 10.x -94 } \\
\Leftrightarrow 8.x - 10.x = -94 - 6\\
\Leftrightarrow -2x = -100\\
\Leftrightarrow x = 50 \\
\text{Er staan 50 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1244 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 42008 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\text{ 1244 - x is het aantal kaarten van 36 euro }\\
\color{red}{ 32.x+36.(1244 - x)=42008 }\\
\Leftrightarrow 32.x+36.1244-36.x=42008 \\
\Leftrightarrow -4.x+44784=42008 \\
\Leftrightarrow -4.x=-2776 \\
\Leftrightarrow x=-2776.\frac{1}{-4} = 694 \\
\text{Er zijn 694 kaarten van 32 euro en 550 kaarten van 36 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 6 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 0 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 11 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 0 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 990 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1472 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 23 euro en 26 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 36154 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 23 euro }\\
\text{ 1472 - x is het aantal kaarten van 26 euro }\\
\color{red}{ 23.x+26.(1472 - x)=36154 }\\
\Leftrightarrow 23.x+26.1472-26.x=36154 \\
\Leftrightarrow -3.x+38272=36154 \\
\Leftrightarrow -3.x=-2118 \\
\Leftrightarrow x=-2118.\frac{1}{-3} = 706 \\
\text{Er zijn 706 kaarten van 23 euro en 766 kaarten van 26 euro.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1385 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 35 euro en 44 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 54973 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 35 euro }\\
\text{ 1385 - x is het aantal kaarten van 44 euro }\\
\color{red}{ 35.x+44.(1385 - x)=54973 }\\
\Leftrightarrow 35.x+44.1385-44.x=54973 \\
\Leftrightarrow -9.x+60940=54973 \\
\Leftrightarrow -9.x=-5967 \\
\Leftrightarrow x=-5967.\frac{1}{-9} = 663 \\
\text{Er zijn 663 kaarten van 35 euro en 722 kaarten van 44 euro.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 5 gasten zitten, dan hebben 4 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 8 gasten zitten, dan zijn er 62 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 5.x+4 = 8.x -62 } \\
\Leftrightarrow 5.x - 8.x = -62 - 4\\
\Leftrightarrow -3x = -66\\
\Leftrightarrow x = 22 \\
\text{Er staan 22 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{De Red Flames spelen een wedstrijd tegen Portugal.}\\
\text{Door de coronamaatregelen waren er slechts 1298 toeschouwers.}\\
\text{De toegangskaarten kosten 32 euro en 36 euro.}\\
\text{In totaal bracht dit 43980 euro op.}\\
\text{Hoeveel kaarten waren er van elke soort?}\\--\\
\text{x is het aantal kaarten van 32 euro }\\
\text{ 1298 - x is het aantal kaarten van 36 euro }\\
\color{red}{ 32.x+36.(1298 - x)=43980 }\\
\Leftrightarrow 32.x+36.1298-36.x=43980 \\
\Leftrightarrow -4.x+46728=43980 \\
\Leftrightarrow -4.x=-2748 \\
\Leftrightarrow x=-2748.\frac{1}{-4} = 687 \\
\text{Er zijn 687 kaarten van 32 euro en 611 kaarten van 36 euro.}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 10 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 6 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 1297 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{In de 3e E vC had het Chinese leger een bijzondere manier om haar manschappen te tellen.}\\
\text{Tijdens het marcheren werd gevraagd om in rijen van (bvb.) 11 soldaten te lopen.}\\
\text{Achteraan noteerde iemand het aantal soldaten in de laatste (onvolledige) rij. Hier: 7 }\\
\text{Vervolgens werd gevraagd om in een ander aantal rijen te lopen, bvb. per 9 }\\
\text{De persoon achteraan noteerde (in dit geval) dat er 1 soldaten in de laatste rij stonden }\\
\text{Hoeveel soldaten zaten er in deze grote groep? }
\\--\\
\text{Dit vraagstuk heeft helemaal niets te maken met vergelijkingen van de eerste graad.}\\
\text{Het totaal aantal soldaten was 865 . Maar het had ook een andere waarde kunnen zijn.}\\
\text{Heb jij een idee?}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 12 gasten zitten, dan hebben 11 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 14 gasten zitten, dan zijn er 43 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 12.x+11 = 14.x -43 } \\
\Leftrightarrow 12.x - 14.x = -43 - 11\\
\Leftrightarrow -2x = -54\\
\Leftrightarrow x = 27 \\
\text{Er staan 27 tafels in de feestzaal.}
\)
- \(\text{In een feestzaal staan tafels.}\\
\text{Als aan elke tafel 12 gasten zitten, dan hebben 11 gasten geen plaats }\\
\text{Als er aan elke tafel 15 gasten zitten, dan zijn er 64 plaatsen over}\\
\text{Hoeveel tafels staan er in de feestzaal?}
\\--\\
\text{x is het aantal tafels}\\
\color{red}{ 12.x+11 = 15.x -64 } \\
\Leftrightarrow 12.x - 15.x = -64 - 11\\
\Leftrightarrow -3x = -75\\
\Leftrightarrow x = 25 \\
\text{Er staan 25 tafels in de feestzaal.}
\)