Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 148 meter.} \\\text{De lengte is 58 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Zahra en Ines verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 433, maar Zahra heeft er 117 minder dan Ines .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Ines doet mee aan een quiz waarin je 40 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Ines 150 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Ines juist?}\)
- \(\text{ Mila en Anthe verzamelen bebloede tanden.}\\\text{ Samen hebben ze er 408, maar Mila heeft er 76 meer dan Anthe .} \\\text{ Hoeveel bebloede tanden hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Tibo en Khadija verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 541, maar Tibo heeft er 67 meer dan Khadija .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Mila en Ines verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 396, maar Mila heeft er 74 meer dan Ines .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 128 meter.} \\\text{De lengte is 50 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 94 meter.} \\\text{De lengte is 17 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Anthe doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 4 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Anthe 154 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Anthe juist?}\)
- \(\text{ Mila en Romaisae verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 448, maar Mila heeft er 82 meer dan Romaisae .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Romaisae doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 10 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Romaisae 485 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Romaisae juist?}\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 25 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 140 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 148 meter.} \\\text{De lengte is 58 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 58 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 58) + x + (x - 58) = 148} \\
\Leftrightarrow 4.x - 116= 148 \\
\Leftrightarrow 4.x = 148 + 116 = 264\\
\Leftrightarrow x = 66 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 66 m en een breedte van 8 m}\)
- \(\text{ Zahra en Ines verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 433, maar Zahra heeft er 117 minder dan Ines .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Ines } \\
\text{ x-117 is het aantal magneten van Zahra } \\
\color{red}{x + x -117 = 433} \\
\Leftrightarrow 2.x -117 = 433 \\
\Leftrightarrow 2.x = 433 +117=550\\
\Leftrightarrow x = 275 \\
\text{ Ines heeft 275 magneten en Zahra heeft er 117 minder, dus 158 }\)
- \(\text{ Ines doet mee aan een quiz waarin je 40 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Ines 150 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Ines juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 40 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-5.(40-x) = 150}\\
\Leftrightarrow 9.x - 5.40 + 5.x = 150 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 14.x - 200 = 150 \\
\Leftrightarrow 14.x = 150 + 200=350 \\
\Leftrightarrow x = 25 \\
\text{ Ines heeft 25 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Mila en Anthe verzamelen bebloede tanden.}\\\text{ Samen hebben ze er 408, maar Mila heeft er 76 meer dan Anthe .} \\\text{ Hoeveel bebloede tanden hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal bebloede tanden van Anthe } \\
\text{ x+76 is het aantal bebloede tanden van Mila } \\
\color{red}{x + x +76 = 408} \\
\Leftrightarrow 2.x +76 = 408 \\
\Leftrightarrow 2.x = 408 -76=332\\
\Leftrightarrow x = 166 \\
\text{ Anthe heeft 166 bebloede tanden en Mila heeft er 76 meer, dus 242 }\)
- \(\text{ Tibo en Khadija verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 541, maar Tibo heeft er 67 meer dan Khadija .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal pokemonkaarten van Khadija } \\
\text{ x+67 is het aantal pokemonkaarten van Tibo } \\
\color{red}{x + x +67 = 541} \\
\Leftrightarrow 2.x +67 = 541 \\
\Leftrightarrow 2.x = 541 -67=474\\
\Leftrightarrow x = 237 \\
\text{ Khadija heeft 237 pokemonkaarten en Tibo heeft er 67 meer, dus 304 }\)
- \(\text{ Mila en Ines verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 396, maar Mila heeft er 74 meer dan Ines .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal pokemonkaarten van Ines } \\
\text{ x+74 is het aantal pokemonkaarten van Mila } \\
\color{red}{x + x +74 = 396} \\
\Leftrightarrow 2.x +74 = 396 \\
\Leftrightarrow 2.x = 396 -74=322\\
\Leftrightarrow x = 161 \\
\text{ Ines heeft 161 pokemonkaarten en Mila heeft er 74 meer, dus 235 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 128 meter.} \\\text{De lengte is 50 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 50 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 50) + x + (x - 50) = 128} \\
\Leftrightarrow 4.x - 100= 128 \\
\Leftrightarrow 4.x = 128 + 100 = 228\\
\Leftrightarrow x = 57 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 57 m en een breedte van 7 m}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 94 meter.} \\\text{De lengte is 17 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 17 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 17) + x + (x - 17) = 94} \\
\Leftrightarrow 4.x - 34= 94 \\
\Leftrightarrow 4.x = 94 + 34 = 128\\
\Leftrightarrow x = 32 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 32 m en een breedte van 15 m}\)
- \(\text{ Anthe doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 4 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Anthe 154 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Anthe juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 20 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-4.(20-x) = 154}\\
\Leftrightarrow 9.x - 4.20 + 4.x = 154 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 13.x - 80 = 154 \\
\Leftrightarrow 13.x = 154 + 80=234 \\
\Leftrightarrow x = 18 \\
\text{ Anthe heeft 18 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Mila en Romaisae verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 448, maar Mila heeft er 82 meer dan Romaisae .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal streaks van Romaisae } \\
\text{ x+82 is het aantal streaks van Mila } \\
\color{red}{x + x +82 = 448} \\
\Leftrightarrow 2.x +82 = 448 \\
\Leftrightarrow 2.x = 448 -82=366\\
\Leftrightarrow x = 183 \\
\text{ Romaisae heeft 183 streaks en Mila heeft er 82 meer, dus 265 }\)
- \(\text{ Romaisae doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 10 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Romaisae 485 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Romaisae juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 50 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 10.x-5.(50-x) = 485}\\
\Leftrightarrow 10.x - 5.50 + 5.x = 485 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 15.x - 250 = 485 \\
\Leftrightarrow 15.x = 485 + 250=735 \\
\Leftrightarrow x = 49 \\
\text{ Romaisae heeft 49 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 25 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 140 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 25 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-2.(25-x) = 140}\\
\Leftrightarrow 8.x - 2.25 + 2.x = 140 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 10.x - 50 = 140 \\
\Leftrightarrow 10.x = 140 + 50=190 \\
\Leftrightarrow x = 19 \\
\text{ Amani heeft 19 antwoorden juist}\)