Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{ Zahra doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Zahra 227 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Zahra juist?}\)
- \(\text{ Mila doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Mila 100 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Mila juist?}\)
- \(\text{ Tibo en Mila verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 418, maar Tibo heeft er 18 meer dan Mila .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 136 meter.} \\\text{De lengte is 48 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Romaisae doet mee aan een quiz waarin je 45 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 3 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Romaisae 141 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Romaisae juist?}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 116 meter.} \\\text{De lengte is 24 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 144 meter.} \\\text{De lengte is 38 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Geogrios en Emely verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 585, maar Geogrios heeft er 15 meer dan Emely .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 72 meter.} \\\text{De lengte is 18 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Emely en Khadija verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 435, maar Emely heeft er 121 minder dan Khadija .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Tibo en Geogrios verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 382, maar Tibo heeft er 6 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 73 verschillende koppen en 232 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Hyena's zijn er precies?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{ Zahra doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Zahra 227 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Zahra juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 30 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-5.(30-x) = 227}\\
\Leftrightarrow 8.x - 5.30 + 5.x = 227 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 13.x - 150 = 227 \\
\Leftrightarrow 13.x = 227 + 150=377 \\
\Leftrightarrow x = 29 \\
\text{ Zahra heeft 29 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Mila doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Mila 100 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Mila juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 50 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-2.(50-x) = 100}\\
\Leftrightarrow 8.x - 2.50 + 2.x = 100 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 10.x - 100 = 100 \\
\Leftrightarrow 10.x = 100 + 100=200 \\
\Leftrightarrow x = 20 \\
\text{ Mila heeft 20 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Tibo en Mila verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 418, maar Tibo heeft er 18 meer dan Mila .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal stickers van Mila } \\
\text{ x+18 is het aantal stickers van Tibo } \\
\color{red}{x + x +18 = 418} \\
\Leftrightarrow 2.x +18 = 418 \\
\Leftrightarrow 2.x = 418 -18=400\\
\Leftrightarrow x = 200 \\
\text{ Mila heeft 200 stickers en Tibo heeft er 18 meer, dus 218 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 136 meter.} \\\text{De lengte is 48 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 48 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 48) + x + (x - 48) = 136} \\
\Leftrightarrow 4.x - 96= 136 \\
\Leftrightarrow 4.x = 136 + 96 = 232\\
\Leftrightarrow x = 58 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 58 m en een breedte van 10 m}\)
- \(\text{ Romaisae doet mee aan een quiz waarin je 45 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 3 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Romaisae 141 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Romaisae juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 45 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-3.(45-x) = 141}\\
\Leftrightarrow 9.x - 3.45 + 3.x = 141 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 12.x - 135 = 141 \\
\Leftrightarrow 12.x = 141 + 135=276 \\
\Leftrightarrow x = 23 \\
\text{ Romaisae heeft 23 antwoorden juist}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 116 meter.} \\\text{De lengte is 24 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 24 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 24) + x + (x - 24) = 116} \\
\Leftrightarrow 4.x - 48= 116 \\
\Leftrightarrow 4.x = 116 + 48 = 164\\
\Leftrightarrow x = 41 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 41 m en een breedte van 17 m}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 144 meter.} \\\text{De lengte is 38 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 38 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 38) + x + (x - 38) = 144} \\
\Leftrightarrow 4.x - 76= 144 \\
\Leftrightarrow 4.x = 144 + 76 = 220\\
\Leftrightarrow x = 55 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 55 m en een breedte van 17 m}\)
- \(\text{ Geogrios en Emely verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 585, maar Geogrios heeft er 15 meer dan Emely .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal stickers van Emely } \\
\text{ x+15 is het aantal stickers van Geogrios } \\
\color{red}{x + x +15 = 585} \\
\Leftrightarrow 2.x +15 = 585 \\
\Leftrightarrow 2.x = 585 -15=570\\
\Leftrightarrow x = 285 \\
\text{ Emely heeft 285 stickers en Geogrios heeft er 15 meer, dus 300 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 72 meter.} \\\text{De lengte is 18 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 18 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 18) + x + (x - 18) = 72} \\
\Leftrightarrow 4.x - 36= 72 \\
\Leftrightarrow 4.x = 72 + 36 = 108\\
\Leftrightarrow x = 27 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 27 m en een breedte van 9 m}\)
- \(\text{ Emely en Khadija verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 435, maar Emely heeft er 121 minder dan Khadija .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal streaks van Khadija } \\
\text{ x-121 is het aantal streaks van Emely } \\
\color{red}{x + x -121 = 435} \\
\Leftrightarrow 2.x -121 = 435 \\
\Leftrightarrow 2.x = 435 +121=556\\
\Leftrightarrow x = 278 \\
\text{ Khadija heeft 278 streaks en Emely heeft er 121 minder, dus 157 }\)
- \(\text{ Tibo en Geogrios verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 382, maar Tibo heeft er 6 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Geogrios } \\
\text{ x+6 is het aantal magneten van Tibo } \\
\color{red}{x + x +6 = 382} \\
\Leftrightarrow 2.x +6 = 382 \\
\Leftrightarrow 2.x = 382 -6=376\\
\Leftrightarrow x = 188 \\
\text{ Geogrios heeft 188 magneten en Tibo heeft er 6 meer, dus 194 }\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 73 verschillende koppen en 232 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Hyena's zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Pinguins}\\
73 - x \text{ is het aantal Hyena's (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(73-x)=232 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.73 - 4.x = 232 \\
\Leftrightarrow -2.x + 292=232 \\
\Leftrightarrow -2.x = 232 - 292=-60\\
\Leftrightarrow x = -60.\left(\frac{1}{-2}\right)=30\\
\text{Er zijn 30 Pinguins en dus 43 Hyena's }\)