Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 75 verschillende koppen en 202 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 262 meter.} \\\text{De lengte is 95 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 81 verschillende koppen en 262 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Kamelen zijn er precies?}\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 68 verschillende koppen en 184 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\)
- \(\text{ Khadija en Mila verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 384, maar Khadija heeft er 4 meer dan Mila .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 35 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 98 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\)
- \(\text{ Geogrios doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Geogrios 242 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Geogrios juist?}\)
- \(\text{ Ines en Romaisae verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 532, maar Ines heeft er 2 meer dan Romaisae .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 142 meter.} \\\text{De lengte is 41 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Zahra en Emely verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 505, maar Zahra heeft er 73 meer dan Emely .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 250 meter.} \\\text{De lengte is 85 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Ines doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 10 euro. Bij een fout antwoord gaat er 4 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Ines 172 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Ines juist?}\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 75 verschillende koppen en 202 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Flamingo's}\\
75 - x \text{ is het aantal Hyena's (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(75-x)=202 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.75 - 4.x = 202 \\
\Leftrightarrow -2.x + 300=202 \\
\Leftrightarrow -2.x = 202 - 300=-98\\
\Leftrightarrow x = -98.\left(\frac{1}{-2}\right)=49\\
\text{Er zijn 49 Flamingo's en dus 26 Hyena's }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 262 meter.} \\\text{De lengte is 95 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 95 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 95) + x + (x - 95) = 262} \\
\Leftrightarrow 4.x - 190= 262 \\
\Leftrightarrow 4.x = 262 + 190 = 452\\
\Leftrightarrow x = 113 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 113 m en een breedte van 18 m}\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 81 verschillende koppen en 262 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Kamelen zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Pinguins}\\
81 - x \text{ is het aantal Kamelen (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(81-x)=262 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.81 - 4.x = 262 \\
\Leftrightarrow -2.x + 324=262 \\
\Leftrightarrow -2.x = 262 - 324=-62\\
\Leftrightarrow x = -62.\left(\frac{1}{-2}\right)=31\\
\text{Er zijn 31 Pinguins en dus 50 Kamelen }\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 68 verschillende koppen en 184 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Flamingo's}\\
68 - x \text{ is het aantal Hyena's (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(68-x)=184 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.68 - 4.x = 184 \\
\Leftrightarrow -2.x + 272=184 \\
\Leftrightarrow -2.x = 184 - 272=-88\\
\Leftrightarrow x = -88.\left(\frac{1}{-2}\right)=44\\
\text{Er zijn 44 Flamingo's en dus 24 Hyena's }\)
- \(\text{ Khadija en Mila verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 384, maar Khadija heeft er 4 meer dan Mila .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Mila } \\
\text{ x+4 is het aantal magneten van Khadija } \\
\color{red}{x + x +4 = 384} \\
\Leftrightarrow 2.x +4 = 384 \\
\Leftrightarrow 2.x = 384 -4=380\\
\Leftrightarrow x = 190 \\
\text{ Mila heeft 190 magneten en Khadija heeft er 4 meer, dus 194 }\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 35 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 98 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 35 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-5.(35-x) = 98}\\
\Leftrightarrow 8.x - 5.35 + 5.x = 98 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 13.x - 175 = 98 \\
\Leftrightarrow 13.x = 98 + 175=273 \\
\Leftrightarrow x = 21 \\
\text{ Amani heeft 21 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Geogrios doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Geogrios 242 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Geogrios juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 30 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-5.(30-x) = 242}\\
\Leftrightarrow 9.x - 5.30 + 5.x = 242 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 14.x - 150 = 242 \\
\Leftrightarrow 14.x = 242 + 150=392 \\
\Leftrightarrow x = 28 \\
\text{ Geogrios heeft 28 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Ines en Romaisae verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 532, maar Ines heeft er 2 meer dan Romaisae .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal pokemonkaarten van Romaisae } \\
\text{ x+2 is het aantal pokemonkaarten van Ines } \\
\color{red}{x + x +2 = 532} \\
\Leftrightarrow 2.x +2 = 532 \\
\Leftrightarrow 2.x = 532 -2=530\\
\Leftrightarrow x = 265 \\
\text{ Romaisae heeft 265 pokemonkaarten en Ines heeft er 2 meer, dus 267 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 142 meter.} \\\text{De lengte is 41 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 41 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 41) + x + (x - 41) = 142} \\
\Leftrightarrow 4.x - 82= 142 \\
\Leftrightarrow 4.x = 142 + 82 = 224\\
\Leftrightarrow x = 56 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 56 m en een breedte van 15 m}\)
- \(\text{ Zahra en Emely verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 505, maar Zahra heeft er 73 meer dan Emely .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Emely } \\
\text{ x+73 is het aantal magneten van Zahra } \\
\color{red}{x + x +73 = 505} \\
\Leftrightarrow 2.x +73 = 505 \\
\Leftrightarrow 2.x = 505 -73=432\\
\Leftrightarrow x = 216 \\
\text{ Emely heeft 216 magneten en Zahra heeft er 73 meer, dus 289 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 250 meter.} \\\text{De lengte is 85 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 85 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 85) + x + (x - 85) = 250} \\
\Leftrightarrow 4.x - 170= 250 \\
\Leftrightarrow 4.x = 250 + 170 = 420\\
\Leftrightarrow x = 105 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 105 m en een breedte van 20 m}\)
- \(\text{ Ines doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 10 euro. Bij een fout antwoord gaat er 4 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Ines 172 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Ines juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 20 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 10.x-4.(20-x) = 172}\\
\Leftrightarrow 10.x - 4.20 + 4.x = 172 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 14.x - 80 = 172 \\
\Leftrightarrow 14.x = 172 + 80=252 \\
\Leftrightarrow x = 18 \\
\text{ Ines heeft 18 antwoorden juist}\)