Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 64 meter.} \\\text{De lengte is 14 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Anthe en Mila verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 313, maar Anthe heeft er 49 minder dan Mila .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Rebecca doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 3 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Rebecca 130 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Rebecca juist?}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 166 meter.} \\\text{De lengte is 57 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 150 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 146 meter.} \\\text{De lengte is 59 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Zahra en Rebecca verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 352, maar Zahra heeft er 100 minder dan Rebecca .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 84 verschillende koppen en 256 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Kamelen zijn er precies?}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 196 meter.} \\\text{De lengte is 62 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Tibo en Mila verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 451, maar Tibo heeft er 161 minder dan Mila .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Zahra en Tibo verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 359, maar Zahra heeft er 1 minder dan Tibo .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 190 meter.} \\\text{De lengte is 61 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 64 meter.} \\\text{De lengte is 14 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 14 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 14) + x + (x - 14) = 64} \\
\Leftrightarrow 4.x - 28= 64 \\
\Leftrightarrow 4.x = 64 + 28 = 92\\
\Leftrightarrow x = 23 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 23 m en een breedte van 9 m}\)
- \(\text{ Anthe en Mila verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 313, maar Anthe heeft er 49 minder dan Mila .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal streaks van Mila } \\
\text{ x-49 is het aantal streaks van Anthe } \\
\color{red}{x + x -49 = 313} \\
\Leftrightarrow 2.x -49 = 313 \\
\Leftrightarrow 2.x = 313 +49=362\\
\Leftrightarrow x = 181 \\
\text{ Mila heeft 181 streaks en Anthe heeft er 49 minder, dus 132 }\)
- \(\text{ Rebecca doet mee aan een quiz waarin je 30 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 3 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Rebecca 130 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Rebecca juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 30 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-3.(30-x) = 130}\\
\Leftrightarrow 8.x - 3.30 + 3.x = 130 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 11.x - 90 = 130 \\
\Leftrightarrow 11.x = 130 + 90=220 \\
\Leftrightarrow x = 20 \\
\text{ Rebecca heeft 20 antwoorden juist}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 166 meter.} \\\text{De lengte is 57 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 57 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 57) + x + (x - 57) = 166} \\
\Leftrightarrow 4.x - 114= 166 \\
\Leftrightarrow 4.x = 166 + 114 = 280\\
\Leftrightarrow x = 70 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 70 m en een breedte van 13 m}\)
- \(\text{ Amani doet mee aan een quiz waarin je 20 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Amani 150 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Amani juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 20 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-2.(20-x) = 150}\\
\Leftrightarrow 8.x - 2.20 + 2.x = 150 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 10.x - 40 = 150 \\
\Leftrightarrow 10.x = 150 + 40=190 \\
\Leftrightarrow x = 19 \\
\text{ Amani heeft 19 antwoorden juist}\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 146 meter.} \\\text{De lengte is 59 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 59 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 59) + x + (x - 59) = 146} \\
\Leftrightarrow 4.x - 118= 146 \\
\Leftrightarrow 4.x = 146 + 118 = 264\\
\Leftrightarrow x = 66 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 66 m en een breedte van 7 m}\)
- \(\text{ Zahra en Rebecca verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 352, maar Zahra heeft er 100 minder dan Rebecca .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal stickers van Rebecca } \\
\text{ x-100 is het aantal stickers van Zahra } \\
\color{red}{x + x -100 = 352} \\
\Leftrightarrow 2.x -100 = 352 \\
\Leftrightarrow 2.x = 352 +100=452\\
\Leftrightarrow x = 226 \\
\text{ Rebecca heeft 226 stickers en Zahra heeft er 100 minder, dus 126 }\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 84 verschillende koppen en 256 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Kamelen zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Flamingo's}\\
84 - x \text{ is het aantal Kamelen (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(84-x)=256 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.84 - 4.x = 256 \\
\Leftrightarrow -2.x + 336=256 \\
\Leftrightarrow -2.x = 256 - 336=-80\\
\Leftrightarrow x = -80.\left(\frac{1}{-2}\right)=40\\
\text{Er zijn 40 Flamingo's en dus 44 Kamelen }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 196 meter.} \\\text{De lengte is 62 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 62 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 62) + x + (x - 62) = 196} \\
\Leftrightarrow 4.x - 124= 196 \\
\Leftrightarrow 4.x = 196 + 124 = 320\\
\Leftrightarrow x = 80 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 80 m en een breedte van 18 m}\)
- \(\text{ Tibo en Mila verzamelen pokemonkaarten.}\\\text{ Samen hebben ze er 451, maar Tibo heeft er 161 minder dan Mila .} \\\text{ Hoeveel pokemonkaarten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal pokemonkaarten van Mila } \\
\text{ x-161 is het aantal pokemonkaarten van Tibo } \\
\color{red}{x + x -161 = 451} \\
\Leftrightarrow 2.x -161 = 451 \\
\Leftrightarrow 2.x = 451 +161=612\\
\Leftrightarrow x = 306 \\
\text{ Mila heeft 306 pokemonkaarten en Tibo heeft er 161 minder, dus 145 }\)
- \(\text{ Zahra en Tibo verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 359, maar Zahra heeft er 1 minder dan Tibo .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Tibo } \\
\text{ x-1 is het aantal magneten van Zahra } \\
\color{red}{x + x -1 = 359} \\
\Leftrightarrow 2.x -1 = 359 \\
\Leftrightarrow 2.x = 359 +1=360\\
\Leftrightarrow x = 180 \\
\text{ Tibo heeft 180 magneten en Zahra heeft er 1 minder, dus 179 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 190 meter.} \\\text{De lengte is 61 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 61 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 61) + x + (x - 61) = 190} \\
\Leftrightarrow 4.x - 122= 190 \\
\Leftrightarrow 4.x = 190 + 122 = 312\\
\Leftrightarrow x = 78 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 78 m en een breedte van 17 m}\)