Krachten

Hoofdmenu Eentje per keer 

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

  1. \(\)Een veer verlengt 7600 mm en ondervindt een veerkracht van 76 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  2. \(\)Een winkelkar wordt getrokken door Imane met een kracht van 400 N. Nada trekt onder een hoek van 45° met een kracht van 300 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  3. \(\)Ilias en Dina trekken aan weerszijden van een winkelkar. Ilias trekt met een kracht van 600 N, Dina met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  4. \(\)Op Aarde (g = 9{,}81 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 68{,}67 N. Bereken de massa van het voorwerp. \(\)
  5. \(\)Een veer (k = 12 N/m) verlengt 710 cm . Wat is de veerkracht? \(\)
  6. \(\)Een veer verlengt 5{,}7 m en ondervindt een veerkracht van 57 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  7. \(\)Imane en Ilias trekken aan weerszijden van een winkelkar. Imane trekt met een kracht van 300 N, Ilias met een kracht van 700 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  8. \(\)Roukaya en Bilal trekken aan weerszijden van een winkelkar. Roukaya trekt met een kracht van 800 N, Bilal met een kracht van 1000 N. Teken en bepaal de resulterende kracht\(\)
  9. \(\)Op Uranus (g = 7{,}77 N/kg) ondervindt een voorwerp een zwaartekracht van 77{,}7 N. Bereken de zwaartekracht van het voorwerp op Mercurius (g = 2{,}78 N/kg). \(\)
  10. \(\)Een veer verlengt 3000 mm en ondervindt een veerkracht van 30 N. Wat is de veerconstante? \(\)
  11. \(\)Welke zwaartekracht ondervindt een voorwerp van 5 kg op Jupiter (g = 22{,}9 N/kg)? \(\)
  12. \(\)Een veer verlengt 77 dm en ondervindt een veerkracht van 100{,}1 N. Wat is de veerconstante? \(\)

Zet het vraagstuk om in wiskundetaal en bereken

Verbetersleutel

  1. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{76N}{7{,}6m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  2. \(\rightarrow F_{Imane} = 400 N ; F_{Nada} = 300 N \nearrow \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van ongeveer 650 N (o.b.v. schets) }\)
  3. \(\leftarrow F_{Ilias} = 600 N ; F_{Dina} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 1000 N - 600 N = 400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Dina toe}\)
  4. \(m = \dfrac{F_Z}{g} = \dfrac{68{,}67N}{9{,}81 N/kg} = 7 kg \\ \text{De massa van het voorwerp is 7 kg}\)
  5. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow F_V = (12 N/m ) . (7{,}1 m) = 85{,}2N \\ \text{De veerkracht is 85{,}2N}\)
  6. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{57N}{5{,}7m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  7. \(\leftarrow F_{Imane} = 300 N ; F_{Ilias} = 700 N \rightarrow \\F_R = 700 N - 300 N = 400 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 400 N naar Ilias toe}\)
  8. \(\leftarrow F_{Roukaya} = 800 N ; F_{Bilal} = 1000 N \rightarrow \\F_R = 1000 N - 800 N = 200 N \\ \text{De kar beweegt met een resulterende kracht van 200 N naar Bilal toe}\)
  9. \(m = \dfrac{F_Z}{2{,}78 N/kg} = \dfrac{77{,}7 N}{7{,}77 N/kg} \\ \Leftrightarrow F_Z = \dfrac{77{,}7 N .2{,}78 N/kg}{7{,}77 N/kg} = 27{,}8N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Mercurius is 27{,}8N }\)
  10. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{30N}{3m} = 10 N/m \\ \text{De veerconstante is 10 N/m}\)
  11. \(F_Z = m . g = (5 kg) . (22{,}9 N/kg) = 114{,}5N \\ \text{De zwaartekracht die het voorwerp ondervindt op Jupiter is 114{,}5N }\)
  12. \(F_V = k . \Delta l \\ \Leftrightarrow k = \dfrac{F_V}{\Delta l} = \dfrac{100{,}1N}{7{,}7m} = 13 N/m \\ \text{De veerconstante is 13 N/m}\)
Oefeningengenerator wiskundeoefeningen.be 2026-07-26 09:28:53
Een site van Busleyden Atheneum Mechelen