Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 49 verschillende koppen en 140 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Kamelen zijn er precies?}\)
- \(\text{ Anthe doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Anthe -16 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Anthe juist?}\)
- \(\text{ Tibo doet mee aan een quiz waarin je 45 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Tibo 130 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Tibo juist?}\)
- \(\text{ Khadija en Geogrios verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 270, maar Khadija heeft er 6 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 148 meter.} \\\text{De lengte is 50 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{ Rebecca en Tibo verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 515, maar Rebecca heeft er 33 minder dan Tibo .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\)
- \(\text{ Zahra en Geogrios verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 491, maar Zahra heeft er 63 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 170 meter.} \\\text{De lengte is 49 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 82 verschillende koppen en 248 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Kamelen zijn er precies?}\)
- \(\text{ Rebecca doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Rebecca 268 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Rebecca juist?}\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 59 verschillende koppen en 192 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\)
- \(\text{ Tibo en Geogrios verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 536, maar Tibo heeft er 18 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\)
Gebruik het stappenplan voor het oplossen van vraagstukken.
Verbetersleutel
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Pinguins en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Pinguins en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 49 verschillende koppen en 140 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Pinguins en Kamelen zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Pinguins}\\
49 - x \text{ is het aantal Kamelen (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(49-x)=140 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.49 - 4.x = 140 \\
\Leftrightarrow -2.x + 196=140 \\
\Leftrightarrow -2.x = 140 - 196=-56\\
\Leftrightarrow x = -56.\left(\frac{1}{-2}\right)=28\\
\text{Er zijn 28 Pinguins en dus 21 Kamelen }\)
- \(\text{ Anthe doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 8 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Anthe -16 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Anthe juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 50 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 8.x-5.(50-x) = -16}\\
\Leftrightarrow 8.x - 5.50 + 5.x = -16 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 13.x - 250 = -16 \\
\Leftrightarrow 13.x = -16 + 250=234 \\
\Leftrightarrow x = 18 \\
\text{ Anthe heeft 18 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Tibo doet mee aan een quiz waarin je 45 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 2 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Tibo 130 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Tibo juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 45 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-2.(45-x) = 130}\\
\Leftrightarrow 9.x - 2.45 + 2.x = 130 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 11.x - 90 = 130 \\
\Leftrightarrow 11.x = 130 + 90=220 \\
\Leftrightarrow x = 20 \\
\text{ Tibo heeft 20 antwoorden juist}\)
- \(\text{ Khadija en Geogrios verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 270, maar Khadija heeft er 6 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal streaks van Geogrios } \\
\text{ x+6 is het aantal streaks van Khadija } \\
\color{red}{x + x +6 = 270} \\
\Leftrightarrow 2.x +6 = 270 \\
\Leftrightarrow 2.x = 270 -6=264\\
\Leftrightarrow x = 132 \\
\text{ Geogrios heeft 132 streaks en Khadija heeft er 6 meer, dus 138 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 148 meter.} \\\text{De lengte is 50 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 50 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 50) + x + (x - 50) = 148} \\
\Leftrightarrow 4.x - 100= 148 \\
\Leftrightarrow 4.x = 148 + 100 = 248\\
\Leftrightarrow x = 62 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 62 m en een breedte van 12 m}\)
- \(\text{ Rebecca en Tibo verzamelen stickers.}\\\text{ Samen hebben ze er 515, maar Rebecca heeft er 33 minder dan Tibo .} \\\text{ Hoeveel stickers hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal stickers van Tibo } \\
\text{ x-33 is het aantal stickers van Rebecca } \\
\color{red}{x + x -33 = 515} \\
\Leftrightarrow 2.x -33 = 515 \\
\Leftrightarrow 2.x = 515 +33=548\\
\Leftrightarrow x = 274 \\
\text{ Tibo heeft 274 stickers en Rebecca heeft er 33 minder, dus 241 }\)
- \(\text{ Zahra en Geogrios verzamelen streaks.}\\\text{ Samen hebben ze er 491, maar Zahra heeft er 63 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel streaks hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal streaks van Geogrios } \\
\text{ x+63 is het aantal streaks van Zahra } \\
\color{red}{x + x +63 = 491} \\
\Leftrightarrow 2.x +63 = 491 \\
\Leftrightarrow 2.x = 491 -63=428\\
\Leftrightarrow x = 214 \\
\text{ Geogrios heeft 214 streaks en Zahra heeft er 63 meer, dus 277 }\)
- \(\text{De speelplaats heeft een omtrek van 170 meter.} \\\text{De lengte is 49 meter langer dan de breedte.} \\\text{Wat zijn de afmetingen van de speelplaats?} \\\\\text{x is de lengte van de speelplaats} \\\text{x - 49 is de breedte van de speelplaats} \\\color{red}{x + (x - 49) + x + (x - 49) = 170} \\
\Leftrightarrow 4.x - 98= 170 \\
\Leftrightarrow 4.x = 170 + 98 = 268\\
\Leftrightarrow x = 67 \\
\text{De speelplaats heeft een lengte van 67 m en een breedte van 18 m}\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Kamelen.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Kamelen samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 82 verschillende koppen en 248 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Kamelen zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Flamingo's}\\
82 - x \text{ is het aantal Kamelen (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(82-x)=248 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.82 - 4.x = 248 \\
\Leftrightarrow -2.x + 328=248 \\
\Leftrightarrow -2.x = 248 - 328=-80\\
\Leftrightarrow x = -80.\left(\frac{1}{-2}\right)=40\\
\text{Er zijn 40 Flamingo's en dus 42 Kamelen }\)
- \(\text{ Rebecca doet mee aan een quiz waarin je 50 vragen moet beantwoorden. }\\
\text{Per goed antwoord krijgt men 9 euro. Bij een fout antwoord gaat er 5 euro af.}\\
\text{Uiteindelijk verdient Rebecca 268 euro.} \\
\text{Hoeveel vragen heeft Rebecca juist?}\\\text{x is het aantal juiste antwoorden}\\
\text{ 50 - x is het aantal foute antwoorden} \\
\color{red}{ 9.x-5.(50-x) = 268}\\
\Leftrightarrow 9.x - 5.50 + 5.x = 268 \text{(distributiviteit)} \\
\Leftrightarrow 14.x - 250 = 268 \\
\Leftrightarrow 14.x = 268 + 250=518 \\
\Leftrightarrow x = 37 \\
\text{ Rebecca heeft 37 antwoorden juist}\)
- \(\text{In de zoo van California zijn er heel wat Flamingo's en Hyena's.}\\
\text{De hoogtechnologische voederbakken telden door een bug het aantal Flamingo's en Hyena's samen.} \\
\text{De machines telden in totaal 59 verschillende koppen en 192 verschillende poten.} \\
\text{Hoeveel Flamingo's en Hyena's zijn er precies?}\\
\text{x is het aantal Flamingo's}\\
59 - x \text{ is het aantal Hyena's (op basis van het aantal koppen)}\\
\color{red}{2.x + 4.(59-x)=192 } \text{ (op basis van het aantal poten)}\\
\Leftrightarrow 2.x + 4.59 - 4.x = 192 \\
\Leftrightarrow -2.x + 236=192 \\
\Leftrightarrow -2.x = 192 - 236=-44\\
\Leftrightarrow x = -44.\left(\frac{1}{-2}\right)=22\\
\text{Er zijn 22 Flamingo's en dus 37 Hyena's }\)
- \(\text{ Tibo en Geogrios verzamelen magneten.}\\\text{ Samen hebben ze er 536, maar Tibo heeft er 18 meer dan Geogrios .} \\\text{ Hoeveel magneten hebben ze elk? }\\\text{ x is aantal magneten van Geogrios } \\
\text{ x+18 is het aantal magneten van Tibo } \\
\color{red}{x + x +18 = 536} \\
\Leftrightarrow 2.x +18 = 536 \\
\Leftrightarrow 2.x = 536 -18=518\\
\Leftrightarrow x = 259 \\
\text{ Geogrios heeft 259 magneten en Tibo heeft er 18 meer, dus 277 }\)