Bepaal het voorschrift in de vorm f(x)=ax+b
\(\text {Bepaal het functievoorschrift van a(x) als de functie als richtingscoëfficiënt 4 heeft en door de punt G(-10,-2) gaat.}\)
\(\text {Bepaal het functievoorschrift van a(x) als de functie als richtingscoëfficiënt 4 heeft en door de punt G(-10,-2) gaat.}\\ \begin{align} \ & \text {Opstellen vergelijking: methode 1: invullen a = 4 en G(-10,-2)} \\ & y-y_1 = a(x-x_1) \\\Leftrightarrow & y +2 = 4(x +10) \\\Leftrightarrow & y = 4x+40-2\\\Leftrightarrow & y = 4x+38\\& a(x) = 4x+38\\& \text {Opstellen vergelijking: methode 2 invullen a = 4 en G(-10,-2)} \\ & y= ax + b \\\Leftrightarrow & y = 4x +b \\\Leftrightarrow & -2 = 4 \cdot (-10) +b \\\Leftrightarrow & -2 = -40+b \\\Leftrightarrow & b = 38\\\Rightarrow & y = 4x+38\\& a(x) = 4x+38\end{align} \\\)